Kabinet voornemens jaarlijkse bijdrage UNRWA voort te zetten

Het Kabinet is voornemens de jaarlijkse bijdrage aan UNRWA de komende jaren voort te zetten. Dat laat minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sigrid Kaag weten in antwoord op vragen door PVV-Kamerleden Raymond de Roon en Danai van Weerdenburg over het corruptieschandaal bij de VN-organisatie voor Palestijnse vluchtelingen.

Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sigrid Kaag. Bron foto: Ministerie van Buitenlandse Zaken / Flickr.

Afgelopen week kwam een vernietigend rapport naar buiten van de ethische commissie inzake UNRWA. De top van de omstreden vluchtelingenorganisatie zou zich schuldig maken aan integriteitsschendingen en corruptie. Een kleine kring binnen het management, waaronder secretaris-generaal Pierre Krähenbühl, zou onder meer betrokken zijn bij “machtsmisbruik voor persoonlijk gewin en het onderdrukken van afwijkende meningen”. Ook zou Krähenbühl zijn positie gebruiken om excessief te reizen met zijn adviseur, met wie hij “meer dan een professionele relatie” heeft.

Voorlopige opschorting jaarlijkse bijdrage UNRWA
Een dag na het uitkomen van het rapport liet het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken weten aan de NOS dat de jaarlijkse bijdrage van 13 miljoen van Nederland euro “voorlopig wordt opgeschort.” Eerst moet een bevredigend antwoord van de VN uit New York komen, zo schrijft minister Kaag volgens de NOS.

Dit standpunt wordt door de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking herhaald in antwoord op Kamervragen van Raymond de Roon en Danai van Weerdenburg (PVV). “Nederland wil niet vooruitlopen op de uitkomsten van het onderzoek van OIOS en heeft besloten de bijdrage aan UNRWA vooralsnog aan te houden totdat de VN opheldering geeft over de beschuldigingen en adequaat optreedt.” Gelijktijdig met de antwoorden is een Kamerbrief over het aanhouden van steun aan UNRWA aan de Tweede Kamer gestuurd.

Opmerkelijk genoeg is de Kamerbrief waarmee het parlement wordt geïnformeerd over de het staken van de financiële steun aan UNRWA pas op 5 augustus gepubliceerd. De NOS was echter al op 30 juli op de hoogte – wat betekent dat Kamerleden via de media moesten vernemen over het besluit van het ministerie van Buitenlandse Zaken inzake de VN-organisatie.

Zwitserland en België hebben tevens aangekondigd hun financiële steun aan te houden. Deze landen hebben hun jaarlijkse bijdrage echter al overgemaakt, en hun stap is dus hooguit voor aanvullende bijdragen van toepassing.

Niet voor het eerst dat Nederland steun aan VN-organisatie aanhoudt.
Vergelijkbare stappen heeft Nederland genomen ten aanzien van het United Nations Environmental Programme (UNEP) en het Joint United Nations Programme on HIV/AIDS (UNAIDS), zo meldt minister Kaag. “Zorgvuldig management en een veilige werkomgeving zijn altijd randvoorwaarden voor Nederlandse financiering van organisaties waarmee wordt samengewerkt.” Zo ook voor UNRWA wat door de VN geborgen moet worden, aldus de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.

Is Nederlands belastinggeld verspild?
In een gedeelte van haar antwoorden is de minister zeer terughoudend, en zegt ze de uitkomsten van het onderzoek te willen afwachten. In antwoord op de vraag “hoeveel Nederlands belastinggeld met de frauduleuze activiteiten van UNWRA is verspild”, is Kaag echter stellig: “Er is geen sprake van fraude, malversatie of onregelmatigheden in uitvoering van de kerntaken van UNRWA.” In de Kamerbrief wordt tevens gemeld dat “geen impact” is geconstateerd. De vraag van De Roon en Van Weerdenburg betreft echter niet slechts de kerntaken, maar activiteiten van UNRWA in het algemeen. Er is dus geen sluitend antwoord op de vraag of Nederlands belastinggeld is verspild bij het corruptieschandaal omtrent de VN-organisatie.

Geen toekomstperspectief
In haar beantwoording benadrukt minister Kaag dat UNRWA “van essentieel belang” is. De VN-organisatie verleent basisvoorzieningen aan ruim 5 miljoen Palestijnse vluchtelingen, zo weet de bewindspersoon op Buitenlandse Zaken te melden. Dat er inmiddels sprake is van ruim 5 miljoen vluchtelingen, komt omdat UNRWA de vluchtelingenstatus verleent aan nakomelingen.

UNRWA draait de Palestijnen een rad voor de ogen door de illusie van een “terugkeer” naar de dorpen van hun (overgroot)ouders in stand te houden. De organisatie biedt kinderen onderwijs, maar vervolgens mogen ze van hun Arabische “gastlanden” niet integreren in de arbeidsmarkt en blijven zij afhankelijk van internationale hulp in plaats van zelf voor hun levensonderhoud te zorgen.

Deze treurige gang van zaken, die inmiddels al 70 jaar voortduurt, wordt door het Kabinet echter genegeerd. De vraag van De Roon en Van Weerdenburg aan de minister of zij het eens is dat UNRWA geen toekomstperspectief biedt, wordt niet van direct antwoord voorzien. “Afgelopen week heeft de Secretaris-Generaal van de VN nogmaals benadrukt hoe belangrijk het werk van UNRWA is voor Palestijnse vluchtelingen,” is de repliek van minister Kaag. Zo draagt ook Nederland bij aan het in stand houden van een obstakel voor vrede.

Aanhouden jaarlijkse bijdrage aan UNRWA slechts tijdelijk.
Het aanhouden van de Nederlandse steun aan UNRWA is dan ook slechts tijdelijk. “Het is van essentieel belang dat deze hulpverlening kan worden voortgezet, ook met steun van Nederland,” zo schrijft minister Kaag. “Gezien het humanitaire belang van UNRWA-activiteiten is het kabinet voornemens deze jaarlijkse bijdrage ook de komende jaren voort te zetten”, zo sluit de minister haar beantwoording van de Kamervragen af.

Dit antwoord wijst erop dat ondanks de uitkomsten van het onderzoek van OIOS nog niet zijn gepubliceerd, de Nederlandse steun aan UNRWA hoe dan ook wordt voortgezet. In dit licht lijkt de tijdelijke aanhouding vooral symbolisch van aard, zonder ware consequenties of wijzigingen in het Nederlandse beleid ten aanzien van de omstreden vluchtelingenorganisatie.