| Centrum Informatie en Documentatie Israel > CIDI in de media 2003 | ||
CIDI in de media 2003 |
||
|
HP/De Tijd 14 november 2003 Hedendaags anti-semitismeAd Fransen Steeds vaker worden joodse Nederlanders lastig gevallen door Marokkaanse jongeren. Die krijgen het antisemitisme thuis met de paplepel ingegoten. Zeven prominente joodse Nederlanders over een probleem dat hen heeft verrast. Ik was een multiculturalist, totdat ik hoorde over joodse schoolkinderen die in elkaar werden gemept door hun allochtone klasgenootjes.' Het is nog niet eens zo heel lang geleden dat waar het om racisme en anti semitisme ging, het meest werd gevreesd van extreemrechts. Uit die hoek kwamen immers, de meest onwelgevallige opvattingen over de minderheden die de afgelopen decennia in ons land waren neergestreken. Doordat de vaak in het geniep opererende rechts-radicalen zich ook nog bedienden van nazi achtige slogans en dito parafernalia, was het bruggetje met de historie voor menig opinion leader snel gelegd. "Daar heb je de bruinhemden weer. Ze gaan straks hetzelfde doen met onze allochtonen als Hitler deed met de joden." En o, o, o, als het simpele electoraat maar niet in al die extreemrechtse praatjes trapt. Om dit doemdenken aan te dikken, werd er driftig gewezen naar enge voorbeelden in het buitenland. Zat nota bene niet in Oostenrijk al ene Haider met zijn fascistische kliek in het regeringszadel? De sinistere geschiedenis van WOII was ons zo ingepeperd dat we eigenlijk niets anders meer konden bedenken dan dat het antisemitisme en racisme altijd rechts en bovendien wit moesten zijn. Daarom waarschijnlijk vond de zich als joodse burgemeester profilerende Ed van Thijn het juist tijdens de Dodenherdenking altijd nodig om te appelleren aan de tolerantie van de autochtone Amsterdammers ten aanzien van de groeiende moslimgemeenschap. Ja, islamitische immigranten zijn anders, maar dat waren de joden destijds ook en kijk eens wat er met hen gebeurde toen die verdraagzaamheid wegviel. Zo ongeveer luidde de redenering. Intussen werd streng op ons autochtonen gelet. Een ongelukkige uitval tegen een Turk of Marokkaan op het voetbalveld, in het café en je had een antiracismebureau aan je broek. Meldpunten voor Discriminatie draaiden overuren. Tenminste, die indruk krijg je als je door oude kranten bladert; elk wissewasje werd aan de kaak gesteld. Maar de vraag of de islamitische nieuwkomers uit hun thuisland zelf nog ressentimenten hadden meegenomen tegen vrouwen, homo's en joden, werd intussen vergeten of genegeerd. De islam is van huis uit anti joods, in koranverzen worden joden zelfs met apen en zwijnen vergeleken. Maar vanwege de ingesleten angst voor een herhaling van het Holocaustdrama, konden allochtonen juist rekenen op solidariteit en tolerantie uit joodse kringen. Ed van Thijn is al genoemd, schrijver Leon de Winter maakte in 1994 samen met publicist Chris van der Heijden het pamflet Handleiding ter bestrijding van extreemrechtse. Het is één grote lofzang op de multiculturele samenleving en één lange waarschuwing aan de gewone man, die de culturele eigenheid van zijn nieuwe buurman maar heeft te slikken. Tegenwoordig denkt De Winter daar wel anders over. In “De journalist” van 10 oktober vraagt hij zich retorisch af. "Kunnen mensen die afkomstig zijn uit tribale en religieuze culturen die fundamenteel afwijken van de geseculariseerde Europese christelijke culturen, integreren zonder essentiële aspecten van hun oorspronkelijke culturen op te geven of te modificeren?" Net als Van Thijn huldigde De Winter destijds het op zich edele oudtestamentische streven: "Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet." Echter, al te goed is buurmans gek. Want het geeft binnen de joodse gemeenschap op zijn minst een wrange smaak dat moslims het naast homo’s en vrouwen nu ook op joden hebben gemunt. Ziedaar, racisme en anti semitisme blijken ineens niet alleen wit, ze hebben een kleurtje gekregen. En de discriminerende leuzen worden bepaald niet meer alleen in achterafzaaltjes of donkere bierkelders gescandeerd. Anti semitisme wordt alledaags en op straat en op school openlijk en virulent bedreven door met name Marokkaanse jongeren. Om maar eens enkele recente voorvallen te noemen. Op 25 februari riepen jongens van Noord Afrikaanse afkomst in de buurt van de Liberaal joodse Gemeente in Amsterdam naar een joodse man en zijn zoontje: "Hamas, hamas, joden aan het gas." In maart en april werd een Amsterdamse joodse man op weg naar de synagoge regelmatig uitgescholden. Hij besloot zijn keppel niet meer zichtbaar te dragen. OP 4 mei van dit jaar verstoorden Marokkaanse jongeren op vijf plekken in Amsterdam de Dodenherdenking. Ze riepen onder meer: "Joden moeten we doden." Dit zijn alleen enkele incidenten van dit jaar. Maar voor de Amsterdamse rabbijn Raphaël Evers was in 2001 de kritische grens al bereikt nadat een aantal vrouwen bij het verlaten van de sjoel met stenen was bekogeld. Voorts ligt bij iedereen de pro Palestijnse demonstratie van vorig jaar april nog vers in het geheugen. Nadat demonstranten anti semitische leuzen hadden geroepen en een vlag met een davidster hadden verbrand, liep deze manifestatie uit op ernstige rellen. Heeft dit hedendaags anti semitisme een voedingsbodem of zijn het maar kwajongensstreken? Waar komt het vandaan en is het alleen een Nederlands probleem? Hoe ver gaat de tolerantie van joodse Nederlanders nu ze steeds vaker worden gepest en getreiterd door allochtonen? Zijn ze bang? En is daardoor hun visie op de multiculturele samenleving veranderd? Tijd om deze vragen eens voor te leggen aan zeven prominente Nederlanders van joodse komaf. Ronny Naftaniel 'Stoppen met anti joodse tv programma's'Bij het CIDI worden sinds jaar en dag nauwkeurig de antisemitische statistieken bijgehouden. De afgelopen drie jaar werd in de CIDI rapporten met nadruk gewezen op het groeiend aantal anti semitische incidenten door Arabische jongeren. Maar niemand die er wat aan doet, zegt directeur Ronny Naftaniel. 'Er wordt ach en wee geroepen en vervolgens sluit men de ogen weer’ Hij heeft er net antwoord over gekregen van de minister van justitie. Na vijf vellen over reeds op gang zijnde dialogen en reeds ingevulde taken door het onderwijs, concludeert de minister: "Het kabinet zal voor het bestrijden van anti semitisme geen nieuw beleid ontwikkelen." Daar had Naftaniel wel op gehoopt, en hij heeft een aantal suggesties. "Ten eerste zou de overheid stelling moeten nemen door onderscheid te maken tussen anti semitisme en algemeen racisme. Ten tweede moet de overheid keihard optreden. In de gemeente Amsterdam is vijftig procent van de jongeren allochtoon. Ik wil absoluut veel investeren in een dialoog, maar integreren betekent wel: je hand uitstrekken naar mensen die dat willen en keihard optreden tegen hen die dat weigeren. Amsterdam kan niet tolereren dat joden niet meer veilig over straat kunnen, dat ze zich moeten verbergen, dat ze bang zijn. Voorts wil Naftaniel dat er paal en perk wordt gesteld aan het anti semitische amusement waaraan menig Marokkaans gezin zich via zijn schoteltje laaft en waardoor het anti semitisme onder moslimjongeren wordt aangeblazen. Maar hoe wil hij dat bewerkstelligen zonder inbreuk te maken op het grondrecht van vrijheid van informatie? "Onzin, al die programma's hebben van origine al helemaal niets te maken met welke vrijheid dan ook. Ze zijn gemaakt op instigatie van de staat en vaak vooral bestemd voor de internationale kijkers. Nu komt er weer een nieuwe soapserie vol anti joodse tendensen aan van de Syrische tv. Is hier allemaal te ontvangen, het is puur een exportproduct. Dus ik vind dat wanneer Arabische landen handelsakkoorden willen sluiten met leden van de Europese Unie, er moet worden geëist: eerst stoppen met jullie uitvoer van anti semitische uitzendingen. Ik weet ook zeker dat die Marokkaanse jongens een stuk minder problematisch zouden zijn als ze niet naar dergelijke programma's zouden kijken." Afgelopen zondag is er in Amsterdam mede ter herinnering aan Reichskristallnacht, 65 jaar geleden een demonstratie tegen het hedendaagse anti semitisme geweest. Maar de vraag blijft waarom de joodse gemeenschap over het algemeen niet wat luidruchtiger en harder reageert tegen de nieuwe jodenhaat. Naftanniel: "Dat kan ik je snel uitleggen. Als wij de moslimgemeenschap gaan provoceren, een robbertje willen vechten, dan weet ik van tevoren wie aan het langste eind gaat trekken.” |
||