Enquête: Relatie tussen Joodse en Arabische Israeli’s verslechterd

Een onderzoek van het Israel Democracy Institute naar de relatie tussen Joodse en Arabische Israeli’s** wijst op grote verschillen in inzicht tussen beide groepen.

Het centrum van Haifa (Fotocredit: Flickr)

Het onderzoek, uitgevoerd in april en augustus 2021, stond onder leiding van de Israelische professor Tamar Hermann. Zij onderzochten uiteenlopende aspecten zoals identiteit en civiele participatie, onderwijs, arbeidsmarkt en rechtshandhaving.

Identiteit en civiele participatie

Slechts 50 procent van de Arabische ondervraagden voelt zich onderdeel van de Israelische samenleving. Dit is een daling van 7 procent ten opzichte van de vorige studie uit 2019. Aan Joodse kant werd er een stijging van 3 procent genoteerd, van mensen die aangaven zich onderdeel van de Israelische samenleving te voelen, van 84 naar 87 procent. 

51 procent van de Joodse respondenten gelooft dat Arabische Israeli’s willen integreren en onderdeel willen uitmaken van de Israelische samenleving. Dit is overigens een daling van 5.5 procent. Van de Arabische ondervraagden geeft 80 procent aan dat zij dit graag willen, een kleine daling van 2.5 procent ten opzichte van 2019.

Daarnaast is 33 procent van de Joodse Israeli’s van mening dat een Arabische Israeli, die zich Palestijns voelt, ook een loyale burger van Israel kan zijn. Dit percentage toont correlatie met de politieke affiniteit van de ondervraagden. 73 procent van de Joodse respondenten die zich links noemt gelooft in de loyaliteit tegenover Israel, terwijl 19 procent van de rechtste ondervraagden het hiermee eens is.

Screenshot uit de studie van het Israel Democracy Institute.

Arabisch onderwijs

Aangaande het onderwijs lopen de meningen van zowel Joodse als Arabische Israeli’s uiteen. 78 procent van de Arabische Israeli’s wil dat het Arabische onderwijssysteem de vrije hand krijgt in het opstellen van het curriculum op Arabische scholen. De Joodse ondervraagden dachten hier anders over. Zo gaf 63 procent aan hier tegenstander van te zijn.

De mening van Joodse en Arabische Israeli’s lopen sterk uiteen als het gaat om het opnemen van historische en culturele aspecten uit de Arabische gemeenschap in het Israelische curriculum. Terwijl 92.5 procent van de Arabische respondenten dit graag ziet, wordt dit door slechts 44 procent van de Joodse respondenten gesteund.

Screenshot uit de studie van het Israel Democracy Institute.

Gevoel van ongelijkheid op arbeidsmarkt

De studie wees verder uit dat Arabische Israeli’s zich achtergesteld voelen op de Israelische arbeidsmarkt. Zo gelooft 81 procent van hen, ook al denken zij geschikter te zijn, dat Joodse landgenoten eerder de baan krijgen of worden toegelaten tot een studieprogramma.

Arabische Israeli’s maken 22 procent van de Israelische samenleving uit. Hun percentage in leidinggevende posities is echter veel lager. Joodse en Arabische ondervraagden hebben hier een andere verklaring voor. De meerderheid van de Arabische respondenten verklaren dit verschil doordat “Joden de wens hebben om Arabieren van gezaghebbende posities te weren”. Het grootste deel van de Joodse ondervraagden (34 procent) zegt dat dit komt doordat “Arabische burgers niet willen toetreden tot de ambtenarij”.

Screenshot uit de studie van het Israel Democracy Institute.

Criminaliteit binnen Arabische gemeenschap

Joodse en Arabische Israeli’s geven ook beide een andere verklaring voor de hoge criminaliteitscijfers binnen de Arabische gemeenschap. Twee verklaringen worden het vaakst genoemd. 58 procent van de Arabische en 30 procent van de Joodse respondenten gelooft dat de Israelische regering te weinig investeert in misdaadpreventie.

Echter legt 36.5 procent van de Joodse ondervraagden de schuld bij Arabische leiders die te weinig zouden samenwerken met de politie om misdaad te bestrijden. 17 procent van de Arabische Israeli’s is het hiermee eens.

Screenshot uit de studie van het Israel Democracy Institute.

Relatie tussen Joodse en Arabische Israeli’s

Het onderzoek wees ook uit dat beide gemeenschappen een negatiever beeld over elkaar hebben in vergelijking met 2019. Zowel Joodse als Arabische Israeli’s noteren een daling in hun bereidheid om elkaar als persoonlijke vriend te accepteren. Ook laat de studie een sterke daling zien in de bereidheid om elkaar als buren te accepteren. Van Joodse kant is deze bereidheid gedaald van 58 naar 45 procent, terwijl Arabische Israeli’s een afname noteerde van 89 naar 64 procent. 

Verder is het opvallend dat beide gemeenschappen hun onderlinge verhoudingen anders ervaren. Zo zegt 30 procent van de Arabische Israeli’s dat hun relatie met Joden goed tot erg goed is, terwijl 9 procent van de Joodse respondenten hun relatie met Arabische landgenoten als goed tot erg goed omschreef. Ten opzichte van de vorige studie is er een daling van 1 procent aan Arabische en 11 procent aan Joodse kant genoteerd. 

Bovendien geeft 50 procent van de Joodse ondervraagden en 20 procent van de Arabische Israeli’s aan voorstander te zijn dat beide groepen gescheiden van elkaar leven. Dit is een stijging van 4 procent aan Joodse en 3 procent aan Arabische kant. Bij Joodse groepen werd hier echter verschillend over gedacht. Zo was 85 procent van de ultraorthodoxe Joden het met de stelling eens, terwijl 32 procent van de seculiere Joden deze gedachte deelde.

Ten slotte verklaart 65 procent van de Joodse ondervraagden en 13 procent van de Arabische Israeli’s dat zij elkaars woongebieden liever vermijden. Dit is een stijging van 7 procent aan Joodse kant en 5 procent aan Arabische kant. Ook geeft 37 procent van de Joodse respondenten aan dat Arabische Israeli’s alleen land mogen kopen in hun eigen gemeenschap, terwijl 18 procent zelfs vindt dat Arabieren helemaal geen grond binnen Israel mogen verkrijgen.

Screenshot uit de studie van het Israel Democracy Institute.

Het hele rapport kunt u hier lezen.

**De term Arabische Israeli’s
Deze term wordt – in het algemeen en in dit onderzoek – gebruikt om de groep Arabische inwoners van Israel aan te duiden die Israelisch burger zijn. Zij vormen zo’n 22 procent van de Israelische samenleving. Een groot deel van hen, maar niet iedereen ziet zichzelf als Palestijn. De meesten geven aan een ‘gelaagde identiteit’ te hebben, waarbij zowel Arabisch-Israeli als Palestijn een rol speelt, in wisselende prioriteiten. In sommige politieke kringen – vooral in het Westen – wordt hiertegen gestreden en wil men uitsluitend de term Palestijn gebruiken. De onderzoekers en CIDI hebben hier geen politieke bedoelingen bij.