Duitsland verbiedt Hizb ut-Tahrir

De Duitse minister van Binnenlandse Zaken Otto Schily heeft de Duitse afdeling van de pan-Islamitische ‘Bevrijdingspartij’ Hizb ut-Tahrir buiten de wet gesteld. Meteen na het ingaan van het verbod werden bij 25 sypathisanten van de organisatie huiszoekingen verricht.

Volgens Schily gaat het om een gevaarlijke extremistische groepering die onder andere is betrapt op het verspreiden van antisemitische propaganda op universiteiten. Eerder werden de door de Turkse moslimextremist Mohammad Metin Kaplan vanuit Aken geleide ‘Kalifaat Staat’ en de Duitse afdeling van de Al-Aqsa organisatie in Duitsland verboden, de laatste wegens banden met de terreurorganisatie Hamas. De Nederlandse afdeling van Al-Aqsa zamelde tijdens een demonstratie van Gretta Duisenbergs actiegroep geld in voor Hamas, maar is hier nog steeds niet verboden. Al-Aqsa voert overigens hetzelfde vaandel (zwart met korantekst) als de Hizb ut-Tahrir en de organisaties verwijzen naar elkaars publicaties.

De Nederlandse vertakkingen van Al-Aqsa en Hizb ut-Tahrir worden door de AIVD, voorheen de BVD in de gaten gehouden, zo blijkt uit rapporten van de dienst. Sinds 1998 staat Hizb ut-Tahrir op de door de BVD opgestelde lijst met terroristische organisaties.

De Bevrijdingspartij roept openlijk op tot de vernietiging van de staat Israel en tot de moord op individuele Joden. Vorig jaar augustus publiceerde de Deense afdeling een dodenlijst met de namen van vijftien vooraanstaande Deense Joden. De moordenaars werd een premie van 30.000 euro in het vooruitzicht gesteld.

De Hizb ut-Tahrir werd in 1953 in het toen nog door Jordanie bezette Jeruzalem opgericht en kreeg afdelingen in de gehele Islamitische wereld. De organisatie predikt de vestiging van het kalifaat (de Islamitische eenheidsstaat) en de wereldwijde oorlog tegen ‘kufr’, de ongelovigen. In veel Arabische landen is de Hizb verboden omdat de organisatie het voortbestaan van de zittende regimes bedreigt. In Egypte, waar de Hizb sinds 1974 verboden is, staan momenteel 26 leden van de organisatie, waaronder drie Britten, terecht op beschuldiging dat zij de Egyptische tak nieuw leven wilden inblazen.

Volgens Schily bevindt de organisatorische basis van de Hizb zich niet in Duitsland. Uit andere bronnen blijkt dat het zwaartepunt van de organisatie zich in Pakistan bevindt.