“Ballon-aanvallen uit Gaza worden strak aangestuurd door Hamas”

IN ISRAEL / Door: PAUL VAN DER BAS / 14 jun 2019 GAZA HAMAS

“Er wordt geen enkele brandballon opgelaten zonder toestemming van Hamas”

Het Israelische leger heeft steeds meer bewijs dat de brandballon-acties vanuit Gaza strak worden georganiseerd en geleid door Hamas. Er is dus geen sprake van ‘spontane’ protesten, zoals soms wordt gesuggereerd.

Nieuw dreigement: gifballonnen
Sinds vorig jaar worden regelmatig ballonnen met brandbare stoffen en ontstekingsmechanismes vanuit Gaza de Israelische grens overgestuurd. De ballonnen veroorzaken grote branden in het Israelische grensgebied en hebben al meerdere hectares aan natuur- en landbouwgrond verwoest. Deze week presenteerde Hamas een nieuwe ontwikkeling in de terreurstrategie: in een videoclip is een groep terroristen te zien die ballonnen met – aldus de video – giftige stoffen voorbereiden. In een interview met de door Hamas gecontroleerde website Gaza Now vertellen de Hamas-leden dat zij steeds beter in staat zijn om de ballonnen verder weg te laten vliegen, en ze een groter gewicht te laten dragen. De verbetering in het draagvermogen van de ballonnen is, evenals de giftige stoffen, een innovatie van een gespecialiseerde terreurcel binnen Hamas. “Wat we hier hebben zal zowel de gezichten als de gedachten van de zionisten aantasten” aldus de man in de interview.

Het is nog onzeker of er daadwerkelijk sprake is van giftige ballonnen – van Israelische zijde zijn hier nog geen berichten over.

De gespecialiseerde ballonnen-terreurcel is vernoemd naar Ahmad Zawari, een Hamas-ingenieur die in Tunesië is geliquideerd. De groep fungeert als een professionele legereenheid met enkele honderden terroristen. De leiding van de groep is in handen van Ahmad Abu Hlal, zijn rechterhand is Osama Abu Dlal. Volgens de Israelische inlichtingendienst is Abu Dlal verantwoordelijk voor het smokkelen van ballonnen en grondstoffen. Een derde man, Rajab Hatib, zou verantwoordelijk zijn voor het ontwikkelen van wapens. Het gaat dus om een strak geleide terreureenheid, een wereld van verschil met het beeld van “onschuldige kinderen” die “spontaan” ballonnen oplaten, zoals dat eerder werd geschetst.

Door Gaza’s ligging tussen Israel en de Middellandse Zee, kan Hamas eenvoudig gebruikmaken van de windrichting om ballonnen naar Israel te laten vliegen. De voornoemde terreureenheid heeft meerdere afdelingen die verspreid opereren langs de grens met Israel. Elke cel heeft een strakke taakverdeling, inclusief beveiligingsmensen.

Strakke discipline
Die strakke discipline is opvallend, aldus de Israelische inlichtingendiensten. De groepen worden centraal aangestuurd vanuit Hamas, die aangeeft wanneer ballonnen moeten worden opgelaten en wanneer de terreur moet worden gestaakt. “Als Hamas het wil, gaat er geen enkele ballon de lucht in, is er geen enkele demonstrant bij het grenshek en is er überhaupt geen activiteit”, zeggen Israelische legerfunctionarissen tegen mediakanaal Mako.

Inwoners grensgebied willen actie
Israelische inwoners van het gebied zijn boos, en eisen een hardere aanpak door het leger om de vijandigheden te stoppen. “Het maakt niet uit hoe, maar ons leven wordt dagelijks geterroriseerd” zeggen ze. “Of het nu komt van een bom, rakket of een ballon, de schade blijft groot en de ontregeling van ons leven is enorm”. De verbranding van talloze velden – nog verergerd door de hitte en droogte in deze tijd van het jaar – is hartverscheurend voor bewoners, zeker nu de velden bijna klaar zijn om te worden geoogst. Elke dag nemen de branden toe, zonder dat het Israelische leger een passend antwoord lijkt te hebben.  

Israelische analisten denken dat Hamas de verkiezingstijd misbruikt voor steeds meer acties, in de wetenschap dat Israel op dit moment geen oorlog zal beginnen. En als er luchtaanvallen komen, kan Hamas schuilen in de speciaal gegraven tunnels. De burgerbevolking van Gaza kan dat niet, maar daar lijkt Hamas weinig om te geven. Sterker nog, de beelden van een lijdende burgerbevolking leveren de terreurbeweging alleen maar punten op in de propagandastrijd