Commentaar: Barack Obama

Met de keuze van Barack Obama als president is de Amerikaanse Midden-Oostenpolitiek terug bij de dagen van Bill Clinton. Die speelde een actieve bemiddelaarsrol, wat ondermeer leidde tot de Oslo-akkoorden en de vrede met Jordanië. Obama ziet het Palestijns-Israelisch conflict als een constante zorg, die “de gehele buitenlandse politiek infecteert”, zo verklaarde hij in een recent interview in The Atlantic. Daarom is te verwachten dat hij zich veel actiever met Israeli’s en Palestijnen zal gaan bezighouden, dan zijn voorganger George Bush.

Voor Bush had de strijd tegen de landen van de ‘as van het kwaad’ prioriteit. De adviseurs waarmee de nieuwe president zich omringt, zoals Dennis Ross (oud-bemiddelaar) en Daniel Kurzer (oud-VS ambassadeur in Israel en Egypte), die beiden intensief bij Clintons Midden-Oosten beleid betrokken waren, zijn voor die actieve benadering een andere vingerwijzing.

Hoe succesvol dit nieuwe, oude, beleid zal zijn hangt natuurlijk in hoge mate af van Obama’s Palestijnse en Israelische tegenspelers. Dennis Ross en Obama hebben al gezegd dat zolang Hamas het in Gaza voor het zeggen heeft het moeilijk zal zijn vrede te sluiten. Beiden wijzen gesprekken met Hamas af. Aan de Israelische kant is van belang wie de Knessetverkiezingen in februari wint: Netanyahu of Livni. De Obama-benadering van actieve diplomatie zal ook zijn weerslag hebben op de kwesties Iran en Syrië. Het onder Turkse bemiddeling voortkruipende vredesproces tussen Syrië en Israel krijgt door Obama’s verkiezingsoverwinning een impuls. Voor de regering Bush en de republikeinse kandidaat John McCain was Syrië een pariastaat, die geïsoleerd moet worden. Dat stond haaks op het Israelische belang, dat erop gericht is het bondgenootschap tussen Syrië en Iran door te knippen en zijn noordgrens te beveiligen.

Obama heeft aangekondigd geen probleem te hebben met gesprekken, zonder voorwaarden vooraf, met de Iraanse leiders. De voorzitter van het Iraanse parlement noemde daarop Obama de meest “flexibele” van de twee Amerikaanse presidentskandidaten. Maar Obama is ook voorstander van scherpere sancties tegen het moellahregime. Hiervoor waren de republikeinen huiverig. Het gesprek dat de nieuwe Amerikaanse president wil voeren, zal niet anders dan een herhaling zijn van hetgeen de Europeanen eerder hebben geprobeerd. Die beloofden Iran economische steun als het zijn nucleaire programma onder toezicht zou laten plaatsen. Dat voorstel werd vierkant afgewezen. Islamitische fundamentalisten laten zich niet door de rede overtuigen, maar denken het woord van Allah uit te voeren.

De verandering, die Obama zegt na te streven, zal zeker weer hoop kunnen geven voor de oorlogsmoeie inwoners van het Midden-Oosten. Maar sommige kwesties zitten zo muurvast, dat je er met diplomatie alleen niet komt.

Ronny Naftaniel