Dossier: UNRWA

Standpunt CIDI

UNRWA houdt problemen in stand, in plaats van deze op te lossen. De ongezonde, corrupte organisatie staat politieke en economische integratie van Palestijnen in de Arabische wereld in de weg. Inmiddels bestempelt UNRWA al meer dan vijf miljoen mensen als “Palestijnse vluchtelingen”, terwijl er naar schatting nog maar 30.000 tot 50.000 ‘echte’ vluchtelingen in leven zijn. Dat dient geen enkel humanitair doel, maar is een politiek wapen in de strijd tegen de staat Israel en tegen elke werkbare vredesoplossing. Daarom moet UNRWA worden gesaneerd en geleidelijk worden opgeheven.

UNRWA draait de Palestijnen een rad voor de ogen door de illusie van een “terugkeer” naar de dorpen van hun (overgroot)ouders in stand te houden. De organisatie biedt kinderen onderwijs, maar vervolgens mogen ze van hun Arabische “gastlanden” niet integreren in de arbeidsmarkt en blijven zij afhankelijk van internationale hulp in plaats van zelf voor hun levensonderhoud te zorgen. En dat betaalt de rest van de wereld, al zeventig jaar lang. Dit is niet alleen schadelijk voor de vluchtelingen en hun nazaten, die niet in staat worden gesteld om voor zichzelf en hun gezinnen te zorgen, maar ook schadelijk voor de kansen op vrede tussen Israel en de Palestijnen, aangezien de vluchtelingen en hun nazaten onrealistische hoop wordt voorgehouden.

Rol van Nederland
UNRWA wordt al jaren gesteund door Nederland. Met het stopzetten van de Amerikaanse financiering aan UNRWA door president Trump, vraagt UNRWA extra geld aan andere donorlanden, zoals Nederland en de EU, om het tekort aan te vullen. Bovendien spreekt UNRWA EU-fondsen aan.

Het Nederlandse beleid zou zich moeten richten op het verzelfstandigen van Palestijnen die op dit moment van UNRWA afhankelijk zijn. Zij moeten zo snel mogelijk richting een zelfstandig bestaan buiten het UNRWA-systeem worden geleid. Dit geldt met name voor de Westelijke Jordaanoever, waar het gradueel afbouwen van UNRWA-afhankelijkheid een belangrijke stap is op weg naar een levensvatbare Palestijnse staat.

Ook in andere Gaza, Libanon en Jordanië moet worden onderzocht hoe de economische zelfstandigheid van Palestijnse vluchtelingen kan worden gerealiseerd. Hierbij is een kritische opstelling vereist jegens de Jordaanse en Libanese autoriteiten. Met name in Libanon is de situatie van UNRWA-geregistreerde Palestijnen zeer schrijnend. Zo mogen zij zich niet vrij bewegen en leven zij volledig gesegregeerd van de samenleving.

Ook de situatie van Palestijnen die uit Syrië zijn gevlucht, verdient aandacht. Zij zijn slachtoffer van een ongelijke behandeling ten opzichte van andere Syrische vluchtelingen. Zo moeten zij bijvoorbeeld in Jordanië voor hulp terecht bij een apart loket van UNRWA, terwijl andere vluchtelingen hulp ontvangen van de UNHCR. 

UNRWA en de Palestijnse Autoriteit kunnen – met hulp van internationale partners – concrete stappen zetten om UNRWA-geregistreerde Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever te integreren in de Palestijnse samenleving opdat zij onafhankelijk worden van internationale hulp.

Overgangsregeling
Concreet houdt een overgangsregeling in dat er door zowel UNRWA als de Palestijnse Autoriteit gewerkt wordt aan het opnemen van de UNRWA-vluchtelingen in de Palestijnse samenleving. Zij moeten op den duur onafhankelijk worden van internationale hulp door:

  • Economische ontwikkeling en het actief creëren van werkgelegenheid. Hierbij kan een voorbeeld worden genomen aan het Israëlische industriegebied Barkan, dat Palestijnse medewerkers uit de Westoever aantrekt en hen daarmee economische zelfstandigheid biedt. Ook zouden er soortgelijke initiatieven op de Israëlisch-Jordaanse grens kunnen worden opgezet. Investeringen kunnen vanuit de Palestijnse Autoriteit zelf, maar ook vanuit Israël en andere landen komen.
  • Het gradueel en zorgvuldig overdragen van UNRWA-faciliteiten op de Westoever (nutsvoorzieningen, infrastructuur woningen enz.) aan de Palestijnse Autoriteit. De huidige vluchtelingekampen moeten (en kunnen) worden beschouwd als semi-stedelijk gebied. De bewoners moeten dan ook zelf kunnen betalen voor de huur, elektriciteit, watervoorziening enz. Als woningen, infrastructuur en nutsvoorzieningen nog niet van voldoende kwaliteit zijn, is dit wellicht een concreet project dat kan worden aanbesteed en aan de werkgelegenheid kan bijdragen.
  • Het overdragen van de verantwoordelijkheid voor het onderwijs en de gezondheidszorg aan het civiele gezag.

Om te garanderen dat dit ook daadwerkelijk gebeurt, moeten Westerse donoren zoals Nederland en de EU targets stellen en scherp toezien op naleving. Bijvoorbeeld: op 31 december 2019 is 10% van de bewoners van de UNRWA-vluchtelingenkampen in de PA economisch zelfstandig, eind 2021 30%, enz. Dit leidt tot de integratie van UNRWA-vluchtelingen in de Palestijnse samenleving, vermindert hun afhankelijkheid en draagt bij aan de reductie van de UNRWA-budgetten. Op deze manier wordt UNRWA langzaam uitgefaseerd en verdwijnt een belangrijk obstakel voor vrede.