Dossier: BDS - de boycotbeweging tegen Israel

BDS - van 'Boycott, Divestment, and Sanctions' of Boycot, Desinvesteren en Sancties - is de internationale boycotbeweging tegen Israel. De BDS-beweging bepleit een internationaal isolement van Israel. Daarom zet de BDS-campagne overheden, bedrijven, universiteiten en andere instellingen die op wat voor manier dan ook samenwerken met Israel, onder druk om die samenwerking te beëindigen. BDS zegt een einde te willen maken aan de bezetting en de onderdrukking van Palestijnen. In de praktijk blijkt BDS een tactiek om het bestaansrecht van Israel te ondermijnen. 

Reacties op BDS

Reacties op BDS
Meerdere landen en lokale overheden hebben de afgelopen jaren maatregelen genomen om de haat van de boycotbeweging een halt toe te roepen. Israel heeft in 2011 de eerste wetgeving aangenomen die specifiek tegen de BDS-beweging gericht is. De zogeheten ‘Wet om Schade aan de Staat Israel door middel van Boycots te Voorkomen’ kwalificeert een oproep tot boycot als een onrechtmatige daad naar civiel recht, waardoor het mogelijk wordt om schadevergoeding te eisen. Deze schade hoefde niet aangetoond te worden. Ook bepaalt deze wet dat de Israëlische regering geen zaken hoeft te doen met organisaties die BDS aanhangen. Het Hooggerechtshof oordeelde in 2015 dat de anti-boycot wet niet in strijd is met de basiswetten van Israel, behalve het onderdeel dat schadevergoeding zonder bewijs van daadwerkelijke schade mogelijk maakte.

Niet meer welkom
Meer recent, in 2017, nam de Knesset een amendement aan op Israels visumwetgeving. Sindsdien kan BDS-activisten de toegang tot Israel worden geweigerd. BDS’ers die Israel willen mogen het land dus niet in. Ieder land heeft het recht om buitenlanders die schade willen aanrichten te weren, aldus de toelichting van minister Gilad Erdan (Strategische Zaken). Op basis van deze wet werd ook de Nederlandse BDS-activiste Lydia de Leeuw in de zomer van 2018 de toegang geweigerd. De Leeuw was betrokken bij de Hamas-flotilla naar Gaza en riep in speeches en online op tot het boycotten van Israelische producten.

Anti-BDS-wetgeving in de VS
De Verenigde Staten kennen sinds de jaren ‘70 de Wet op het Exportbeheer, waarmee het voor Amerikaanse bedrijven en individuen verboden werd om mee te werken aan boycots op initiatief van andere staten, in het bijzonder de boycot van Israel door de Arabische Liga. Omdat deze wet niet van toepassing is op niet-statelijke actoren zoals BDS-organisaties, hebben meerdere staten de afgelopen jaren eigen anti-boycotwetgeving aangenomen.

Sinds Tennessee in 2015 de BDS-beweging veroordeelde als “een van de belangrijkste werktuigen voor het verspreiden van antisemitisme” hebben tientallen staten eigen anti-BDS wetten aangenomen. Veel van deze wetten werken volgens het principe ‘boycot de boycotter’: bedrijven die Israel boycotten krijgen geen aanbestedingen meer. De staat New York plaatste bijvoorbeeld vier Nederlandse bedrijven (Royal Haskoning, ASN Bank, Triodos Bank en Vitens) op een zwarte lijst omdat zij, onder druk van BDS, investeringen in Israel zouden hebben stopgezet.

Reacties vanuit Europa
In Europa komt anti-boycot wetgeving slechts sporadisch op lokaal niveau voor. Zo heeft de gemeenteraad van München vastgesteld dat BDS antisemitisch is, en daarom besloten de beweging op geen enkele wijze te faciliteren. Ook andere Duitse gemeentes, zoals Berlijn en Frankfurt, zijn actief in het uitbannen van BDS. De Frankfurtse locoburgemeester Uwe Becker beticht de anti-Israel-beweging er zelfs van “nazipraktijken” te hanteren.

Afbeelding: Gebouw van de Hoge Raad in Nederland; door Bas Kijzers (Rijksvastgoedbedrijf).