De uitbarstingen van miltvuur hebben de VS in grote beroering gebracht. De controles op de postkamers van grote instellingen zijn tot een maximum opgevoerd en bevreesd vragen de inlichtingendiensten en burgers zich af wat voor een middelen terroristen nog meer in petto hebben. In discussies wordt zelfs geopperd dat leden van het El Qaida-netwerk over kleine kernwapens zouden beschikken.

door Ronny Naftanaiel

Voor de regering van Pakistan was dit reden om de afgelopen week een drietal gepensioneerde nucleaire wetenschappers te arresteren. Ze werkten voor de Pakistaanse Atoom Energie Commissie en het vermoeden bestond dat ze voor Bin Laden een atoomprogramma aan het opzetten waren. Dit lijkt vooralsnog onjuist te zijn.

De vrees dat kernwapens zich in handen van terroristen of onverantwoordelijke regeringen bevinden, zou een stuk voor de hand liggender zijn als Israel twintig jaar geleden niet zo alert was geweest. Op 8 juni 1981 bombardeerden Israelische gevechtsvliegtuigen onverhoeds de in aanbouw zijnde Osirak kernreactor bij Bagdad. De reactor, met Franse hulp ontworpen, diende volgens de Iraakse regering voor het vreedzaam gebruik van kernenergie. Bij de aanval, die het bouwwerk met de grond gelijk maakte, kwam een Franse technicus om. De toenmalige premier Begin verklaarde: “Na het heet worden van de reactor had Israel machteloos moeten berusten in de uitsluitend tegen Israel gerichte Iraakse atoombewapening.” De Arabische landen, het Internationaal Atoomagentschap, Frankrijk en Engeland reageerden woedend op deze vorm van “staatsterrorisme”. Israel moest Irak schadevergoeding betalen en Frankrijk kondigde aan dat de reactor herbouwd zou worden. Op 21 juni 1981 werd Israel door de Veiligheidsraad veroordeeld.

Nu we de afgelopen twintig jaar meer over Saddam Hoessein en zijn banden met terreurorganisaties te weten zijn gekomen, kan men niet anders dan concluderen dat Menachem Begin indertijd een vooruitziende blik heeft gehad. Iraks kernreactor zou een bedreiging van de gehele wereld zijn geweest. In plaats van over dit soort zaken na te denken, reageren veel politici helaas nu niet anders dan indertijd. De VS worden door sommigen fel gekritiseerd wegens hun strijd tegen het niets ontziende terrorisme. En nog steeds toont de wereldopinie veel onbegrip voor Israels overlevingsstrijd tegen de Islamitische Jihad en Hamasbeweging. Die kritiek is een luxehouding van landen die zelf geen terrorisme kennen. Want uiteindelijk gaat het elke verantwoordelijke en democratische regering maar om één zaak: de condities te scheppen waarin mensen in vrede en veiligheid kunnen leven.