(Lege) school in Beersheba getroffen

Woensdag is in de Israelische stad Beersheba een school getroffen, die gelukkig leeg was. Er vielen geen slachtoffers. Beersheba is dinsdagavond voor het eerst getroffen door raketten uit de Gazastrook. De raketten hebben 42 kilometer afgelegd, de langste afstand ooit door een Palestijnse raket.

Beersheba, met 250.000 inwoners, is nu de grootste stad van Israel die onder vuur ligt. Hamas gebruikt betere raketten dan de zelfgemaakte Qassam-raketten waarmee Israel vroeger werd bestookt. Het nieuwe wapentuig, de zogeheten Gradraket, is afkomstig uit Iran dat dankzij Russische leveranties in staat is dit type raket te vervaardigen. De school in Beersheba was leeg ondat de kinderen, net als 200.000 andere Israelische kinderen die onder vuur liggen en de studenten in Zuid-Israel, niet naar school mogenn vanwege het beschietingsgevaar. Een steeds groter deel van de Israelische bevolking zit vrijwel permanent in de schuilkelders.

Dinsdag gingen de beschietingen vanuit de Gazastrook gewoon door. Het aantal raketten liep in de tientallen. Het aantal doden sinds vorige week is opgelopen tot drie.

De Israelische luchtmacht hervatte dinsdagavond de bombardementen op de smokkeltunnels tussen de Gazastrook en Egypte. Zondag waren 40 tunnels doelwit van Israelische bommenwerpers.

De bombardementen op de Gazastrook zijn een eerste fase van aanvallen die het Israelische kabinet heeft voorgenomen. Dit zei de Israelische premier Ehud Olmert dinsdag. Het is een eerste van verscheidene fasen, beklemtoonde hij. De Israelische legerleiding beraadt zich over een grondoffensief. “Het ergste ligt niet achter ons, maar moet nog komen”, aldus generaal Dan Harel in lokale media.

“We richten ons niet alleen op terroristen en raketinstallaties, maar op de hele overheid van Hamas”, aldus de generaal. “We raken overheidsgebouwen, fabrieken, beveiligingseenheden en meer”, verklaarde de legerleider. Tot nu toe zijn vooral hoofdkwartieren van de veiligheidstroepen, opslagplaatsen, trainingskampen en tunnels in puin gelegd. Dinsdagmorgen nog vielen bij Israelische bombardementen tien doden.

De Amerikaanse president George Bush heeft dinsdag gebeld met Palestijnse leiders om een wapenstilstand te bewerkstellingen. Bush sprak met president Mahmoud Abbas en premier Salam Fayyad.

De Israelische aanval op Gaza blijft in het Midden-Oosten tot woedende reacties leiden onder de bevolking. Veel Arabische regeringen houden zich daarentegen gedeisd, omdat het doelwit een militante fundamentalistische beweging is. Zelf hebben ze ook met dergelijke bewegingen te kampen.

Egypte bekijkt de situatie in het aangrenzende Gaza met grote bezorgdheid en vreest voor destabilisatie in de Sinai-woestijn en elders. President Mubarak had als bemiddelaar zijn prestige verbonden aan het staakt-het-vuren van Hamas. Zijn onvrede klonk door in de Egyptische media, die Hamas ervan beschuldigden medeverantwoordelijk te zijn voor de crisis.

Jordanie heeft eveneens grote problemen met Hamas. Dat heeft steeds meer invloed in de Jordaanse Moslim Broederschap, een fundamentalistische beweging die verwant is aan Hamas. De Jordaanse bevolking is in meerderheid Palestijns. Tot nu toe beperkte Jordanie zich tot het overhandigen van een ‘hard memorandum’ aan de Israelische zaakgelastigde.

Het andere grote land dat zich vrij stil houdt, is Saoedi-Arabie. Voorheen was het land de grote geldschieter van Hamas maar die rol is nu overgenomen door Iran. De Saoedische koning heeft president Bush gebeld om te protesteren tegen de aanvallen.

De Palestijnse president Abbas, fel tegenstander van Hamas, laat protesten door Palestijnen op de Westoever consequent de kop indrukken. Hij gaf aanvankelijk de heersers in Gaza zelf de schuld van de escalatie. “Ik had ze gevraagd alsjeblieft het staakt-het-vuren te verlengen”, zei de president. Naarmate het aantal slachtoffers toenam, werd de kritiek van Abbas op Israel feller. De Palestijnse Autoriteit heeft de onderhandelingen met Israel intussen opgeschort.