Veel Kamermoties over aanpak antisemitisme

Afschuw uitspreken over antisemitisme is niet genoeg: het moet gericht en concreet worden aangepakt. Dat was de teneur van acht moties die woensdagmorgen werden ingediend door bijna alle partijen in de Tweede Kamer. Dit in vervolg op het Algemeen Overleg over antisemitisme, dat 2 februari had plaatsgevonden. Minister Donner (BiZa) intussen benadrukte vooral dat hij geen aparte maatregelen wil voor verschillende groepen. In zijn reactie ontried hij de meeste moties en vroeg hij om de andere aan te houden tot juni. Over de moties zal dinsdag worden gestemd.

Dat de regering geen specifiek tegen antisemitisme gerichte maatregelen wil nemen, was al gebleken in het 13 september 2010 gepresenteerde actieplan voor de bestrijding van discriminatie; niet het gerichte plan voor de bestrijding van antisemitisme waar de Kamer drie maanden daarvoor om had gevraagd. De regering beloofde dit plan  ‘verder aan te scherpen’ als de Poldis cijfers, de discriminatiecijfers van de politie, bekend zijn. Door de gebrekkige registratie zijn zij echter pas in juni dit jaar te verwachten.
 
De Kamer is nog steeds niet tevreden met die registratie en het gebrek aan specifieke maatregelen. 
De motie-Voordewind, met een ruime meerderheid in juni 2010 aangenomen, wil aparte registratie van antisemitisme. CU, VVD en CDA vroegen opnieuw om uitvoering hiervan. Minister Donner zegde toe dat dit zal gebeuren, “maar niet door het invoeren van een apart vakje”.
 
Ook eenmaal per jaar ‘separaat’ de Kamer informeren over ontwikkelingen en concrete acties bij het bestrijden van antisemitisme wil Donner niet. Hij vroeg Van der Staaij (SGP) woensdag een motie die daarom vraagt aan te houden tot na de presentatie van de Poldiscijfers.
 
De minister ontried twee moties over deelname van de staat in het beveiligen van Joodse gebouwen. Van Klaveren (PVV) wil de beveiliging van Joodse gebouwen topprioriteit te geven ‘zodat de inkoop van particuliere beveiliging overbodig wordt’. De motie van Rouvoet (CU) vraagt om het zoeken naar een oplossing  voor de hoge beveiligingskosten voor Joodse scholen. Donner stelt dat religieuze gebouwen zoals synagoges en moskeeën extra beveiliging krijgen bij concrete bedreigingen. Hij wil geen uitzondering maken voor synagoges. Op de scholenkwestie ging hij niet in.
 
In de brief van 13 september schreef de regering het lesprogramma Tweede Wereldoorlog in Perspectief te steunen. Daarin worden de Holocaust en de situatie van de Palestijnen bij elkaar behandeld. Onder meer NIOD-directeur Schwegman en het Centraal Joods Overleg vinden dit een verkeerde aanpak die averechts werkt.
Van der Staaij (SGP) vroeg in een door PVV en CU gesteunde motie om zelfstandige aandacht voor de Holocaust bij herdenkingen en in het onderwijs. Minister Donner: “Dit is de eerste stap naar een staatspedagogiek”. Rouvoet (CU) kwam met een door SGP, GroenLinks en de SP gesteunde motie die de regering vraagt met lerarenopleidingen te spreken over de plaats van de Holocaust in het onderwijs. Leraren moeten beter worden toegerust om hierover les te geven. Volgens Donner is dit niet meer dan wat het kabinet al beoogt met het onderwijs.
 
Meer onderzoek naar de oorzaken van antisemitisme, resp. antisemitisme binnen de Islamitische gemeenschap, lijkt de minister ‘een vlucht’: wij weten dat het bestaat en moeten niet de oorzaken, maar de incidenten bestrijden, zei hij. Volgens hem ligt er al een ‘eindeloze stapel studies’. 
 
Van Dam (PvdA) wil dat het kabinet het bestrijden van straatincidenten niet uitsluitend aan de gemeenten laat. Zijn motie vraagt de regering om voor uiterlijk 1 juni samen met de gemeenten een plan op te stellen dat met alle mogelijke middelen, inclusief straatcoaches en lokagenten, het aantal incidenten met 50% moet reduceren. Donner vroeg hem ook deze motie aan te houden tot het bekend worden van de Poldis-cijfers, ook juni.
 
Van Nieuwenhuizen (VVD) drong, niet in een motie, erop aan om mensen die aangifte doen goed te informeren over wat met de aangifte is gebeurd. Sterk (CDA) drong aan op verder onderzoek, aparte registratie, lik op stukbeleid en aandacht voor discriminatie van Joodse gedetineerden door medegevangenen.