Wederopbouw in Gaza zonder UNRWA

Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Share on LinkedInDigg thisShare on RedditEmail this to someonePrint this pageDeel dit

Palestijnen die na de verwoestingen in Gaza hulp verlangen van de VN stellen hun hoop op de UNRWA. Maar de rol van die organisatie staat steeds vaker ter discussie: UNRWA speelt Hamas in de kaart en werkt er soms openlijk mee samen, stelt ook Asaf Romirowsky van de Amerikaanse denktank Middle East Forum. Het vinden van alternatieve hulpkanalen bij de wederopbouw van Gaza, bijvoorbeeld via het Rode Kruis, zou een uitgelezen middel zijn om de greep van Hamas op de Gazastrook te verzwakken.

De United Nations Relief and Works Agency is opgericht als tijdelijke hulporganisatie voor Palestijnse vluchtelingen en voorziet al 57 jaar Palestijnen van voedsel, medicijnen, onderwijs en zelfs banen. Zo’n 825.000 van de 1,5 miljoen inwoners van Gaza maken aanspraak op de vluchtelingenstatus en daarmee op UNRWA-rantsoenen.

UNRWA bestaat bij de gratie van deze vluchtelingen en heeft dus geen enkel belang bij het oplossen van het vluchtlingenprobleem, stelt Romirowsky. Onder de ruim 23 duizend werknemers zijn slechts honderd professionals van de internationale VN. Anders dan de algemene VN vluchtelingenorganisatie UNHCR, heeft UNRWA mensen in dienst die ook uitkeringen van de organisatie ontvangen.

Volgens Hamaspropagandist Rashid Khalidi, een docent aan de Columbia University, zijn daar mensen onder ‘van verschillende politieke stromingen, zoals Hamas en de Islamic Jihad’. UNWRA heeft er geen probleem mee als werknemers openlijk die organisaties aanhangen. Romirowsky noemt voorbeelden van leraren aan UNRWA-scholen die de Hamas-ideologie bevorderen in de klas, zoals Suheil al-Hindi die in 2003 zelfmoordaanslagen toejuichte en vervolgens promotie maakte en werd gekozen voor een functie in de UNRWA-dienstenvakbond. Hij noemt voorbeelden van UNRWA-leraren die de politiek in gingen als leiders van Hamas.

Het mag geen verbazing wekken dat er rapporten opduiken over Hamas-activiteiten in UNRWA-voorzieningen: scherpschutters in scholen, bommen- en wapenfabrieken in UNRWA-kampen, terroristen die in UNRWA ambulances naar hun doel worden gebracht en zelfs rechtstreekse betrokkenheid van UNRWA werknemers bij terroristische aanslagen, zoals de vooraanstaande UNRWA-functionaris Nahd Rashid Ahmad Atallah.

Volgens de New York Times (2000) stelde UNRWA haar scholen open voor ‘vakantiekampen’ waarin terroristische organisaties 25 duizend Palestijnse kinderen een paramilitaire training gaf, inclusief het maken van mototovcocktails en bommen.
Toen de Amerikaanse regering UNRWA vroeg of de organisatie uitkeringstrekkenden controleerde op banden met terroristen, zei UNWRA dat dit onmogelijk was omdat het haar werknemers in gevaar zou brengen.

UNRWA heeft zich niet uitgesproken tegen het geweld waarmee Hamas zich in de Gazastrook ontdeed van de Fatach-oppositie. “Donorlanden hebben hun hulp niet gestaakt”, zo citeert Romirowsky een UNWRA-functionaris. “Integendeel, veel landen, inclusief Israel, hebben ons gevraagd onze diensten voort te zetten en zelfs uit te breiden met voorzieningen die wij eerst niet leverden.”

Maar door de openlijke associatie van Hamasmensen met de organisatie die hulp biedt in Gaza, versterkt het werk van UNRWA Hamas. En doordat UNRWA voorzieningen levert die de Hamasregering laat liggen, kan Hamas internationale hulpgelden gebruiken voor wapens en propaganda in plaats van eten en elektriciteit. Zo creeert UNRWA al sinds 1991 door middel van microcredieten arbeidsplaatsen in Gaza, de Westbank, Libanon, Syrie en Jordanie; UNWRA neemt daardoor taken over die de ministeries van Economische Zaken in die landen behoren te vervullen.

Het budget van deze organisatie, op dit moment ruim 365 miljoen dollar, komt voornamelijk van de VS en Westelijke landen. Als het Westen de greep van Hamas op de Gazastrook wil verzwakken, is een reorganisatie van de hulpverlening door bijvoorbeeld het Rode Kruis een aangewezen middel. Dit zou ook een duidelijke boodschap zijn aan de VN dat het Palestijnse vluchtelingen probleem, dat groepen als Hamas legitimeert, niet in stand mag worden gehouden.