‘De benepen reactie op de Abraham Akkoorden weerspiegelt helaas hoe er gedacht wordt’

De reactie vanuit Nederland en de Europese Unie op de Abraham Akkoorden vindt Han ten Broeke ‘benepen’. Hij ziet gebrekkig beleid jegens het Midden-Oosten. Ten Broeke, directeur political affairs van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies, was te gast in Mizrach, de podcast van CIDI. Hij stelt dat er vanuit Nederland “onvoorstelbaar zuinig, maar ook gemankeerd” is gereageerd op de historische normalisatie tussen Israel en een aantal Arabische landen. “Ik vrees dat die benepen reactie ook weerspiegelt hoe er binnen Buitenlandse Zaken gedacht wordt.” Ten Broeke heeft ook een idee van hoe de reactie wel zou moeten zijn.

Han ten Broeke in gesprek met Jos Hummelen en Aron Vrieler van CIDI voor de podcast ‘Mizrach’.

Han ten Broeke, voormalig buitenlandwoordvoerder voor de VVD noemt de Abraham Akkoorden in Mizrach “het beste wat er is gebeurd sinds Oslo”, oftewel de Oslo-Akkoorden die voorzien in wederzijdse erkenning tussen Israel en de Palestijnse Autoriteit. Hij kijkt dan ook anders naar de Abraham Akkoorden dan er vanuit Buitenlandse Zaken naar wordt gekeken. “Het is veel historischer dan de waarde die er door Europese landen, inclusief Nederland, aan is gegeven.” Ten Broeke is opgetogen over de waarde van de recente akkoorden: “het zegt dat men in de regio af wil van het vijandbeeld ten opzichte van ‘de zionistische staat.’” Ook kijkt Ten Broeke vooruit en spreekt over Saoedi Arabië, Oman en Indonesië als mogelijke moslimlanden ook tot de akkoorden zullen toetreden. “Oman lijkt mij het meest logisch, daar zou ik het minst van opkijken. (…) Ik heb zelf wel enige hoop dat Indonesië ook vrede zal sluiten. [Dat is, red] het land met de meeste moslims. Dat zou echt een grote stap zijn.”

Het verkeerde prisma

Ten Broeke verklaart de reactie vanuit onder andere Nederland door het consequent aanmeten van een ‘verkeerd prisma’. Hij heeft het over Buitenlandse Zaken als hij zegt: “Die kunnen niet meer anders naar de regio kijken dan door het prisma van het Israelisch-Palestijns conflict. Ik heb nieuws voor jullie: dat doen zelfs de Palestijnen niet.”

“In plaats dat we onze buitenlandpolitiek op Israel en de Palestijnen hebben gemoderniseerd, kachelen we achteruit.” 

Ten Broeke legt uit: “De neiging van Nederland om in de waardering voor vredesonderhandelingen van Israel met landen in de regio, ook als die met andere Arabische staten plaatsvindt dan de toekomstige Palestijnse staat, dat deze altijd door het prisma worden bekeken van het Palestijns-Israelische conflict.” Ten Broeke vindt dat een laakbare houding en vervolgt: “Daarmee beperk je je buitenlandbeleid in het Midden-Oosten tot wat de Palestijnen ervan vinden. Daar doe je de Palestijnen geen plezier mee. Daar help je hen niet mee. Daarmee vervreemd je [tevens, red] Israel van je.” 

Ten Broeke concludeert daarom: “In plaats dat we onze buitenlandpolitiek op Israel en de Palestijnen hebben gemoderniseerd, kachelen we achteruit.” 

Een betere reactie

Mochten de Abraham Akkoorden voor meer Arabische landen gaan gelden, dan geeft Han ten Broeke alvast een voorzet voor een betere reactie. “De reactie van Europa en dus ook van Nederland zou daar heel erg stimulerend en dus ook positief op moeten zijn. (…) Daar zouden we actief aan moeten willen bijdragen. (…) Die akkoorden doen namelijk een paar dingen die Europa toch al deed. Namelijk het stimuleren van economische-, (…) culturele- en intermenselijke betrekkingen.” Die kans zal Nederland waarschijnlijk nog wel krijgen, nu er steeds meer geluiden zijn dat ook andere Arabische en islamitische hun banden met Israel willen gaan normaliseren.