Uitbreiding van de Abraham-akkoorden in 2022?

Uit de Abraham-akkoorden van 2020 zijn in het afgelopen jaar handelsdeals tot bloei gekomen tussen Israel en haar nieuw bevriende landen. Dit wijst op positieve en warme intenties van de leiders. De Akkoorden doorstonden het afgelopen jaar enorm goed, maar hoe zal het de Akkoorden vergaan in het volgende jaar? Volgens Arabisch-Israelisch minister Issawi Frej (Meretz) van Regionale Samenwerking zullen andere islamitische landen snel volgen.

abraham akkoorden 2022

Israelisch premier Naftali Bennett en Emiratisch kroonprins Mohammed Bin Zayed (GPO/Haim Tzach)

Vrede en samenwerking als basis

De Abraham Akkoorden belichamen een zeldzame afwijzing van vijandigheid in het door conflicten verscheurde Midden-Oosten. Een van de belangrijkste resultaten van de Abraham-akkoorden is de verbeterde persoonlijke relatie tussen gewone Israeli’s en burgers van verschillende Arabische landen. Israelische toeristen in de Verenigde Arabische Emiraten en Marokkaanse in Israel, het is een sterk beeld. Direct contact tussen burgers niet onderschat worden als basis voor diplomatieke betrekkingen. De verwachting van experts en diplomaten is dat de geopolitieke en economische voordelen aanstekelijk zullen zijn voor andere landen in de regio, mogelijk zelfs voor landen buiten het Midden-Oosten die Israel vijandig benaderen. De Akkoorden vormen een basis voor vrede en samenwerking waar ieder land gebruik van zou kunnen maken. 

Welke landen volgen de vier dappere moslimlanden op? De Verenigde Arabische Emiraten, Marokko en Bahrein tekenden, ondanks felle kritiek, voor vrede en vriendschap met Israel. Soedan blijft uit, ondanks het uitspreken van goede voornemens door Generaal Abdel Fatah Burhan, de facto leider van het land. De generaal heeft het afgelopen jaar druk gehad met het voorbereiden en uitvoeren van een staatsgreep, en de nasleep ervan. Zijn feitelijke macht is zeer beperkt, en normalisatie met Israel blijft in Soedan zeer onpopulair onder de bevolking.

Desalniettemin biedt de succesvolle nieuwe samenwerking tussen Israel en de VAE, Bahrein en Marokko veel hoop. Het voorspellen van de toekomst is onmogelijk, maar enkele experts die in Mizrach hun verhaal deden, blikten wel vooruit. Volgens Mark Blaise moet er eerst nog veel water door de wijn voordat de Saudi’s officieel ook de relaties normaliseren. Ondanks geruchten dat Saudi Arabië het veel kleinere en minder machtige Bahrein aanspoorde om te tekenen, wacht Saudi Arabië zelf voorlopig nog met tekenen. Han ten Broeke schetst echter wel degelijk een beeld dat de regionale aspiraties van het Iraanse regime verschillende soennitische landen in de armen van Israel drijven. En de informele contacten tussen het koningshuis van het ibadisch-islamitische Oman en Israel bieden ook perspectief op meer officiële betrekkingen.

Indonesië en de Akkoorden

De uitdagingen die Indonesië heeft, wijken erg af van de uitdagingen in de Perzische Golf, waardoor er anders wordt gekeken naar de Abraham Akkoorden. De Verenigde Staten boden Indonesië een hulppakket aan, in ruil voor het tekenen van de Akkoorden door het grootste moslimland ter wereld. Indonesisch president Joko Widodo stelde als antwoord op het aanbod van de Amerikanen, dat er eerst vrede gesloten dient te worden met de Palestijnen. Widodo ontloopt hiermee het risico op grootschalige protesten tegen Israel, iets dat eerder gebeurde in het Trump-tijdperk. Indonesië heeft hele andere problemen dan de landen die de Akkoorden tekenden en ziet daarbij een toename aan moslimextremisme. Juist door te wachten met tekenen, kan een deal in de toekomst er beter uitzien voor Indonesië. Zo is de Indonesische minister van Defensie naarstig op zoek naar nieuwe innovaties om het Indonesische leger te moderniseren. De bilaterale verhoudingen tussen Indonesië en Israel blijven echter innig.

“Juist door te wachten met tekenen, kan een deal in de toekomst er beter uitzien voor Indonesië.”

Vooralsnog is het moeilijk te speculeren over wat specifiek de VS moeten bieden om Indonesië aan boord te krijgen. Wat echter duidelijk is, is dat, althans op korte termijn, de regering van Widodo zonder haperingen zal functioneren door haar beproefde formule voort te zetten. Dat is: om verre maar wederzijds voordelige economische en politieke interacties met Israel te onderhouden. Juist door de deal nog niet te ondertekenen, kan Indonesië het koord blijven bewandelen tussen Israel, de Palestijnen en de VS. Daarnaast houdt Widodo rekening met zijn eigen islamitische groeperingen en wil het delicate evenwicht niet al te zeer verstoren. Intussen kunnen Indonesische diplomaten op de achtergrond onderhandelingen blijven voeren, zoals Saoedi-Arabië.

Minder vocaal anti-Israel in de internationale gemeenschap

Als constitutionele monarchie met een moslimmeerderheid is Maleisië een van de meest uitgesproken tegenstanders van Israel. De betrokkenheid van Israel bij het onafhankelijkheidsconflict in Singapore in 1965 lijkt een greppel tussen de twee landen te hebben gegraven. Bovendien hebben zowel Egypte (dat destijds nog geen vrede had met Israel) als Saoedi-Arabië destijds het Zuid-Aziatische land onder druk gezet om als vergelding de banden met Israel te verbreken. Maleisië steunde krachtig de verklaring van de VN-vergadering van 1975 waarin het zionisme als een vorm van racisme wordt veroordeeld, en in 1979 introduceerde het zelfs een jaarlijkse herdenking gewijd aan de Al-Aqsa-moskee op de Tempelberg, die Maleisië ondanks het Jordaanse bestuur van het heiligdom ziet als veroverd door niet-moslims. In 1994 ging premier Mahathir zo ver dat hij de Sjoa afwees als ‘Joodse propaganda’. Hetzelfde jaar ontmoette de broer van de koning, Tengku Abdullah Abdul Rahman, zowel Rabin en Peres in Israel. Dit markeerde de allereerste officiële ontmoeting op hoog niveau tussen Maleisië en Israel.

Inmiddels heeft Maleisië de Abraham-akkoorden uitgesproken verworpen en opgeroepen om de Palestijnen te blijven steunen in hun streven naar onafhankelijkheid. Maleisië volgt de regionale ontwikkelingen, waarbij Palestijnen middels Hamas bevriend raken met Turkije, Qatar en Iran. Maleisië koestert juist nauwe banden met het blok van de soennitische koninkrijken en Egypte, waarin wel landen zitten die de Akkoorden tekenden. In de aversie tegen de Moslimbroederschap vindt Maleisië  opnieuw de vriendschap met Egypte, dat zelf als eerste Arabische land vrede sloot met de Joodse staat.

Maleisië heeft de ambitie om zichzelf af te schilderen als een geavanceerd land met een moslimmeerderheid, dat traditie en moderniteit met succes combineert, zoals de VAE. Dat is de reden waarom de twee landen een sterke band hebben ontwikkeld als leidende modellen voor islamitische economieën die vooruitgang omarmen. Daarnaast heeft Maleisië veel te winnen bij concrete spill-overs van de Abraham-akkoorden, zoals de impuls aan het toerisme. Normalisatie met Israel zal waarschijnlijk niet al in 2022 plaatsvinden, aangezien er geen vitaal militair belang is in de bilaterale betrekkingen, maar Maleisië zal waarschijnlijk minder interesse hebben om een anti-Israel resolutie in de VN te steunen.

Andere potentiële ondertekenaars 

Oman wordt ook regelmatig expliciet genoemd, maar Oman heeft altijd de rol van facilitator in de regio gespeeld. Iran en Israël zijn regionale rivalen, daarom was het noodzakelijk voor Oman om tot nu toe te weigeren de Akkoorden te tekenen. Normalisering met Israel zou Oman minder neutraal maken in de ogen van het Ayatollahregime. Oman presenteert zich als regionale bruggenbouwer, ook door de geografische ligging, en wilt een zekere mate van goodwill naar alle kanten behouden. Oman en Israel werken al samen als het gaat om watermanagement en -innovatie. 

Pakistan heeft als soennitisch land ook wrijving met Iran, en goede relaties met het soennitische machtsblok dat zich steeds vriendelijker richting Israel opstelt. Geruchten van bezoeken van Pakistaanse politici aan Israel worden regelmatig tijd ontkend. Normalisatie met Israel zou ongetwijfeld grote economische en diplomatieke voordelen voor het land hebben. Maar dit onderwerp is ook in Pakistan erg gevoelig, en valt in het lastig bestuurbare land lastig om politiek ‘te verkopen’.

De Abraham Akkoorden en de Palestijnen

De meningen van experts zijn sterk verdeeld, maar in potentie zouden de Akkoorden ook positief zijn voor de Palestijnen. De Abraham-akkoorden brengen ‘normalisatie’ in de verhouding tot Israel en kunnen daarmee communicatiekanalen openen. Niet alleen tussen de Arabische staten van de Golf en Israël maar ook richting Palestijnen. Zij krijgen zodoende de kans om eisen te stellen aan hun leiderschap en hen tot pragmatisme te dwingen. De steun van Palestijnen voor de Palestijnse Autoriteit is tanende. De Palestijnse Autoriteit krijgt volgens Palestijnen te weinig voor elkaar en de 86-jarige president Mahmoud Abbas faalt al jaren om vrije verkiezingen uit te schrijven. Hij wijst naar Israel als schuldige, maar de meeste Palestijnen vinden dat hij zelf verantwoordelijkheid moet nemen. In de tussentijd voert Israelisch minister van Defensie Benny Gantz intensieve gesprekken met Abbas, waarbij de relatie weer enigszins lijkt te normaliseren ten opzichte van het Netanyahu-tijdperk.

De Abraham Akkoorden zorgen er ook voor dat Joden beter worden begrepen in landen waar antisemitisme nog altijd welig tiert. Kennismaken met Joods leven en de geschiedenis is de beste middel tegen onverdraagzaamheid en haat.  Steeds meer nieuwe vriendschappen komen tot bloei komen tussen de naties van het Midden-Oosten. Wie is de volgende leider van een moslimland, die vrede als een succes weet te verkopen aan zijn bevolking?