CIDI stuurt Universiteit Leiden Woo-verzoek: “Maak alle contacten met instellingen in het Midden-Oosten openbaar”

IN NEDERLAND / Door: CIDI / 27 mei 2024

De Universiteit Leiden heeft vrijdag een Woo (Wet Open Overheid)-verzoek van CIDI ontvangen. Hierin wordt verlangd, dat de Universiteit alle samenwerkingsverbanden, uitwisselingscontracten en correspondentie met organisaties, individuen en entiteiten in het Midden-Oosten, Noord-Afrika, Rusland en China openbaar maakt voor zover deze landen, volgens Human Rights Watch en Amnesty International, de mensenrechten schenden. Het gaat om gegevens over de afgelopen tien jaar.

 

Daarnaast verzoekt CIDI alle relaties van medewerkers van de Universiteit met organisaties, die zich beijveren voor een boycot van Israëlische instituties, naar buiten te brengen. Het betreft groeperingen als Students tot Palestine, Scholars for Palestine, Nederlands Palestina Komitee en Plant een Olijfboom.

 

Het Woo-verzoek is ingegeven door de bekendmaking van de Universiteit Leiden op 16 mei, dat een ethische commissie zal worden ingesteld, die de samenwerkingsverbanden met Israelische Universiteiten gaat onderzoeken. Die commissie gaat de situatie van de mensenrechten en het gebruik van wetenschappelijk onderzoek voor militaire doeleinden beoordelen. Ook heeft de Universiteit het uitwisselingsprogramma voor studenten, dat zij met twee Israelische Universiteiten heeft, bevroren. 

 

De Universiteit van Leiden onderhoudt intensieve contacten met twintig Chinese Universiteiten. China is zelfs aangewezen als “prioriteitsland”. De Sultan van Oman Leerstoel voor Orientaalse Studieën wordt, zoals de naam aangeeft, betaald door Oman. Het olieconcern Aramco, waarin het Saoedische Koningshuis het merendeel van de aandelen bezit, doneerde vorige jaar €100.000 voor Islam Studies aan de Universiteit. Het betreft alle drie landen, waar de mensenrechten op grote schaal geschonden worden. Het Turkije instituut van de Universiteit bevindt zich in Istanbul, evenmin een land waar de mensenrechten hoog in het vaandel staan. Toch legt het College van Bestuur, mogelijk uit angst voor pro-Palestijnse actievoerders, alleen de samenwerkingsrelaties met Israelische instellingen tegen de meetlat.

 

Om een beter inzicht te krijgen in de drijfveren achter dit beleid en de te verwachten aanbevelingen van de ethische Commissie in perspectief te kunnen plaatsen, heeft CIDI dit Woo-verzoek ingediend. Daarbij is overwogen dat het handelen van het College van Bestuur, afhankelijk van de omstandigheden en achtergronden, een onrechtmatige daad kan opleveren tegenover Israelische Universiteiten, in Nederland wonende Israelische studenten en docenten en organisaties waarmee de Israelische Universiteiten contacten onderhouden.