Rotterdam: vrijhaven terreur?
vr 16-10-2009Omstreden rederij geweerd door Amerikanen en Britten
ROTTERDAM, Amerikaanse en Engelse inlichtingendiensten zijn ervan overtuigd: in de tientallen oceaanschepen van het Iraanse staatsscheepvaartbedrijf IRISL worden heimelijk wapens, chemicaliën en onderdelen voor het Iraanse nucleaire programma vervoerd. Na de VS heeft de Britse overheid deze week alle transacties met dit Iraanse staatsbedrijf verboden, maar in de Rotterdamse haven wordt deze verdachte bulkcarriers geen strobreed in de weg gelegd. Sterker: de Iraniërs hebben in Rotterdam hun eigen scheepsagent, Ahlers, met nauwe banden met het Iraanse regime.
Het staatsbedrijf 'Islam Republic of Iran Schipping Lines' (IRISL) is één grote dekmantel voor het vervoer van materialen voor Iraans nucleaire en raketprogramma, zeggen zowel Britten als Amerikanen.
Misleidend
Volgens hun beider ministeries van Financiën gebruikt het Iraanse militaire regime dit staatsbedrijf én valse documenten en misleidende vaarroutes om te verhullen dat er wereldwijd gevaren wordt met verboden militaire zaken. De Britse overheid zegt concrete bewijzen te hebben tegen IRISL over clandestiene zeetochten, met ladingen chemicaliën, wapens en onderdelen voor raketten en nucleaire installaties.
Opmerkelijk genoeg blijven de schepen van IRISL probleemloos afmeren in Rotterdam, ondanks alarmerende Amerikaanse berichten, de eerste al van een jaar geleden, en de deze week ingestelde Britse IRISL-boycot.
Ronny Naftaniël, directeur van het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI) in Den Haag, wil dat Nederland ook een boycot instelt tegen de Iraanse reder. "Nederland moet het goede voorbeeld volgen van Engeland en Amerika, want er zijn al zo lang zeer ernstige vermoedens over het vervoer van wapens door dit bedrijf", aldus Naftaniël, schrijver van het boek 'Iran: profiel van een terroristisch bewind'.
Bij het kantoor van de Nederlandse agent van de gewraakte staatsrederij, Ahlers BV aan de Smirnoffweg in Rotterdam, reageren medewerkers verbaasd over de Britse boycot van hun grootste klant. Het bedrijf zegt niet te kunnen reageren, omdat hun manager in Antwerpen zit, en op het punt staat definitief te vertrekken naar Iran. "Ja, die manager is een Iraniër..."
Ahlers blijkt pas sinds kort de Iraanse staatsrederij te vertegenwoordigen. December vorig jaar werd Neptumar BV uit Rotterdam plotseling als agent aan de kant gezet. Neptumar weigert vragen te beantwoorden over de beëindigde samenwerking met de Iraanse rederij.
Naar verluidt had de breuk alles te maken met een internationaal schandaal waarbij het schip Iran Deyanat werd gekidnapt voor de Somalische kust door piraten. Bij die kidnap zouden - zo willen hardnekkige verhalen - Somalische piraten ziek zijn geraakt door de clandestiene chemische of zelfs nucleaire lading van deze 200 meter lange bulkcarrier, één van de schepen uit de indrukwekkende vloot van de IRISL.
Er was iets vreselijks mis rond dat schip
Dit Iraanse staatsschip was volgens de formele scheepspapieren op weg naar Rotterdam, waar 42.000 ton cokes en mineralen moesten worden gelost voor een Duitse klant. Het was een maand na vertrek vanuit de Chinese chemiehaven Nanjing toen Somalische piraten op 21 augustus de Iran Deyanat enterden. Meerdere bronnen zeggen dat de Somalische bandieten stuitten op containers vol met chemicaliën in poedervorm, radioactief besmet zand of uranium.
Wat het ook was, binnen enkele dagen kregen de Somalische kidnappers afschuwelijke brandwonden en viel hun haar uit. Binnen twee weken stierven zestien van hen. "Er was iets vreselijks mis rond dat schip", aldus Andrew Mwangura, directeur van het East African Seafarers Assistance Programme. Haaruitval en blaarvorming suggereren hoge waarden radioactieve straling.
Over de Iran Deyanat gaat daarom het verhaal dat het eigenlijk één grote drijvende 'dirty bomb' was: één van de gehoorde scenario's is dat vlak bij de Israëlische kuststeden de bemanning het schip heeft moeten opblazen waardoor een dodelijke wolk de lucht in zou worden geblazen. Anderen speculeren dat het Iraanse schip chemische wapens en handvuurwapens wilde afleveren aan islamitische rebellen in Somalië.
Na lang onderhandelen met de kidnappers, waarbij de Amerikaanse autoriteiten tevergeefs zeven miljoen dollar boden aan de Somalische piraten om een kijkje aan boord te mogen nemen van het vermeende Iraanse smokkelschip, mocht de bulkcarrier op 10 oktober wegvaren. Hoeveel losgeld IRISL heeft betaald, is niet bekend, maar de eis was twee miljoen Amerikaanse dollars.
Geruchten
De Iran Deyanat belandde op 11 november in de Rotterdamse Waalhaven, waar havenmeester en 'port security officer' Jaap Lems het schip liet onderzoeken vanwege de geruchten over ziek geworden piraten door de vermeende chemische of nucleaire lading.
'Drijvende bommen' uit Iran wel welkom in Rotterdam
De Rotterdamse havenmeester was een week voor het binnenlopen van het mysterieuze schip gealarmeerd door de Nederlandse agent van de Iraanse rederij, Neptumar BV. Na ruggespraak met onder meer de inlichtingendienst AIVD besloot de havenmeester dat het 'spookschip' mocht afmeren aan boei 29 in de Waalhaven, waar direct na binnenkomst het schip binnenstebuiten werd gekeerd door stralings- en chemiedeskundigen. Er werd niets gevonden; diezelfde avond, dinsdag 11 november, mocht de scheepslading worden gelost. "Ach, dat schip is helemaal schoongepoetst, midden op zee, neem dat maar van mij aan", meent een ex-medewerker van de militaire inlichtingendienst.
Wéken na dit avontuur maakte de Iraanse rederij IRISL bekend de samenwerking te verbreken met Neptumar. Ahlers in Rotterdam is vanaf 1 december vorig jaar de nieuwe vertegenwoordiger voor de rederij. Maar bij Ahlers weigeren ze verder commentaar. Verwezen wordt naar IRISL Benelux, een al sinds 2003 in België zetelende joint venture tussen de Iraanse staatsrederij en de indrukwekkende multinational Ahlers Logistics and Maritime Services.
Bij het CIDI begrijpen ze niets van het ogenschijnlijke gebrek aan interesse van de Nederlandse opsporingsautoriteiten in de clandestiene handel van IRISL: "Het Duitse agentschap is door de Amerikanen beschuldigd van betrokkenheid bij de verspreiding van nucleair en chemisch materiaal, ook het Britse agentschap is daarvan verdacht. Reden genoeg, lijkt ons, voor een groot onderzoek, maar er wordt helemaal niet adequaat opgetreden."
Inmiddels eist ook CDA-Kmerlid Maarten Haverkamp een onderzoek naar de vermeende betrokkenheid van de IRISL-schepen bij illegale wapentransporten van de Iraanse rederij. Ook wil Haverkamp dat de betrokkenheid van Ahlers wordt onderzocht. Het CDA-Kamerlid vraagt zich af of de AIVD ooit de IRISL-activiteiten in Nederland heeft onderzocht. Hij eist dat het kabinet een streng inspectieregime instelt, dat tevens de activiteiten behelst van Iran Air Cargo, dat driemaal per week van Schiphol naar Teheran vliegt.Het staatsbedrijf 'Islamic Republic of Iran Shipping Lines' (IRISL) is één grote dekmantel voor het vervoer van materialen voor Iraans nucleaire en raketprogramma, zeggen zowel Britten als Amerikanen.
Uit: de Telegraaf
Zie ook: Dubieuze vracht Iran in Rotterdam (Telegraaf, 16 oktober 2009)

Terug 




