| Centrum Informatie en Documentatie Israel > Israel Nieuwsbrief 2005 | ||
CIDI Israel Nieuwsbrief 2005 |
||
Artikel - 2 september 2005
Jodenvet terug in de schappenDe ouderwetse lekkernij is eigenlijk een restproduct van aardappelzetmeel. Maar de witte blokjes ‘borsthoning’, beneden de rivieren beter bekend als ‘jodenvet’, waren in Nederland al vele jaren niet meer te koop, doordat het productieproces voor aardappelmeel veranderd was. Leo Smetsers, eigenaar van de Oirschotse snoepwinkel De Heerlijckheid, ontdekte dat het snoepgoed in Roemenië nog steeds geproduceerd wordt. Hij benaderde de fabrikant en sloot een contract voor de exclusieve import in de Benelux. Inmiddels vliegt het jodenvet onder de oorspronkelijke naam de winkels uit, gedragen door nostalgische emoties. "We zitten nog wel in de maag met het woord jodenvet", bekende Smetsers in een interview met het Eindhovens Dagblad. "Je kunt daar terecht veel kritiek op hebben, maar de naam borsthoning is in het zuiden niet bekend", aldus de snoephandelaar. Inmiddels ligt jodenvet ook elders in snoepwinkels - onder andere bij Amsterdamse vestigingen van Jamin - en niet als borsthoning of massé, maar onder de in het zuiden des lands bekende productnaam. Dat heeft tot emotionele reacties geleid van klanten, die de negatieve associaties niet op prijs kunnen stellen. Jodenvet past in een categorie aan het volksantisemitisme ontleende uitdrukkingen, zoals ‘jodenfooi’, ‘jodenpek’ (asfalt) en ‘jodenlijm’ (speeksel). Het woord ‘Jodenkoeken’ daarentegen, heeft geen negatieve connotatie, omdat het primair beoogde te verwijzen naar de kwaliteit van door Joodse bakkers en huisvrouwen gebakken boterkoek. |
||
| (c)CIDI, 2005 | ||