Band Amsterdam-Tel Aviv: bespreking uitgesteld

Voor wie het had gemist, er was weer eens een oproep gedaan aan de Amsterdamse gemeenteraad om de samenwerking (of wat er nog over is van dat plan: de niet-stedenband dus) tussen Amsterdam-Tel Aviv te verbreken.

Gistermiddag besprak de Raad dit in een commissievergadering. CIDI-directeur Hanna Luden was er ook, om in te spreken. Zij sprak zich uit vóór de samenwerking tussen Amsterdam, Tel Aviv en Ramallah. “Raadsleden, laat u niet gijzelen door blinde haat. Mensen die tegen de bestaande samenwerking zijn, willen helemaal geen samenwerking, onder welke voorwaarde dan ook. Zij willen eigenlijk dat Israël niet meer bestaat.”

Resultaat: de commissie stelde de bespreking van ingediende moties in de voltallige Raad (dus niet in commissieverband zoals vandaag) uit tot na de Raadsreis naar Tel Aviv en Ramallah, in maart.

“Dus ergens in april gaat het verder. Na Pesach, schat ik zo”, denkt Daphne Meijer aan wie dank.

Merkwaardig genoeg wordt die reis consequent aangeduid als “reis naar het Midden-Oosten”, hoewel hij alleen naar Israel en de Westoever gaat. Alsof er niets gebeurt in buurlanden als Syrië, het leeuwendeel van het Midden-Oosten.

Op zich is het een voordeel als deze moties na de verkiezingen worden besproken: Raadsleden komen dan niet in de verleiding voor hun partij te ‘scoren’ in de Amsterdamse gemeenteraad. Die spreekt terecht niet over Syrië. De Amsterdamse Raad heeft immers alleen wat te vertellen over plaatselijke politiek.

Kan misschien ook de obsessieve bemoeienis met het gedrag van Israel, en dan nota bene Tel Aviv, wat minder?