Veiligheidsraad Resolutie 1397 wordt vast nummer

De op 12 maart door de Veiligheidsraad aangenomen resolutie over het Palestijns-Israelisch conflict heeft hetzelfde historische kaliber als de resoluties 242 en 338, die de Raad aannam na respectievelijk de Zesdaagse Oorlog van 1967 en de Jom Kippoeroorlog van 1973. En net als in het kader van het vredesproces steevast wordt verwezen naar ‘242 en 338’, zal dat in het vervolg ook gebeuren met 1397, waarin de Raad voor het eerst naar een Palestijnse staat verwijst.

De tekst:

Verwijzend naar al zijn eerdere resoluties terzake, met name 242 (1967) en 338 (1973),
Bevestiging gevend aan het toekomstbeeld van een regio waar twee Staten, Israel en Palestina, binnen veilige en erkende grenzen naast elkaar leven,
Uitdrukking gevend aan zijn ernstige bezorgdheid over het voortduren van de sinds september 2000 plaatsvindende tragische en gewelddadige gebeurtenissen, met name de recente aanslagen en het toegenomen aantal slachtoffers,
De nadruk leggend op de noodzaak voor alle betrokkenen om de veiligheid van burgers te garanderen,
Tevens de nadruk leggend op de noodzaak dat de algemeen geaccepteerde normen van internationaal humanitair recht worden gerespecteerd,
Prijs stellend op en aanmoediging gevend aan de diplomatieke inspanningen van speciale gezanten van de Verenigde Staten van Amerika, de Russische Federatie, de Europese Unie en de Speciale Coördinator van de Verenigde Naties om een allesomvattende, rechtvaardige en duurzame vrede in het Midden-Oosten tot stand te brengen,
Prijs stellend op de bijdrage van de Saoedische Kroonprins Abdullah,
1. Eist de onmiddellijke beëindiging van alle gewelddadigheden, inclusief alle [daden van] terreur, provocatie, ophitsing en verwoesting;
2. Doet een oproep aan de Israëlische en Palestijnse partijen en hun leiders om samen te werken bij de implementatie van het Tenet werkplan en de aanbevelingen uit het Mitchell Rapport met het doel de onderhandelingen over een politieke regeling te hervatten;
3. Spreekt zijn steun uit voor de inspanningen van de Secretaris-generaal en anderen om de partijen behulpzaam te zijn bij het beëindigen van het geweld en het hervatten van het vredesproces;
4. Besluit de kwestie onder zich te houden.

Aangenomen op 12 maart 2002, met 14 stemmen voor (waaronder Nederland), geen tegen en 1 onthouding (Syrië).