Centrum Informatie en Documentatie Israel > CIDI in de media 2003 www.cidi.nl - Terug naar Home Page
 

CIDI in de media 2003

 
 

Trouw 8 oktober 2003

Israel heeft geen belang bij een blijvende bezetting

J.A.A. van Doorn stelt dat de vicieuze cirkel van het geweld alleen doorbroken had kunnen worden als de sterkste partij, Israel, aan een oplossing was gaan werken. Israel heeft dat niet gedaan, want het is een “pijnlijk feit dat vrede niet in Israels belang is.”

In het labyrint van gestrande vredesvoorstellen en even zovele schuldvragen heeft Van Doorns visie de verleidelijke aantrekkingskracht van grote eenvoud. Vooral ook, omdat hij zijn beweringen illustreert met een reeks eenzijdige grepen uit een lange en bloedige geschiedenis. Toch knaagt er iets zeer fundamenteels. Want waarom zou alleen de sterkste partij aan een vreedzame oplossing moeten werken? Meestal leggen sterkere partijen eenvoudigweg hun wil op aan de zwakkere. Slechts als het in het eigenbelang van conflicterende partijen is, zullen deze, of ze nu sterk of zwak zijn, zoeken naar schikkingen, compromissen en vredesverdragen. Van Doorn beweert dat Israel dit eigenbelang niet heeft, maar hoe zit dat dan met de Palestijnen?

Je zou gezien hun slechte positie toch mogen verwachten dat de Palestijnen voortdurend op vrede uit zijn. In elk geval is het domste wat je als zwakkere kunt doen, geweld te gebruiken tegen de bevolking van een sterkere. Je kunt er dan zeker van zijn dat die bevolking haar spierballen zal laten zien. En dat is precies wat er al die jaren bij de Palestijnen mis is gegaan. De Palestijnse leiders hebben voortdurend compromissen tot het delen van het land afgewezen en van meet af aan hun toevlucht gezocht tot de meest perfide vorm van geweld die er bestaat, het doden van onschuldige burgers.

Als Israel geen vrede wil, zoals Van Doorn beweert, dan hebben Arafat, zijn aanhang en zijn voorgangers er alles aan gedaan Israel hiervoor de nodige argumenten te verschaffen. Daarmee hebben zij het Palestijnse volk een zeer slechte dienst bewezen.

Toch is er nog hoop. Die ligt in het feit dat Israel wel degelijk naar vrede verlangt. Israel is niet het monolithische blok waarvoor Van Doorn het verslijt. Het land bestaat uit een pluriforme samenleving, die in elke opiniepeiling laat zien dat er een meerderheid bestaat voor het opgeven van de bezette gebieden in ruil voor een echte vredesregeling. Die meerderheid zal zich ook tijdens verkiezingen laten horen, mits die er van overtuigd is dat de Palestijnen werkelijk vrede willen. Als de Palestijnse Autoriteit concrete stappen tegen terrorisme onderneemt en de burgers van Israel weer veilig de straat op kunnen, zal de Israelische democratie sterker blijken te zijn dan het griezelige nationalisme van de kolonisten en hun geestverwanten. De groot-Israel gedachte zal wegsmelten tot een onbeduidende factor als er zekerheid bestaat dat de Palestijnen Israel als Joodse staat erkennen en niet als tijdelijk fenomeen dat uiteindelijk door een moslimstaat vervangen zal worden.

Ronny Naftaniel,

Directeur CIDI, Den Haag