Verhagens Midden-Oostenbeleid bekroond

De demissionaire minister Maxime Verhagen ontvangt donderdag 29 april een prijs van American Jewish Committee voor “zijn inzet voor democratische waarden en zijn diepe vriendschap met Israel”. De uitreiking vindt plaats tijdens de jaarlijkse conferentie van het American Jewish Committee, dat zich inspant voor Israel, het bevechten van antisemitisme en het bevorderen van mensenrechten.

 De conferentie in Washington is een mega-evenement met bijna duizend bezoekers. Onder de sprekers zijn, behalve minister Verhagen, de Israelische minister van Defensie Ehud Barak, de Spaanse minister Miguel Moratinos van Buitenlandse Zaken en een vooraanstaand lid van de Amerikaanse regering. Er komen onder meer bestuurders van ruim 35 Joodse gemeenschappen uit de hele wereld. 
 
Op het CIDI symposium in het Vredespaleis op 9 maart in Den Haag verklaarde Minister Verhagen zich te ergeren aan het ‘Israel bashen’ door de Verenigde Naties in Geneve: “Dat is een soort rituele dans geworden”, zei de minister. 
 
“Ik vind het onbestaanbaar dat het bestaansrecht van de staat Israël nog steeds niet algemeen aanvaard is, sterker nog, ter discussie wordt gesteld. Er zijn krachten die Israël van de kaart willen vegen. De Iraanse president laat zich regelmatig in die termen uit. Hamas heeft Israël nooit willen erkennen, noch het principe van geweld afgezworen.
"Waarom kost het toch zoveel moeite die zaken veroordeeld te krijgen in de VN? En waarom lijkt het wel, ook hier in Nederland, alsof men daar toch meer vergoelijkend tegenover staat? De rollen van David en Goliath zijn in de afgelopen decennia omgedraaid in de publieke opinie.
"Maar dat is een te eenzijdige voorstelling van zaken. Laat de criticasters van Israël zich eens uitspreken over de vraag hoe Israël zich veilig kan voelen in een omgeving die Israël niet erkent, naar het leven staat zelfs. Tegelijkertijd is en blijft het voor vrede en veiligheid in het Midden Oosten noodzakelijk dat er een Palestijnse staat komt op basis van de grenzen van ’67.
"Ik prijs CIDI voor de rol die het speelt bij de informatievoorziening om, inderdaad, te voorkomen dat onbekendheid leidt tot verwerpelijke generalisaties,” aldus de minister.