ABP ziet geen reden tot boycot Israelische banken

ABP pensioenfonds, 1Het Nederlandse pensioenfonds ABP zal de relatie met drie Israelische banken niet beëindigen. Dit berichtte het pensioenfonds 5 februari in een verklaring op zijn website. Het standpunt van dit grote pensioenfonds is hiermee tegengesteld aan dat van sommige andere Europese en Nederlandse beleggingsfondsen, zoals PGGM. Die fondsen menen dat zij door beleggingen in Israelische bedrijven in strijd zouden handelen met het internationaal recht. PGGM besloot bijvoorbeeld de betrekkingen met vijf Israelische banken te verbreken, omdat deze banken naar het idee van dit fonds Israelische nederzettingen in Palestijnse gebieden stimuleren.

ABP baseert zijn verklaring op de website, schrijft het, op twee objectieve uitgangspunten: internationale wet- en regelgeving en de uitgangspunten van de UN Global Compact. Die laatste hebben vier uitgangspunten: de Universele Verklaring van de Mensenrechten, de Internationale Verklaring over fundamenteel arbeidsrecht, de Rio verklaring over Milieu en Ontwikkeling en de VN Conventie tegen corruptie. Na gesprekken met de drie Israelische banken waarin ABP investeert, Hapoalim, Leumi en Mizrahi-Tehafot, concludeerde ABP dat deze banken niet handelen in strijd met internationale wet- en regelgeving. Ook door het ontbreken van ondersteunende gerechtelijke uitspraken ziet het fonds geen reden om de relatie te staken.

Het ABP hoopt dat bedrijven wereldwijd zich zullen gaan baseren op de universele beleidsprincipes gesteld in de UN Global Compact en dat zij die zullen betrekken bij de beoordeling van de relatie met Israelische bedrijven. Het ABP is een pensioenfonds waarbij 2,8 miljoen mensen hun pensioen hebben ondergebracht. Het fonds investeerde in 2013 een totaal bedrag van 292 miljard Euro.