Syrië schiet zonder succes op Israelische luchtmacht

Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Share on LinkedInDigg thisShare on RedditEmail this to someonePrint this pageDeel dit

Afgelopen nacht hebben vliegtuigen van de Israelische luchtmacht aanvallen uitgevoerd op doelen in Syrië. Het Syrische leger heeft daarop raketten op de Israelische vliegtuigen afgevuurd, maar deze hebben geen doel getroffen. Sterker nog, tenminste één van deze raketten is door de Israelische luchtverdediging neergehaald.

Volgens Arabische media was de Israelische aanval gericht op een wapentransport bestemd voor Hezbollah in Libanon. Sinds de burgeroorlog gaande is in Syrië, ontvangt de sjiitische terreurorganisatie met regelmaat geavanceerde wapens van Iran en Syrië. Deze wapentransporten komen echter niet altijd aan: naar verluidt zou Israel met militaire acties de leveringen tegenhouden. Normaal gesproken doet Israel zeer geheimzinnig over dit soort missies, maar deze keer is de aanval bevestigd.

De aanval is onder andere bevestigd om beweringen dat Syrië de vliegtuigen geraakt zouden hebben, te ontkrachten. Het Syrische regime beweert één van de straaljagers neergehaald te hebben. Deze claim wordt door geen enkel bewijs ondersteund en wordt dan ook door Israel ontkend.

Toen de Israelische straaljagers terug boven Israel waren na uitvoering van hun missie, werden er vanuit Syrië luchtdoelraketten afgevuurd. Volgens een woordvoerder van de Israelische luchtmacht liepen de piloten echter op geen enkel moment gevaar. Tenminste één van de Syrische raketten werd neergehaald door het Arrow 3 raketafweersysteem. Deze onderschepping vond plaats in de buurt van nederzettingengebied Arvot HaYarden, waar het luchtalarm loeide. De overblijfselen van de raket kwamen in Jordanië terecht, er zijn geen meldingen van slachtoffers of schade. Dit is de eerste keer dat de Arrow 3 operationeel ingezet is, en met succes.  

 

Foto: Een F-16 van eskader 115, ook wel bekend als ‘de vliegende draken’. Bron: Israelische luchtmacht.

Bronnen: Jerusalem Post, Ynet, Arutz Sheva.