Schoolboeken Palestijnse Autoriteit opnieuw vol met haat

Uit onderzoek van IMPACT-SE blijkt dat de nieuwe lichting schoolboeken van de Palestijnse Autoriteit bol staan van intolerantie, geweldsverheerlijking en haatzaaierij. De zeldzame referenties naar vrede zijn in vergelijking tot eerdere jaren zelfs verwijderd. Eerder bleek ook dat schoolboeken die gebruikt worden door scholen van UNRWA, die hun curriculum baseren op dat van de PA, bol staan van haat en intolerantie.

Illustratief: Palestijnse meisjes lopen naar huis na hun schooldag in Jenin. (bron: Flickr / philip touitou)

Over de schoolboeken van UNRWA stelde SGP-voorman Kees van der Staaij afgelopen januari nog Kamervragen betreffende de Nederlandse financiering van UNRWA. In een reactie scherven Blok en Kaag toen dat zij niet van plan waren de financiering van UNRWA te herzien. Nederland betaalt 19 miljoen euro per jaar aan de VN-organisatie. Eind april veroordeelde het Europees Parlement UNRWA nog voor de schoolboeken en het onderwijzen van ‘haat en intolerantie’. 

Voor het onderzoek heeft IMPACT-SE de onderwijswaarden van de VN als maatstaf gebruikt. De onderwijswaarden van de Verenigde Naties zijn als volgt:

  1. Respect voor de algehele ‘Ander’.
  2. Openheid en respect naar de individuele ‘Ander’.
  3. Geen haat.
  4. Geen opruiing of geweldsverheerlijking.
  5. Vrede als doel.
  6. Informatie zonder vooroordelen.
  7. Gelijkheid qua gender.
  8. Nadruk op samenwerking voor een betere economie en milieu.

Uit het onderzoek bleek dat de nieuwe Palestijnse schoolboeken nog minder aansluiten bij de waarden van de VN dan voorgaande edities. Zo worden er bij grammatica- en wiskundeopdrachten referenties gemaakt naar jihad, geweld en martelaarschap. In rekenoefeningen moeten leerlingen het aantal martelaren optellen. De tweede wet van Newton wordt uitgelegd aan de hand van een jongen die met zijn katapult stenen afschiet op soldaten.

In opdrachten in aardrijkskunde en geschiedenisboeken is geen ruimte voor Israel op de kaart. Het hele gebied tussen de rivier en de zee wordt gezien als Palestina. Ook wordt het zionisme steevast neergezet als een settler-koloniaal project. In opdrachten voor geometrie maakt men referenties naar de oppervlakte van ‘historisch Palestina’. Israelische steden als Haifa, Jaffa en Nazareth worden geclaimd als Palestijnse steden.

Referenties naar Israel en de Joodse geschiedenis worden ontkend en eerdere alinea’s over het vredesproces zijn geschrapt uit de schoolboeken. “Het Joodse volk in Palestina” is veranderd naar “Zionistische Joden in Palestina”, en de term “het Joodse volk” is veranderd in “de Joden”, waarmee de legitimiteit van de Joden als volk teniet wordt gedaan. Opmerkingen over vrede en co-existentie zijn gecensureerd uit historische documenten – zoals de briefwisseling tussen Arafat en Rabin.

In opdrachten over poëzie wordt het ‘recht van terugkeer’ bejubeld en roept men tot het ‘vernietigen van de buitenlandse overblijfselen’ na het ‘elimineren van de indringer’. Joden worden consistent negatief weergegeven, ook in een religieuze context, en Israel wordt in aanhalingstekens of ‘de zionistische bezetting’ genoemd. De Westmuur wordt geclaimd als een exclusief islamitisch heiligdom en de connectie tussen Joden en Jeruzalem wordt glashard ontkend. Israel krijgt ook de schuld van economische problemen en werkloosheid onder de Palestijnse bevolking.

In de nieuwe schoolboeken is wel meer ruimte voor vrouwelijke rolmodellen. Rolmodellen die dan wel een rol spelen in de jihad, zoals Dalal Murghabi. Vrouwen die soldaten aanvallen worden opgehemeld. Ook is er weinig ruimte voor niet-islamitische standpunten.

Eerdere alinea’s die negatief spraken over LHBTI+’s zijn verwijderd, maar de boeken leggen nog wel de nadruk op de traditionele familiewaarden. De nieuwe schoolboeken nemen ook afstand van racisme en discriminatie, maar doen dat ironisch genoeg niet als het Joden of Israelis betreft.