Spreek van ‘jodenhaat’ en bestrijd antisemitisme – Opinie

IN ANTISEMITISME / Door: CIDI / 26 mei 2022

De president van het World Jewish Congress deed een oproep om in het taalgebruik het woord ‘antisemitisme’ te vervangen door het woord ‘Jodenhaat’. Het woord ‘antisemitisme’ heeft aan betekenis verloren, stelt Lauder. Aron Vrieler wijst op het belang van taal, de geschiedenis van het woord en de connotatie. 

Foto: Pexels.

Zo een zwaar onderwerp, aangeduid met twee totaal verschillende benamingen. Welk woord moeten we gebruiken? ‘Antisemitisme’ of ‘Jodenhaat’? Woord- en taalgebruik heeft ongekende invloed op ons denken en voelen, en dus op ons handelen.

Schijnbaar kleine en subtiele verschillen hebben soms een wereld van verschil in betekenis:  Tijdens de Holocaust zijn Joden in vernietigingskampen niet ‘omgekomen’, maar ‘vermoord’. Het heeft geen zin om dat punt heen te draaien. In de Gouden Eeuw waren uit Afrika ontvoerde mensen in koloniën niet ‘slaaf’, maar ‘tot slaaf gemaakt’. Waarom zouden we die mensonterende status, die we zelf hebben bedacht, impliciet accepteren? We hoeven niet te spreken van ‘Joodse mensen’, alsof het bijvoeglijk naamwoord ‘Joods’ eufemistisch gebruikt moet worden. Niemand zou zich ervoor hoeven schamen om Joods te zijn, ondanks wat sommige haters vinden – we spreken gewoon van ‘Joden’.

 De vraag dringt zich op: moeten we spreken van ‘antisemitisme’ of ‘Jodenhaat’? Ronald Lauder, filantroop en president van het Joods Wereldcongres, deed onlangs zijn duit in het zakje met een oproep aan de wereld: “Antisemitisme moet genoemd worden voor wat het echt is: Jodenhaat … dat is hoe we het kunnen bestrijden… Stop ermee om het antisemitisme te noemen, als het gewoon Jodenhaat is”.

 Hij maakt een belangrijk punt: je moet het beestje bij de naam noemen. Juist in discussies over een ernstig onderwerp als de eeuwenoude haat tegen Joden. Het heeft geen zin om in het vage te blijven over wat je benoemt. En Jodenhaat, het moge duidelijk zijn, is een echt probleem, een geschiedenis zonder afsluitend hoofdstuk. In 2021 registreerde CIDI 183 anti-Joodse incidenten. Een onderzoek dat CIDI liet uitvoeren door Utrecht Data School vond in het kalenderjaar 2020 ruim 200,000 uitingen van Jodenhaat op Nederlandse sociale media. Beide zijn vrijwel zeker nog maar het puntje van de ijsberg.

Een vermomming voor Jodenhaat

De term antisemitisme, aan de andere kant, is vaag en heeft iets intellectualistisch. De bedenker van de term, de Duitse publicist Wilhelm Marr (1819-1904), wilde de reeds bestaande Jodenhaat salonfähig maken. Hij was bang dat de grote massa zich niet zou herkennen in ‘Judenhass’. De afkeur van Joden moest als iets moderns gepresenteerd worden, als iets dat logica heeft. Zo kwam hij uit op het pseudo-intellectuele ‘Antisemitismus’: een verwijzing naar het Semitische, een een talengroep waar het Hebreeuws onder valt, maar ook Arabische dialecten en het Maltees.

De angst voor ‘Joodse invloed’ in de breedste zin zou gerechtvaardigd zijn door kwaadaardige kwaliteiten die hun wortel zouden hebben in de van oorsprong door Joden gesproken taal. Tegelijk was Marr vanaf het begin duidelijk dat zijn nieuwe term alleen betrekking had op Joden, en niet op andere bevolkingsgroepen. De stempel ‘antisemiet’ moest een ereteken zijn. Maar de bedenker van de term heeft geen patent op de betekenis. ‘Antisemitisme’ is een synoniem voor ‘Jodenhaat’ geworden, zonder positieve connotatie.

Waarom wordt het woord antisemitisme überhaupt gebruikt? De waarde ervan zit hem juist in de verwijzing naar de onderliggende, al dan niet veronderstelde, ideologie. Een ‘isme’. Net als communisme, kapitalisme, racisme – ga zo maar door. Het stukje ‘-isme’ laat zien dat in de hoofden van mensen Jodenhaat op een of andere manier wordt gerechtvaardigd. Misschien niet zoals Marr dat destijds deed, maar wel op andere manieren: ‘Joden zijn wit! Ze hebben privilege, dus moeten we ze niet beschermen’ of ‘Joden en Israel zijn één pot nat! We doen recht aan de Palestijnen door onze Joodse buren aan te vallen’ of zelfs: ‘De Holocaust dient om ons een schuldgevoel aan te praten! Het is allemaal een list geweest van de Joden’.

Niemand zegt meer een antisemiet te zijn

Vrijwel niemand zal desgevraagd toegeven Joden te haten. Maar toch is Jodenhaat springlevend. Het zijn precies de ‘excuses’, de ‘ismen’, die ervoor zorgen dat Jodenhaat te vaak niet als zodanig herkend wordt, en dat antisemitisme zich steeds weer opnieuw weet uit te vinden. CIDI komt op voor het recht van Israel en het Joodse volk (waar ook ter wereld) op een veilig bestaan. Het zal niet verbazen dat CIDI vaak over Jodenhaat en antisemitisme spreekt. De termen ‘antisemitisme’ en ‘Jodenhaat’ zijn in feite synoniemen, en worden dikwijls door elkaar heen gebruikt.

CIDI zal daar vermoedelijk niet van afwijken, omdat beide termen een ander aspect van hetzelfde maatschappelijke probleem accentueren. We mogen Ronald Lauder dankbaar zijn dat hij ons scherp houdt, en herinnert waar het echt om draait: niet ellenlang proberen te begrijpen, zonder het ook daadwerkelijk te bestrijden.

 

Vaker achtergronden bij het nieuws via audio? Volg Mizrach Mezze op je favoriete podcast-app.