Verenigd Koninkrijk gaat strenger toezien op hulp Palestijnse Autoriteit vanwege doorsluizen van geld naar terroristen

Na een drie maanden lang moratorium op hulp aan de PA, heeft de Britse regering vrijdag strenge nieuwe richtlijnen gepubliceerd voor het financieren van projecten van de Palestijnse Autoriteit (PA). De regels zijn aangescherpt om te voorkomen dat het geld gebruikt wordt om salarissen van terroristen te betalen. 

De Britse premier Theresa May

De Britse premier Theresa May

Om ervoor te zorgen dat hulpgelden worden gebruikt voor publieke voorzieningen en niet wordt doorgesluisd naar terroristen, heeft de Britse regering strenge richtlijnen gepubliceerd voor het financieren van projecten bij de Palestijnse Autoriteit (PA). Toen afgelopen oktober bleek dat hulpgelden werden gebruikt om uitkeringen van terroristen te betalen, werd een derde van de financiering aan de PA bevroren. Ook stelde de Britse minister van ontwikkelingssamenwerking, Priti Patel, een onderzoek in. De aangescherpte richtlijnen zijn daar het gevolg van.

Het Britse ministerie van ontwikkelingssamenwerking wil zich ervan verzekeren dat ontwikkelingsgelden worden gebruikt voor “belangrijke gezondheids- en onderwijsdoeleinden”, zoals het betalen van salarissen van leraren en medische staf. Voortaan worden alleen nog de salarissen betaald van PA-ambtenaren die op een goedgekeurde lijst staan, waardoor wordt vermeden dat het geld wordt gebruikt om ambtenaren te betalen die geen werk verrichten, of dat het wordt doorgesluisd naar terroristen. 

De Britse overheid is goed voor een bedrag van 247 miljoen euro aan projecten in de regio, deels via de VN-organisatie UNRWA en deels direct aan de Palestijnse Autoriteit. Voortaan zal de PA moeten bewijzen dat het voldoet aan de Britse “partnership principles” om in aanmerking te komen voor financiering door het Verenigd Koninkrijk. De eisen omvatten onder meer de inzet om armoede te bestrijden, respect voor mensenrechten en internationale verplichtingen, en een transparante financiële verantwoording. Bovendien schrijven de principes voor dat de ontvangende organisaties van hulpgelden actief moeten zorgen dat het geld niet wordt misbruikt door corrupte instanties. Om het financiële management van de PA te verbeteren, hebben het Britse ministerie van buitenlandse zaken en het ministerie van ontwikkelingssamenwerking een extra bedrag van 11,4 miljoen euro gedoneerd.

Er zijn al langere tijd klachten over het misbruik van hulpgelden door de Palestijnse Autoriteit en het doorsluizen van geld naar oneigenlijke bestemmingen, ook in Nederland. Met name het misbruik van donorgelden voor het betalen van uitkeringen aan (families van) terroristen en voor het financieren van projecten die een boycot of zelfs de totale vernietiging van Israel propageren, is zorgwekkend. Bovendien is corruptie een groot probleem. 

Een voorbeeld van een project dat hulpgelden misbruikt, is Islamic Relief Worldwide. Deze organisatie wordt voornamelijk gefinancierd door de EU, terwijl Israel het hoofd van de organisatie ervan verdenkt geld door te sluizen naar Hamas. De terreurbeweging gebruikt de hulpgelden vervolgens voor het aanschaffen van wapens en het graven van smokkel- en terreurtunnels. Andere programma’s die met Europees geld worden gefinancierd, propageren een éénstaatoplossing en steunen de BDS-beweging.

Ook Nederlands hulpgeld wordt op dergelijke wijze misbruikt door Palestijnse organisaties. CIDI roept al jaren op om strenger toe te zien op de besteding van deze gelden. Onlangs is hierover gediscussieerd in de Tweede Kamer tijdens de behandeling van de begroting van het ministerie van BuZa. Nederland zou er goed aan doen om het Britse voorbeeld te volgen en de richtlijnen voor ontwikkelingshulp aan de PA aan te scherpen.