Impliciete bedreiging Erdogan aan Turkse Joden

IN MIDDEN-OOSTEN / Door: WEBMASTER / 13 mrt 2019 MIDDEN-OOSTEN

De Turkse president Recep Tayyip Erdogan heeft de Joodse gemeenschap van zijn land impliciet bedreigd, zo meldt The Times of Israel woensdagochtend.

Op een bijeenkomst in de Turkse hoofdstad Ankara noemde Erdogan de Israelische premier Benjamin Netanyahu een “tiran” die “zevenjarige Palestijnse kinderen” zou hebben “vermoord.”

Daaraan voegde hij toe dat Netanyahu hem niet moet tarten: “We hebben geen enkele van de Joden in dit land onderdrukt. We hebben niet gedaan met de synagoges wat jij hebt gedaan [met de Palestijnen, red.] Provoceer ons niet.”

Hiermee betrekt Erdogan Joodse Turken bij een conflict tussen hem en de Israelische leider. Dit terwijl Turkse Joden niets te maken hebben met Israelisch beleid. De Turks-Joodse gemeenschap, waarvoor het maatschappelijk klimaat gezien de steeds grotere inperkingen van de vrijheid en de terugdringing van de scheiding tussen kerk en staat hoe dan ook al onprettiger wordt, krijgt zo een nieuwe klap in het gezicht.

De huidige woordenwisseling tussen Netanyahu en Erdogan is niet de eerste. Ditmaal was de Erdogan de aanstichter: nadat Netanyahu Israel de staat van het Joodse volk alleen had genoemd, noemde Erdogan hem een racist. Netanyahu sloeg terug en stelde dat “de Turkse dictator Erdogan de Israelische democratie aanvalt terwijl zijn gevangenissen worden gevuld met Turkse journalisten en rechters.”

Afbeelding: http://farsi.khamenei.ir/photo-album?id=40431, via Wikimedia Commons (CC BY 4.0).