Elf dagen Israel voor jonge journalisten

Van 17 juni tot 29 juni brachten 20 jonge journalisten op uitnodiging van CIDI een bezoek aan Israel. Ze trokken door heel het land en spraken met tal van opinieleiders. Ook brachten ze een bezoek aan Ramallah en Hebron. Het is de derde reis die CIDI organiseert met de bedoeling om journalisten kennis bij te brengen over het land waarover ze gaan schrijven, filmen of radio maken. Hierbij een verslag van één van de deelnemers: Marleen Hogendoorn. Ze is werkzaam bij: Metro, Unity FM en Omroep West.

“I hope you’ll get confused this week”, zo sloot journalist Yossi Klein Halevi zijn lezing af op onze eerste avond in Jeruzalem. Want ja, wat heeft de gemiddelde Nederlander nu aan voorkennis over Israel? De geschiedenis, de cultuur en alle politieke aspecten van dit land leer je natuurlijk niet in één weekje. Desondanks probeerde CIDI ons in elf dagen tijd, zo veel mogelijk bij te brengen over Israel.

Zo begon onze reis in Tel Aviv. Deze stad is uitgeroepen tot homo-hoofdstad van het Midden-Oosten. Homo, bi- en transseksuelen hebben in Israel meer rechten dan waar dan ook in het Midden-Oosten. Denk maar aan Dana International, zij (of hij?) representeerde tot twee keer toe Israel tijdens het Eurovisie songfestival. Ook wordt er jaarlijks een gay pride gehouden in Tel Aviv. Zo’n 60 duizend mensen doen eraan mee, niet alleen homoseksuelen, maar ook burgerrechtenactivisten en hele families. Ondanks deze klaarblijkelijke tolerantie is een homohuwelijk in Israel weer niet mogelijk. En erger nog: twee jaar geleden werden er in dezelfde stad twee personen doodgeschoten in een ontmoetingsplaats voor homoseksuele jongeren. Een man met pistool liep op een zaterdagavond de ruimte binnen en richtte een ravage aan. De schutter is tot op de dag van vandaag nog steeds niet gevonden.

We vervolgden onze reis naar Jeruzalem. Bij het Israeli Defence Force (IDF) vertelde de (overigens Belgische) woordvoerder dat alle Israelische (dus Joodse, Samaritaanse,Druzische en Circassische) mannen en vrouwen van achttien jaar en ouder dienstplicht hebben. Voor vrouwen is dat twee jaar, voor mannen drie. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen sekse, omdat dat “discriminerend zou zijn”, aldus de woordvoerder. Toch was het tot voor kort onmogelijk voor vrouwen om op bepaalde hoge functies te solliciteren. Het was ook opvallend dat aan de muur van het IDF-gebouw posters hingen van gewapende vrouwen in legerkleding, maar dan wel mooi opgemaakt en liggend in een grasveld vol met klaprozen. Gevolg van de dienstplicht is overigens dat je overal jongeren tegenkomt in uniform met een enorme uzi op hun rug. Zelfs tijdens het uitgaan.

In Jeruzalem bezochten we ook Yad Vashem, het herinneringscentrum voor de Holocaust. Alles wat je eerder op school over de Tweede Wereldoorlog hebt geleerd, valt hierbij in het niet. We kregen een lezing van Hannah Pick, vroeger een vriendinnetje van Anne Frank. Ze vertelde over de bijzondere vriendschap. Pick, inmiddels 82 jaar oud, was na de oorlog naar Israel verhuisd om zich daar met haar zus te vestigen. Ze is een van de laatste die kan vertellen over de oorlog. Pick besloot haar lezing met: “Het beste is om over de Holocaust te horen van iemand die het zelf nog heeft meegemaakt. Maar hoe moet dat als wij er niet meer zijn?”

De geschiedenis van Israel is onlosmakelijk verbonden met de Bijbel. We bekeken de Heilige Grafkerk, deze kerk is gebouwd op de plek waar de kruisiging van Jezus zou hebben plaatsgevonden. Zijn graftombe is ook te bezoeken (overigens, de wachttijd daarvoor bedroeg minstens drie uur). Daarnaast reisden we naar het meer van Galilea, waar Jezus over het water zou hebben gelopen, en de stad Nazareth, waar Hij opgroeide.

Bijna wekelijks worden er vanaf de Gazastrook raketten afgevuurd op Israel. Vooral voor plaatsen vlakbij de grens is dat gevaarlijk. Onze groep bezocht de in het zuiden gelegen stad Sderot. De stad staat internationaal in de belangstelling omdat het zelfs bijna dagelijks wordt beschoten. De Nederlandse kinderarts Liesbeth Luurs vertelde ons dat zodra er een raket wordt afgeschoten en het oorverdovende luchtalarm afgaat, je precies vijftien seconden hebt om te schuilen. Vijftien seconden; ga dat maar eens na en probeer in die tijd een geschikte schuilplaats te zoeken. In Sderot heeft Luurs een kinderkliniek, ze liet ons daar de schuilkelder zien. In dezelfde stad is het Shapir Media College. De campus van het college lijkt wel een enorme bunker. Dat moet ook wel, want de school is al meerdere malen doelwit geweest van de raketten uit Gaza en enige tijd geleden overleed een student na een raketaanval. Terwijl onze groep bij een benzinestation stond, ging plotseling het luchtalarm af. We hoorden het schelle geluid en iedereen schrok. Het bleek achteraf een test te zijn. Gelukkig maar.

Op het vliegveld vlak voordat we naar huis gingen, was het opnieuw even spannend. We stonden in een lange rij en waren aan het wachten om in te checken. Opeens schreeuwde een beveiliger “Everybody out!”. Er bleek een onbeheerde koffer ergens te staan en dat was de reden dat de hele hal ontruimd moest worden. Het is bijna onmogelijk om de reis in deze beperkte ruimte te beschrijven. We gingen nog eten bij een rijke oliesjeik, hebben gepraat met Palestijnen die ervan overtuigd waren dat de Holocaust nooit heeft plaatsgevonden, we aten kilo’s hummus, gingen uit in het hippe Tel Aviv, overnachtten in de kibbutz Ein Harod en discussieerden met de woordvoerder van Netanyahu over de conflicten met de Palestijnen. We kwamen een fanatieke settler tegen met een revolver in zijn broekzak, we hebben geklaagd bij de Klaagmuur en gedobberd in de Dode Zee. Tijdens onze reis kregen we zoveel informatie over ons heen en deden we zoveel indrukken op. Israel is mooi, indrukwekkend en spannend tegelijk. Nogmaals, Yossi Klein Halevi hoopte dat we “confused” raakten na deze week. En ja, dat is zeker gelukt.  

Marleen Hogendoorn.