Centrum Informatie en Documentatie Israel > Israel Nieuwsbrief 2007 www.cidi.nl - Terug naar Home Page
 

CIDI Israel Nieuwsbrief 2007

 
  Commentaar - 24 april 2007

Onafhankelijkheidsdag

door Ronny Naftaniel

Deze week vierde Israel zijn 59ste Onafhankelijkheidsdag. Het was voor de ruim zeven miljoen inwoners, waarvan 20% met een Arabische achtergrond, een moment van vreugde en zorg. De onophoudelijke dreiging vanuit Iran en de onverzoenlijkheid van de Palestijnse regering ten opzichte van het bestaansrecht van de Joodse staat zijn reden voor bezorgdheid. Datzelfde geldt voor de wankele politieke situatie in Israel zelf. Binnenkort komt de Winograd Commissie met zijn aanbevelingen over de Libanon-oorlog van vorig jaar en deze zullen waarschijnlijk negatief uitvallen voor de legertop, de minister van Defensie en de minister-president. Mogelijk zal het kabinet daarna hervormd worden, waarbij niet mag worden uitgesloten dat de Arbeidspartij zal worden ingeruild voor de Likoed. Bovendien waren er de afgelopen week opnieuw verdenkingen van corruptie. Minister van Financiën Hirschon trad in afwachting van een justitieel onderzoek tijdelijk terug en minister Lieberman werd door de politie ondervraagd in verband met mogelijke omkoping. Veel Israeli’s verliezen door dit soort affaires het vertrouwen in de politiek.

Maar er zijn ook veel positieve ontwikkelingen te melden. De nucleaire aspiraties van Iran en de steun van het moellah-regime aan een aantal Arabische terreurorganisaties maken de Arabische staten steeds zenuwachtiger. Zodanig zelfs, dat hun angst voor het “expansionistische zionisme” aan het plaatsmaken is voor de urgentie het “sji’itische gevaar” in te dammen. Saoedie-Arabië, de Golfstaten, Jordanië en Egypte, zien Israel eerder als potentiële bondgenoot tegen de Iraanse dreiging, dan als vijand. De herleving van het Saoedische vredesplan en de pogingen van de Saoedische heersers om de Palestijnse regering in het gareel te brengen, weerspiegelen deze geopolitieke verandering.

Daarnaast moet de ongelooflijke veerkracht van de Israelische samenleving worden gemeld. De enorme intellectuele en culturele capaciteit van de bevolking is een reden trots te zijn. De kranten- en boekendichtheid zijn bekend, maar is de wereld er wel voldoende van doordrongen dat de meeste technologische vernieuwingen, zoals de Centrino-technologie voor PC’s, door Israeli’s zijn bedacht en dat het land relatief de meeste patenthouders en ingenieurs ter wereld kent? Israel heeft meer hightech ondernemingen per hoofd van de bevolking en heeft meer bedrijven genoteerd op Wallstreet dan enige ander land in de wereld. Daarnaast bezit de Joodse staat de grootste dichtheid aan musea en is er een grote hoeveelheid aan muziek-, theater- en dansgezelschappen. In dit opzicht bloeit de Joodse staat als nooit te voren. Het land heeft maar liefst 50 miljard dollar aan buitenlandse investeringen weten aan te trekken en heeft een export van 70 miljard dollar per jaar, merendeels in hightech. Het is jammer dat deze kant van het jarige Israel zo weinig belicht wordt.

 
  © CIDI, 2007