Nederland doet mee aan anti-Israëlcircus bij dekolonisatiecomité VN

IN NEDERLAND / Door: ELKAN VAN DER RAAF / 16 nov 2019 TWEEDE KAMER VN

Het dekolonisatiecomité van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties heeft vrijdag acht resoluties tegen Israël aangenomen. Nederland stemde voor zeven van de acht anti-Israëlresoluties.

Terwijl acht resoluties tegen Israël door het dekolonisatiecomité werden aangenomen, werd tegen geen enkel ander land ook maar één motie uitgevaardigd. De Joodse staat wordt onder andere veroordeeld voor “onderdrukkende maatregelen” tegen Syriërs op de Golanhoogten en “nederzettingen in de bezette Palestijnse gebieden, inclusief Oost-Jeruzalem en de bezette Syrische Golan”.

Het mandaat voor UNRWA – de VN-organisatie voor Palestijnse vluchtelingen – is ook met drie jaar vernieuwd. Opvallend genoeg stemde Nederland ook voor de resoluties met betrekking tot dit onderwerp. Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sigrid Kaag heeft de steun aan UNRWA namelijk voorlopig opgeschort in verband met een corruptieschandaal bij de VN-organisatie. Desondanks is Nederland voornemens om alsnog de vluchtelingenorganisatie financieel te blijven ondersteunen: voor 2020 is 13 miljoen euro gereserveerd.

UNRWA houdt problemen in stand, in plaats van deze op te lossen. De ongezonde, corrupte organisatie staat politieke en economische integratie van Palestijnen in de Arabische wereld in de weg. Inmiddels bestempelt UNRWA al meer dan vijf miljoen mensen als “Palestijnse vluchtelingen”, terwijl er naar schatting nog maar 30.000 tot 50.000 ‘echte’ vluchtelingen in leven zijn. Dat dient geen enkel humanitair doel, maar is een politiek wapen in de strijd tegen de staat Israël en tegen elke werkbare vredesoplossing. Een politiek wapen met (opnieuw) steun van Nederland.

Van de acht resoluties bij het orwelliaans genoemde dekolonisatiecomité met betrekking tot Israël, was er slechts één waar de Nederlandse vertegenwoordiging niet voor stemde. De resolutie getiteld “Werk van het speciale comité om onderzoek te doen naar activiteiten van Israël die invloed hebben op de mensenrechten van het Palestijnse volk en andere Arabieren in de bezette gebieden” werd desondanks aangenomen. Nederland stemde dan ook niet tegen, maar onthield zich lafjes van stemming.

Het is het zoveelste voorbeeld dat de Nederlandse vertegenwoordiging bij de VN zich niets aantrekt van de wens van de Tweede Kamer. In Kamerbrieven doet het Kabinet voorkomen alsof Nederland uitvoer geeft aan de aangenomen motie van Van der Staaij die de regering oproept stelling te nemen tegen disproportionele agendering van Israël, maar tijdens het stemmen doet Nederland gewoon mee aan het anti-Israëlcircus. Toen het stemgedrag van de Nederlandse VN-vertegenwoordiging bij ECOSOC tot ophef leidde, sprak een meerderheid van de Kamer zich hiertegen uit. Minister Blok neemt de zorgen van het Nederlandse parlement echter niet serieus en geeft activisten op het Ministerie van Buitenlandse Zaken carte blanche om zonder enig bezwaar de Tweede Kamer te negeren.