Amnesty vraagt internetplatforms om boycot Joodse bedrijven in betwist gebied

Amnesty International doet vandaag een oproep aan vier grote internetbedrijven in de toeristische branche om niet langer zaken te doen met Joodse bedrijven in Oost-Jeruzalem en nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever. Volgens de non-gouvernementele organisatie (NGO) zijn de toeristische platformen Booking.com, Expedia, TripAdvisor en Airbnb medeplichtig aan mensenrechtenschendingen en oorlogsmisdaden, omdat zij geen boycotbeleid voeren.

Airbnb beloofde in november al een boycot in te stellen tegen Joodse woningen op de Westelijke Jordaanoever, maar dit gaat Amnesty niet ver genoeg. De NGO eist in haar vandaag verschenen rapport dat ook 100 Joodse verhuurders in Oost-Jeruzalem van de website verbannen worden.

Het rapport is de zoveelste poging van een goed geoliede anti-Israel lobby om toeristische bedrijven te bewegen om geen zaken meer te doen met Joden in betwist gebied. De gelijktijdige publicatie van een boycotoproep door de Nederlandse organisatie The Rights Forum doet vermoeden dat de inspanningen centraal gecoördineerd worden.

Volgens het rapport van Amnesty International profiteren de internetgiganten van handel met Joodse bedrijven in Oost-Jeruzalem en de Westelijke Jordaanoever, terwijl hun aanwezigheid daar volgens internationaal recht illegaal zou zijn. TripAdvisor ontvangt bijvoorbeeld een commissie als toeristen via de website een safari rond de Dode Zee of een rondleiding door de Oude Stad van Jeruzalem boeken.

Extreem eenzijdig
De drie meest bezochte toeristische trekpleisters van Israel (2017) – de Westelijke Muur, de Joodse wijk en de Heilige Grafkerk in Jeruzalem – liggen volgens het rapport allemaal in de bezette Palestijnse gebieden. Dit is volgens Amnesty een groot probleem, omdat toeristen op deze manier financieel bijdragen aan de instandhouding en groei van nederzettingen. Hiermee gaat de NGO volledig voorbij aan het feit dat Jeruzalem al millennia lang de heiligste stad is voor Joden. Sinds Israel in 1967 een einde maakte aan de Jordaanse bezetting van Oost-Jeruzalem, zijn de heilige plaatsen juist weer voor iedereen toegankelijk. Het is nota bene de islamitische Waqf van Jordanië die (in samenwerking met de Israelische politie) verantwoordelijk is voor de heiligste plek voor Joden, de Tempelberg.

Amnesty noemt de historische connectie met Jeruzalem echter niet één keer, en noemt de Oude Stad simpelweg “bezet Palestijns gebied”. Het rapport is ook op andere vlakken extreem eenzijdig. Amnesty International schenkt bijvoorbeeld geen enkele aandacht aan andere betwiste gebieden, zoals bijvoorbeeld Noord-Cyprus, de Westelijke Sahara, Tibet en Zuid-Ossetië. Ook roept Amnesty niet op om Arabische bedrijven in betwist gebied te boycotten, waarmee ze in feite een kant kiezen in het conflict. Ook het feit dat het rapport zich grotendeels baseert op tendentieuze claims van lokale NGO’s draagt bij aan de subjectiviteit van Amnesty.

De buitensporige en eenzijdige focus van Amnesty International op de vermeende misstanden van de enige Joodse staat, komt de organisatie op beschuldigingen van antisemitisme te staan. Kort voor het verschijnen van het rapport kwam de Israelische NGO-waakhond NGO Monitor met achtergrondinformatie over Amnesty. “Amnesty’s aanvallen op de Bijbel en Joodse geschiedenis komen bovenop een geschiedenis van wijdverspreid en diepgeworteld antisemitisme bij de NGO”, aldus NGO Monitor.

In hun uiteenzetting wijst NGO Monitor bijvoorbeeld op de sleutelrol die Amnesty speelde bij de antisemitische VN-conferentie in Durban, achttien jaar geleden. Op deze zogenaamde ‘anti-racismetop’ werden Joodse deelnemers belaagd, werd antisemitische propaganda verspreid en als klap op de vuurpijl werd in de slotverklaring zionisme gelijkgesteld met racisme. De conferentie vormde het startpunt van de wereldwijde BDS-campagne (boycot, desinvesteren en sancties) tegen Israel.

Effectieve lobby
Het rapport van Amnesty maakt deel uit van een goed geoliede en effectieve BDS-lobby om toeristische bedrijven te bewegen om geen zaken meer te doen met Joden in betwist gebied. Al enkele jaren voert een brede coalitie van anti-Israel organisaties actie tegen de internetplatforms. Als gevolg van deze lobby besloot Airbnb in november om Joodse verhuurders op de Westelijke Jordaanoever te boycotten. De beslissing kwam ‘toevallig’ een dag voor de publicatie van een rapport van Human Rights Watch (HRW) over de vermeende mensenrechtenschendingen waar Airbnb en Booking.com aan bij zouden dragen.

HRW voert sinds twee jaar actie tegen de internetbedrijven en wordt daarbij gesteund door diverse andere BDS-organisaties zoals bijvoorbeeld Jewish Voice for Peace, het Israelische Kerem Navot, Who Profits en de Palestijnse Autoriteit. De groepen worden financieel gesteund door de Europese Unie en het Amerikaanse Rockefeller Brothers Fund, bleek in november uit onderzoek van NGO Monitor. Ook Nederlandse BDS-organisaties ontvingen in het verleden steun van dit fonds: zo schonken ze The Rights Forum twee jaar terug 40.000 dollar.

Het door oud-premier Dries van Agt opgerichte The Rights Forum (TRF) maakte vandaag bekend een brief te hebben gestuurd naar het Nederlandse bedrijf Booking.com. In de brief roepen TRF en drie andere BDS-clubs de website op om geen zaken meer te doen met Joden op de Westelijke Jordaanoever, in Oost-Jeruzalem en op de Golanhoogten. De brief werd al in december verstuurd, naar aanleiding van het HRW-rapport, maar ‘toevallig’ valt de bekendmaking van de actie samen met de publicatie van Amnesty.

Reactie
Het eenzijdige rapport is reden voor de Israelische minister Gilad Erdan (Strategische Zaken) om een onderzoek in te stellen naar Amnesty International. Volgens The Jerusalem Post heeft Erdan het ministerie van Financiën gevraagd om een einde te maken aan belastingvoordelen die Amnesty in Israel geniet. Ook onderzoekt hij de mogelijkheid om buitenlandse medewerkers van de NGO de toegang tot Israel te weigeren. “Amnesty is een leider geworden van de antisemitische BDS-campagne,” liet Erdan dinsdagavond via Twitter weten. “Het rapport dat ze vanavond publiceren is een schandelijke poging om feiten te verdraaien, Joodse geschiedenis te ontkennen en Israel te delegitimiseren.”

Minister Yariv Levin (Toerisme) voegde daaraan toe dat Israel zich zal verzetten tegen de “verachtelijke antisemitische beslissing” van Amnesty. “Niemand kan de simpele historische waarheid ontkennen: het Land Israel behoort toe aan het Joodse volk. Niemand kan Israel – of delen daarvan – boycotten.”