Meer Israelische Arabieren accepteren Israel

Studenten Universiteit HaifaHet aantal Israelische Arabieren dat Israels recht op bestaan als Joodse en democratische staat erkent, is tussen 2012 en 2013 gestegen. Dit blijkt uit een peiling van sociologie-prof Sammy Smooha van de Universiteit van Haifa, meldt onder meer het Israelische TV-Kanaal 10. Ook het percentage Arabieren die zichzelf definiëren als “Israelische Arabieren”, in plaats van “Palestijnen”, is gestegen.

Prof. Smooha, die in 2008 de Israelische prijs voor de sociologie won, hield een peiling onder 700 Israelische Joden en 700 Arabieren, Druzen en Bedouinen van 18 jaar en ouder. Hij peilt al sinds 2003 de Joods-Arabische verhoudingen in Israel. Dinsdag publiceerde hij de resultaten van zijn “Index van Arabisch-Joodse betrekkingen in Israel” over 2013.

Een paar opvallende resultaten: Het percentage Israelische Arabieren die Israels recht erkennen om te bestaan als Joodse en democratische staat steeg van 47,4% in 2012 naar 52,8% in 2013. Onder diezelfde groep steeg het percentage dat gelooft dat Israel kan bestaan als staat met een Joodse meerderheid, van 29,6% in 2012 naar 43,1% in 2013, en de respondenten die zich identificeren als Israelische Arabier, in plaats van Palestijn, steeg van 32,5% in 2012 naar 42,5% in 2013.

Deze opmerkelijke stijging hangt mogelijk samen met het idee dat Israel een goede plek is om te wonen: 63,5% van de Israelische Arabieren vonden dit, tegen 58,5% in 2012.De Arabische respondenten waren ook weer niet onverdeeld positief: 52% vond dat er een nieuwe intifada moet worden gestart als de situatie van Arabieren in Israel niet ingrijpend verbetert. Vorig jaar was dat percentage nog 58%. In 2013 vonden nog eens 56% dat een intifada van de Bedouinen in de Negev gerechtvaardigd zou zijn als de Israelische regering het plan doorzet om hen over te brengen naar andere woonplaatsen.
Het aantal Arabische respondenten dat vreesde voor een ernstige schending van hun rechten daalde in 2013 naar 71%, tegen 78% in 2012.

Smooha concludeert ook dat de opvattingen van Joden over Arabieren in Israel stabiel blijven. Dit spreekt de vaak gehoorde opvatting tegen dat de houding van Joodse Israeli’s zou radicaliseren. Dat laatste gold de laatste tien jaar wel voor de Arabische burgers: die werden in de loop der tijd extremer in hun meningen over de staat en de Joodse meerderheid. In 2013 is er voor het eerst een kentering te bespeuren in die ontwikkeling.

Van de Joodse inwoners erkent 74% het recht van de Arabieren om in Israel te wonen met volledige burgerrechten; in 2012 was dat 75%. Smooha vroeg ook of de Joodse burgers Israel in de eerste plaats zagen als Joodse staat – dit vond 67% – of vooral als een democratische staat.

Smooha wees er wel op dat de peiling waarop deze cijfers zijn gebaseerd, is gehouden toen de nu geklapte vredesbesprekingen met de Palestijnen nog gaande waren. Dit zou de minder negatieve opvattingen onder de Arabische respondenten beïnvloed kunnen hebben, zei hij tegen de Jerusalem Post. Een andere belangrijke factor zou de teleurstelling kunnen zijn over de ‘Arabische lente’ in de omliggende landen, waarbij Israel gunstig afsteekt. Ook de campagne die werd gevoerd om Israelisch-Arabische steden in de toekomst over te dragen aan een nieuwe Palestijnse staat, “confronteerde de Arabieren met de dreiging buiten de Israelische staat te vallen en versterkte hun banden daarmee”, zei Smooha tegen de Jerusalem Post.

Foto: Studenten aan de Universiteit van Haifa, een gemengd Joods-Arabische stad