Is het strafbaar?

Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Share on LinkedInDigg thisShare on RedditEmail this to someonePrint this pageDeel dit

Vrijheid van meningsuiting is een groot goed in Nederland; het is vastgelegd in artikel 7 van de Grondwet. Maar die vrijheid is niet onbeperkt. Als iemand een uiting verspreidt die u kwetsend of discriminerend vindt, kunt u van alles ondernemen om daar een eind aan te maken. Als dat allemaal mislukt en als de uiting strafbaar is, kunt u aangifte te doen.
Als hulpmiddel voor het bepalen of dit mogelijk is, hieronder de artikelen die handelen over discriminatie. (Een eenvoudiger test is de checklist ‘Is het antisemitisch’.)

Antisemitisme is niet op zichzelf strafbaar, maar als ‘groepsbelediging’. De wet verbiedt aanzetten tot haat en het beledigen – in het openbaar en opzettelijk – van een bevolkingsgroep wegens hun ras, godsdienst of levensovertuiging, seksuele gerichtheid of lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap. Het openbaar maken van beledigende uitingen van anderen is ook verboden. Dit alles staat omschreven in artikel 137 van het Wetboek van Strafrecht in de volgende wetsartikelen.

Art. 137c Sr. Belediging van een bevolkingsgroep

  1. Hij die zich in het openbaar, mondeling of bij geschrift of afbeelding, opzettelijk beledigend uitlaat over een groep mensen wegens hun ras, hun godsdienst of levensovertuiging, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie.
  2. Indien het feit wordt gepleegd door een persoon die daarvan een beroep of gewoonte maakt of door twee of meer verenigde personen, wordt gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie opgelegd.

Art. 137d. Aanzetting tot discriminatie, haat of geweld jegens een bevolkingsgroep

  1. Hij die in het openbaar, mondeling of bij geschrift of afbeelding, aanzet tot haat tegen of discriminatie van mensen of gewelddadig optreden tegen persoon of goed van mensen wegens hun ras, hun godsdienst of levensovertuiging, hun geslacht, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie.
  2. Indien het feit wordt gepleegd door een persoon die daarvan een beroep of gewoonte maakt of door twee of meer verenigde personen wordt gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie opgelegd.

Art. 137e. Openbaarmaking discriminerende uitlatingen

  1. Hij die, anders dan ten behoeve van zakelijke berichtgeving:

1. een uitlating openbaar maakt die, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, voor een groep mensen wegens hun ras, hun godsdienst of levensovertuiging, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap beledigend is, of aanzet tot haat tegen of discriminatie van mensen of gewelddadig optreden tegen persoon of goed van mensen wegens hun ras, hun godsdienst of levensovertuiging, hun geslacht, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap;

2. een voorwerp waarin, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, zulk een uitlating is vervat, aan iemand, anders dan op diens verzoek, doet toekomen, dan wel verspreidt of ter openbaarmaking van die uitlating of verspreiding in voorraad heeft;

wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie.

  1. Indien het feit wordt gepleegd door een persoon die daarvan een beroep of gewoonte maakt of door twee of meer verenigde personen wordt gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie opgelegd.
  2. Indien de schuldige een van de strafbare feiten, omschreven in dit artikel, in zijn beroep begaat en er, tijdens het plegen van het feit, nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige wegens een van deze misdrijven onherroepelijk is geworden, kan hij van de uitoefening van dat beroep worden ontzet.

Art. 137f. Deelname of steunen van discriminatie

Hij die deelneemt of geldelijke of andere stoffelijke steun verleent aan activiteiten gericht op discriminatie van mensen wegens hun ras, hun godsdienst, hun levensovertuiging, hun geslacht, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.

Art. 137g. Discriminatie in ambt, beroep of bedrijf

  1. Hij die, in de uitoefening van een ambt, beroep of bedrijf personen opzettelijk discrimineert wegens hun ras, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie.
  2. Indien het feit wordt gepleegd door een persoon die daarvan een gewoonte maakt of door twee of meer verenigde personen wordt gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie opgelegd.