CIDI vraagt minister De Boer rapport formeel in te trekken

Na medewerking extreem-rechtse Kusters – Vorige week werd bekend dat de rechts-extremist Constant Kusters door een onoplettende ambtenaar van het ministerie van VROM werd uitgenodigd mee te werken aan een officieel rapport over de toekomst van ons land. De maatregelen die het ministerie daarop trof, beperkten zich tot het vernietigen van de nog op de plank liggende exemplaren van het rapport.

CIDI vroeg minister De Boer van VROM daarop het oorspronkelijke, integrale rapport Nederland 2030, Het debat officieel in te trekken. “Alleen daarmee kan het ministerie zich distantiëren van dit compromitterende rapport. Een herziene versie met officiële status zal duidelijk maken dat het ministerie er de ernst van inziet in deze kwestie zelfs niet de schijn tegen te hebben. Bovendien verzoek ik u uw betreffende ambtenaar te berispen over haar keuze Kusters bij deze rapportage te betrekken. (…)”. In haar antwoord dat CIDI een dag later ontving zei minister De Boer “geschokt” te zijn over de kwestie en er “met boosheid en verontwaardiging” van kennis te hebben genomen. Zij bevestigt voorts de vernietiging van e.e.a. Zij gaat echter niet in op het verzoek van CIDI het rapport in te trekken en de ambtenaar te berispen. CIDI heeft er daarom vrijdag jl. opnieuw bij de minister op aangedrongen “het rapport dat toch in deze vorm is uitgegeven, formeel in te trekken”.

In het rapport worden volgens de betreffende ambtenaar de ideeën geïnventariseerd van ‘vertolkers van nieuwe maatschappelijke geluiden en acties die nog niet zijn doorgestoten naar de bovenstroom’, over het jaar 2030. De geïnterviewden zijn volgens deze ambtenaar allen ‘inventieve mensen, boeiende mensen, slimme mensen die hun “goede” of “kwade” zaakjes goed regelen’. Kusters verklaart in het door hem gegeven interview een overtuigd nationaal-socialist te zijn. Hij pleit voor een Europa voor de Europeanen.

In zijn brief heeft CIDI de minister geïnformeerd over Constant Kusters. CIDI heeft een aantal strafklachten tegen hem lopen, onder meer omdat hij in het blad Jongerenfront Nederland ‘94-nieuws Rabin een “Jodenzwijn” noemt. In 1997 en 1998 werd hij driemaal wegens diverse misdrijven veroordeeld.

CIDI vraagt zich af wat het ministerie kan hebben beoogd met een rapport “waarin iemand met een racistische overtuiging én met een strafblad, de gelegenheid wordt geboden zijn abjecte ideeën te uiten”.