Dossier: Palestijnse Autoriteit

De Palestijnse Autoriteit en Nederland

De PA en Nederland
Nederland erkent geen Palestijnse staat. De laatste keer dat de Algemene Vergadering van de VN stemde over de erkenning van een Palestijnse staat, onthield Nederland zich van stemming. Wel zijn er diplomatieke betrekkingen: de PA heeft een missie in Nederland, en Nederland heeft een diplomatieke vertegenwoordiging in Ramallah.

Bovendien steunt Nederland de PA met ontwikkelingshulp. Zo financiert de Nederlandse overheid onder meer onderwijs, projecten in de agrarische sector en dergelijke. Ondanks het feit dat de PA financiële middelen aanwendt om uitkeringen voor veroordeelde terroristen te betalen, blijft Nederland – in navolging van de Europese Unie – steun verlenen aan de PA.

Daarnaast steunt Nederland de Palestijnse Autoriteit op regelmatige basis binnen de VN, waarmee de schijn van de-facto erkenning wordt gewekt en legitimiteit wordt verleend aan de statelijke pretentie van de Palestijnse Autoriteit. Zo stemde Nederland eind 2018 voor de Palestijnse kandidatuur om de zogeheten ‘Groep van 77’, een coalitie van 77 ontwikkelingslanden, te leiden. Hoewel de regering de Palestijnse Autoriteit dus niet zegt te erkennen, stelt Nederland zich binnen internationale fora in dit opzicht ambigu op.

Terreurbetalingen
In 2013 en in 2016 nam de Tweede Kamer moties aan waarin de regering wordt opgeroepen om bezwaar te maken tegen deze betalingen aan terroristen. Recent onthulde CIDI op basis van een Wob-verzoek dat de Nederlandse regering de PA maar liefst twintig keer heeft aangesproken op de terreurbetalingen. Deze bezwaren bleken tevergeefs, want de betalingen vinden nog steeds plaats.

Op 29 november 2018 nam de Tweede Kamer een motie aan die de regering oproept om de hulp aan de Palestijnse Autoriteit met 1,5 miljoen euro te korten (zo’n 7 procent van het totaalbedrag) wanneer de PA doorgaat met het koppelen van de hoogte van uitkeringen aan de lengte van de straf. Op dit moment is het zo dat een langere gevangenisstraf een hogere uitkering oplevert. De motie richt zich specifiek op deze koppeling, niet op de betalingen an sich.

Afbeelding: Ministerie van Buitenlandse Zaken.