Roadmap: 14 rode lijnen van Sharon

De Israelische regering heeft de internationale ‘Routekaart naar vrede’ onder voorbehoud aanvaard. Vooral ten aanzien van het vluchtelingenvraagstuk heeft Jeruzalem een duidelijke rode lijn willen trekken, omdat de Arabische interpretatie van de Routekaart ruimte laat voor het ‘recht op terugkeer’ van de miljoenen nazaten van de Arabische vluchtelingen van 1948, en daarmee voor de vernietiging van Israel langs demografische weg. De vertaling van de regeringsverklaring met de 14 gemaakte kantekeningen volgt hieronder.

A. De Regering van Israel heeft vandaag, (zondag) 25 mei 2003, overleg gevoerd over de verklaring van de premier terzake van de Routekaart, alsmede over Israels kanttekeningen met betrekking tot de uitvoering daarvan. Na zijn beraadslagingen heeft de regering met meerderheid van stemmen [het volgende] besloten:

Gebaseerd op de verklaring van 23 mei 2003 van de Regering van de Verenigde Staten, waarin de VS zich hebben gecommitteerd aan het volledig en toegewijd behandelen van Israels kanttekeningen bij de Routekaart tijdens de uitvoeringsfase [daarvan], heeft de premier op 23 mei 2003 aangekondigd dat Israel heeft besloten de in de Routekaart uiteengezette stappen te accepteren.

De Regering van Israel bevestigt de aankondiging van de premier en besluit dat al Israels kantekeningen, zoals die in de regeringsverklaring aan de orde zijn gekomen, tijdens de uitvoeringsfase van de Routekaart volledig zullen worden geïmplementeerd.

Een lijst met kantekeningen die door Israel ter beoordeling aan de Regering van de Verenigde Staten werd verstuurd, is aan dit besluit gehecht.

B. Voorts heeft de regering, met betrekking tot de vluchtelingenkwestie, het volgende besloten:

Vandaag heeft de Regering van Israel besloten de in de Routekaart uiteen gezette stappen te accepteren. De Regering van Israel spreekt zijn hoop uit dat het thans aan te vangen politieke proces, in overeenstemming met de toespraak van 24 juni 2002 van President Bush, veiligheid, vrede en verzoening tussen Israel en de Palestijnen tot stand zal brengen.

Voorts stelt de Regering van Israel duidelijk dat, zowel tijdens en als gevolg van het politieke proces, de oplossing van de kwestie van de vluchtelingen niet betekent dat zij de staat Israel kunnen binnengaan of zich daar kunnen vestigen.
Belangrijkste thema’s van Israels kanttekeningen

1. Zowel bij het begin van en tijdens het proces, en als een voorwaarde voor de voortgang ervan, zal de rust worden gehandhaafd. De Palestijnen zullen de bestaande veiligheidsorganisaties ontmantelen en hervormingen op veiligheidsgebied uitvoeren, tijdens het verloop waarvan nieuwe organisaties zullen worden gevormd om op te treden tegen terreur, geweld en ophitsing (ophitsing dient onmiddellijk te worden gestaakt en de Palestijnse Autoriteit moet onderwijzen voor vrede). Deze organisaties zullen zich bezighouden met het daadwerkelijk voorkomen van terreur en geweld door middel van arrestaties, verhoren, preventie en het doen naleven van het juridische basis voor onderzoeken, vervolging en bestraffing. Tijdens de eerste fase van het plan en als een voorwaarde voor de overgang naar de tweede fase, zullen de Palestijnen

  • de ontmanteling voltooien van terroristische organisaties (Hamas, Islamitische Jihad, het Volksfront, het Democratisch Front, Al Aksa Brigades en andere organisaties) en hun infrastructuur;
  • alle illegale wapens in beslag nemen en aan een derde partij overdragen, teneinde uit het gebied te worden verwijderd en vernietigd;
  • wapensmokkel naar en wapenproductie in de Palestijnse Autoriteit stopzetten;
  • het gehele preventieapparaat activeren en ophitsing stoppen.

Zonder de inwilliging van bovengenoemde voorwaarden met betrekking tot de oorlog tegen terrorisme, zal niet naar de tweede fase worden overgestapt.

2. Volledige uitvoering is een voorwaarde voor vooruitgang tussen de fasen en voor vooruitgang binnen de fasen zelf. De eerste voorwaarde voor vooruitgang is het volledig staken van terreur, geweld en ophitsing. Vooruitgang tussen de fasen kan alleen tot stand komen nadat de voorgaande fase volledig is geïmplementeerd. Er zal niet worden gekeken naar tijdschema’s maar naar concrete punten waaraan de uitvoering van verplichtingen kan worden afgemeten (tijdschema’s zullen uitsluitend als referentiepunten dienen).

3. Het in het kader van bestuurlijke hervormingen totstandkomen van een nieuw en ander leiderschap in de Palestijnse Autoriteit. De formatie van een nieuw leiderschap is een voorwaarde voor overgang naar de tweede fase van het plan. In dit kader zullen, na overleg met Israel, verkiezingen worden gehouden voor de Palestijnse Wetgevende Raad.

4. Het Controleapparaat komt onder Amerikaans bestuur. De belangrijkste controleactiviteit zal zich richten op het creëren van een andere Palestijnse entiteit en op vooruitgang in het hervormingsproces binnen de Palestijnse Autoriteit. De controle zal uitsluitend op een professionele basis plaatsvinden en gescheiden naar onderwerp (economisch, juridisch, financieel), zonder dat er sprake is van een gecombineerd, verenigd (controle)mechanisme. Het nemen van belangrijke besluiten blijft een zaak van de partijen zelf.

5. Het uiteindelijke karakter van de voorlopige Palestijnse staat zal worden vastgesteld in onderhandelingen tussen de Palestijnse Autoriteit en Israel. De voorlopige staat zal

  • voorlopige grenzen hebben en bepaalde aspecten van soevereiniteit;
  • volledige gedemilitariseerd zijn, zonder militaire eenheden, maar slechts met politie en binnenlandse veiligheidsdiensten van beperkte omvang en met beperkte bewapening;
  • niet bevoegd zijn tot het sluiten van militaire bondgenootschappen of militaire samenwerkingsverbanden.

Israel behoudt de controle over de in- en uitreis van alle personen en over de import en export van vracht, alsmede over zijn luchtruim en het elektromagnetische spectrum.

6. In het kader van zowel de inleidende verklaringen als de definitieve regeling dienen verklaringen te worden afgelegd

  • over Israels recht om als Joodse staat te bestaan;
  • waarin afstand wordt gedaan van enig recht op terugkeer van Palestijnse vluchtelingen naar de staat Israel.

7. Het eind van het proces zal leiden tot de beëindiging van alle aanspraken en niet alleen tot de beëindiging van het conflict.

8. De uiteindelijke regeling zal in overeenstemming tot stand komen, in directe onderhandelingen tussen de twee partijen, overeenkomstig de visie die door president Bush werd neergelegd in zijn toespraak van 24 juni (2002).

9. Kwesties die deel uitmaken van de definitieve regeling zullen niet aan de orde worden gesteld. Daaronder zijn:

  • nederzettingen in Judea, Samaria en Gaza (uitgezonderd een bevriezing van nederzettingen en illegale buitenposten);
  • de status van de Palestijnse Autoriteit en zijn instellingen in Jeruzalem;
  • alle andere zaken die gezien hun inhoud betrekking hebben op de definitieve regeling.

10. Alle verwijzingen naar documenten anders dan (VN-resoluties) 242 en 338 zullen worden verwijderd (VN-resolutie 1397, het Saoedische initiatief en het in Beiroet aangenomen Arabische initiatief). Een op de Routekaart gebaseerde regeling wordt een op zichzelf staande regeling die zijn geldigheid daaraan ontleent. Daarbij is enige mogelijke verwijzing die naar resoluties 242 en 338, en dan ook nog uitsluitend als een schets voor het voeren van toekomstige onderhandelingen over een permanente regeling.

11. De bevordering van het hervormingsproces in de Palestijnse Autoriteit: er zal een voorlopige Palestijnse grondwet worden opgesteld en een Palestijnse juridische infrastructuur worden gerealiseerd. De samenwerking met Israel op dit gebied zal worden hervat. In de economische sfeer: de internationale inspanningen voor het herstel van de Palestijnse economie zullen worden voortgezet. In de financiële sfeer: als voorwaarde voor de voortgaande doorsluizing van belastinggelden [naar de PA, voornamelijk BTW, red.] zal de Amerikaans-Israelisch-Palestijnse overeenkomst volledig worden geïmplementeerd.

12. De ontplooiing van de Israelische strijdkrachten langs de lijn van september 2000 wordt afhankelijk van de uitvoering van artikel 4 (absolute rust). Daarbij zal rekening worden gehouden met wijzigingen die mogelijk noodzakelijk zijn als gevolg van nieuwe omstandigheden en de behoeften die daaruit voortvloeien. De nadruk zal worden gelegd op de scheiding van verantwoordelijkheden en het burgerlijk bestuur zoals die in september 2000 bestonden, en niet op de toenmalige positie van troepeneenheden.

13. Afhankelijk van de veiligheidssituatie zal Israel streven naar het normaliseren van het Palestijnse leven: het verbeteren van de economische situatie, de ontwikkeling van handelsrelaties, aanmoediging van en hulp bij de activiteiten van erkende humanitaire organisaties.

14. De Arabische staten zullen bij het proces behulpzaam zijn door hun veroordeling uit te spreken over terroristische activiteit. Er zal geen relatie worden gelegd tussen het Palestijnse traject van het vredesproces en andere trajecten (Syrisch-Libanees).