“Het is ondenkbaar, dat het Joden niet zou worden toegestaan zich overal in de wereld te vestigen en zeker als het gaat om het gebied dat de wieg van onze beschaving, onze religie en onze cultuur is.” Dit verklaarde David Bar Ilan, de media-adviseur van premier Netanjahoe, nadat de Israelische regering vorige week het besluit nam de financiele steun aan de Joodse nederzettingen te hervatten. Dat gebeurde na de terreuraanslag die aan twee inwoners van de nederzetting Beth El het leven kostte. Israeli’s die investeren in de Westelijke Jordaanoever zullen voortaan weer voordelige hypotheken en leningen ontvangen. Het (nooit uitgevoerde) plan van de vorige Arbeidspartij-regering, de gunstige belastingaftrek voor kolonisten af te schaffen, wordt ingetrokken.

door Ronny Naftaniel

In principe heeft David Bar Ilan gelijk. Een Jood heeft evenveel recht in Amsterdam te wonen als in Hebron. Maar dit is slechts de helft van het verhaal. Er bestaat immers een groot verschil in het zich vrijwillig vestigen, of het aangelokt worden door premies. Met dit aanmoedigingsbeleid zet premier Netanjahoe het beleid van oud-premier Sjamir voort, alsof er nooit vredesoverleg met de Palestijnen heeft plaatsgevonden. Formeel weerhouden de Oslo-akkoorden de Likoedregering er niet van geld in de nederzettingen te steken, maar het druist onmiskenbaar in tegen de geest van het vredesproces.

De Verenigde Staten en de Europese Unie hebben zware kritiek geuit op het Israelische kabinetsbesluit. De Europese ministers, in Dublin bijeen, noemde de nederzettingen “een belangrijk obstakel voor de vrede” en “strijdig met het internationale recht”. Dat laatste is onjuist, maar de toename van het aantal kolonisten die onstaat door de stimuleringsmaatregel zal een soepele soevereiniteitsoverdracht van delen van de Westelijke Jordaanoever zeker belemmeren. Ook Jasser Arafat was er als de kippen bij het Israelische besluit als een “oorlogsverklaring” te betitelen. Dat klinkt uit zijn mond behoorlijk vals, want ook hij heeft het vredesproces herhaaldelijk geschaad door zijn ophitsende taalgebruik jegens Netanjahoe en zijn regering. Afgelopen zaterdag nog gaf Arafat aan Hamas toestemming een protestmars in Gaza te organiseren. Zo’n 25.000 oorlogskreten roepende Palestijnen namen er aan deel.

De omstreden maatregel kan wellicht alsnog gekeerd worden doordat onduidelijk is waar het geld voor de kolonisten vandaan moet komen. De oppositionele Arbeidspartij verwijt de regering dat 150 miljoen gulden onttrokken wordt aan subsidies voor de ontwikkelingssteden. Oud-minister van Financien Shochat noemde het daarom “een anti-zionistische beslissing”. Mogelijk denkt minister van Buitenlandse Zaken Levy, zelf afkomstig uit een ontwikkelingsstad en lieveling van de Marokkaanse blue collar, er net zo over. Het zou een stuk beter zijn voor het ernstig beproefde vredesproces.