Blinde eenzijdigheid

De dramatische geweldsspiraal tussen Israel en de Palestijnen bracht dit weekeinde Nederlandse politici ertoe Israel krachtig te veroordelen. Minister Van Aartsen bepleitte een gezamenlijk Europees-Amerikaans initiatief om Israel tot de orde te roepen, premier Kok meende dat Israel bijdraagt tot escalatie en oud-minister Van den Broek verwees in het programma Buitenhof naar anonieme Israelische bronnen die premier Sharon "een Joodse Hitler" noemen.

door Ronny Naftaniel

Verder bepleitten de kamerleden Karimi (Groen Links) en Koenders (PvdA) het opschorten van het Associatieverdrag met Israel. Koenders vindt het optreden van Israel "dicht bij oorlogsmisdaden" liggen.

Wat opvalt aan deze kritiek is de eenzijdigheid. Zeker, Sharon valt een hoop te verwijten, maar de blindheid die de politici tonen voor de Palestijnse agressie is stuitend. In koor spreekt men elkaar na dat de bezetting de oorzaak is van de Palestijnse opstand. De zelfmoordterroristen worden vergoelijkt als "verzetsstrijders", daarbij vergetend dat geen enkele legitieme verzetsstrijder zijn heil zoekt in het rücksichtslos vermoorden van burgers. Dat de bezetting voortduurt ligt bovendien niet alleen aan Israel, maar vooral aan de Palestijnse weigering in te gaan op de voorstellen van ex-premier Barak een Palestijnse staat te stichten op 97% van de Westbank en Gazastrook met Oost-Jeruzalem als hoofdstad. Het is niet Sharon, die voortdurend oproept tot een jihad, maar Arafat, die de gewapende strijd gebruikt om Israel als Joodse staat te ondermijnen. Bovendien is de eenzijdige kritiek hypocriet. De politici spreken Israel aan, omdat men gelooft dat druk op de regering zin heeft. Anders dan het Palestijnse gebied is Israel immers een democratie met een actieve vredesbeweging en afhankelijk van economische contacten met het Westen. Maar als men werkelijk zo begaan is met de slachtoffers van het geweld, dan zouden politici beter een troepenmacht van VS- en EU-militairen kunnen bepleiten, die de partijen scheidt en erop toeziet dat het geweld stopt. Dat gebeurt niet, ondermeer omdat men bang is dat zo’n vredesmacht door terreur geteisterd zal worden.

Het enige realistische alternatief voor het stoppen van het bloedvergieten is hernieuwde Amerikaanse bemiddeling, tezamen met het bij beide partijen tergend traag doorbrekend besef dat geweld de oplossing niet kan brengen. Er is een sprankje hoop. De Amerikaanse bemiddelaar Zini en vice-president Cheney zijn momenteel in het Midden-Oosten. Bovendien heeft Arafat eindelijk de moordenaars van minister Ze’evi opgepakt en heeft premier Sharon zijn verlammende eis van 7 dagen rust voor het hervatten van vredesbesprekingen ingetrokken. De extreemrechtse partijen zijn uit de Israelische regeringscoalitie gestapt. Uiteindelijk staat één ding vast: elke explosie van geweld in de wereld heeft altijd tot onderhandelingen en tot een uiteindelijke regeling geleid.