Aankondiging van Palestijnse staat in mei 1999

Vijf jaar na ‘Oslo’

Vijf jaar na het Oslo Akkoord dat op 13 september 1993 in Washington werd getekend zijn de Palestijnen vast van plan zich aan één punt uit het tijdschema strikt te houden en dat is dat het Palestijnse gebied vanaf april 1999 een permanente status krijgt. Bij gebrek aan overeenstemming daarover met Israel – de onderhandelingen liggen immers al 18 maanden stil – heeft Jasser Arafat aangekondigd eenzijdig de Palestijnse staat te zullen uitroepen op 4 mei 1999. De Palestijnse Autoriteit heeft drie commissies ingesteld, een juridische, een economische en een politieke, die de oprichting van de staat voorbereiden. Ook wordt er gewerkt aan een lobby-offensief onder de Arabische landen om de onafhankelijkheidsverklaring te steunen.

Ramp

Oeri Savir, in 1993 directeur-generaal van buitenlandse zaken en de Israelische toponderhandelaar die ‘Oslo’ voorbereidde, is nu directeur van het Peres-Vredescentrum. Hij verwacht niet dat Arafat eenzijdig de Palestijnse staat zal uitroepen, en als hij het toch doet, aldus Savir, "dan zal dat uitlopen op een ramp". Savir is er van overtuigd dat de Palestijnen hun staat zullen krijgen, maar eenzijdige proclamatie ondermijnt het vredesproces. "Ik hoop dat Israel verstandig genoeg is om met de Palestijnen in goed vertrouwen te onderhandelen opdat de staat, die er zeker komt, Israel vriendelijk gezind zal zijn en niet vijandig." Savirs Palestijnse tegenspeler in 1993, Achmed Qurei (ook bekend als Aboe Ala’a), is tegenwoordig voorzitter van de Palestijnse Wetgevende Vergadering, het parlement. Hoewel hij een voorstander is van de volgorde die Savir schetst, eerst vrede en dan een staat, kiest hij zonodig voor de omgekeerde volgorde: eerst een staat en daarna vrede. Qurei: "Op 4 mei 1999, de dag waarop de geldigheidstermijn verstrijkt van de Oslo-akkoorden, roept voorzitter Arafat de Palestijnse staat uit. Dat is ons recht." Maar, zegt Qurei, "we hopen dat we voor die tijd een definitief akkoord met Israel sluiten".

Bemiddelaar

Dat is waar de Amerikaanse bemiddelaar Dennis Ross vorige week opnieuw voor naar het Midden-Oosten kwam. Ross moet de partijen op één lijn krijgen op de vier hoofdpunten. Het eerste punt is de terugtrekking door Israel uit de Westelijke Jordaanoever. Israel zou bereid zijn om 13% over te dragen, mits 3% daarvan als natuurgebied wordt aangemerkt. De Palestijnse bevoegdheden in het gebied moeten nader worden uitgewerkt. Het tweede punt is de herziening van het PLO-handvest. Premier Netanjahoe staat erop dat Arafat de Palestijnse Nationale Raad (PNC) bijeenroept omdat dit het enige orgaan is dat de Palestijnse toezegging uit 1993 kan bekrachtigen. Arafat op zijn beurt wil geen PNC-vergadering omdat hij bang is dat een stemming over de kwestie verkeerd zal uitpakken gezien de vele anti-Oslo gezinde leden van de Raad. Hij verdedigt dan ook het standpunt dat de kwestie met het PNC-besluit van april 1996 – waarbij paragrafen die in strijd zijn met de vredesakkoorden worden geschrapt – is geregeld. Het is echter volstrekt onduidelijk welke paragrafen ongeldig zouden zijn verklaard.

Ten derde wil Israel concrete stappen van de Palestijnen tegen anti-Israelisch geweld: het aanpakken van fundamentalistische moslims, uitwijzing van Palestijnen die verdacht worden van aanvallen op Israelische doelen en inbeslagname van wapens. De Palestijnen zouden akkoord zijn met het Amerikaanse land-voor-veiligheid concept. Punt vier kan pas aan de orde komen als de eerste drie zaken zijn geregeld. Het betreft de afspraak om verder te praten over de definitieve status: een Israelisch-Palestijns vredesverdrag. Hierin zullen alle hete hangijzers – Joodse nederzettingen, Palestijnse vluchtelingen, Jeruzalem, grenzen en de status van een Palestijnse entiteit – worden geregeld.

Overeind

Oeri Savir zegt vijf jaar na Oslo: "In 1993 was ik er zeker van dat Israel en de Palestijnen zo’n hechte band zouden hebben dat problemen waren op te lossen. Dat is helaas niet het geval als je kijkt naar de relatie tussen Netanjahoe en Arafat. Anderzijds ben ik aangenaam verrast door het feit dat de Oslo-akkoorden ondanks de crises nog steeds overeind staan". Aboe Ala’a verwachtte van meet af aan veel problemen. Ondanks hun soms uiteenlopende visie op het vervolg van het vredesproces hebben de twee oud-onderhandelaars afgelopen zondag geklonken op vijf jaar ‘Oslo’.