Het begint intussen een vermoeiende exercitie te worden. Deze week kwam het nieuws naar buiten van de Tilburg University, dat zij banden met Israelische universiteiten gaan opschorten. We zien hoe een groep universiteiten langzaam maar zeker de banden verbreekt met Israel. Ze worstelen hier mee, omdat het diep in strijd is met hun eigen beginselen. Er is een oplossing. Die is te vinden in de belofte die veel universiteiten deden in Trouw vorig jaar: “In vrijheid willen en zullen wij onze banden met de academische wereld wegen.”

Moreel bastion
Wat zijn nu de redenen om de banden met Israel te verbreken? Zoals de Erasmus Universiteit (EUR) zelf constateert, scoort Israel een stuk hoger op het gebied van academische vrijheid dan Nederland. Dat alleen al zou voldoende reden moeten zijn de samenwerking juist gaande te houden. Maar een aantal Nederlandse universiteiten weten het beter dan deze index. Ze zijn op zoek naar argumenten om de samenwerking toch te stoppen.
Ze doen dat door op een andere manier naar universiteiten te kijken. De taak van een universiteit is vooral het verlenen van onderwijs en het doen van wetenschappelijk onderzoek. Maar in de ogen van sommigen stopt het daar niet. Zij zien de universiteiten ook als een soort semipolitieke instellingen, die vermeend onrecht moeten benoemen en bestrijden. Een soort moreel bastion.
Protesten
Die studenten die protesteren tegen samenwerking hebben een sterke mening: alles wat met Israel te maken heeft, dat is onrecht. Dat staat ten dienste van de onderdrukking van Palestijnen en volgens hen geldt dat ook voor Israelische universiteiten. De Israeli’s zijn de agressors, de Palestijnen zijn de slachtoffers. Deze binaire zwart-witte denkwijze is weinig academisch.
Toch zijn de universiteiten gevoelig voor deze denkwijze. De commissie van de EUR stelt bijvoorbeeld dat neutraliteit in deze kwestie toch een politiek keuze is, vanwege de ongelijkheid in het conflict. Daarom wordt er van de Israelische universiteiten meer gevraagd dan van anderen. De adviescommissie van de UvA stelt bijvoorbeeld dat een Israelische universiteit niet voldoende afstand heeft genomen van vermeende mensenrechtenschendingen van Israel.
Een ander argument van de UvA zijn ‘indicaties’ dat niet voor iedereen op de Israelische universiteit vrijheid gegarandeerd kan worden. Opnieuw een stuitende argumentatie. Wat zijn dan die indicaties? Wie is er niet veilig? Tegen dit soort algemeenheden kun je jezelf niet verdedigen. Bovendien geldt dat waarschijnlijk voor elke universiteit ter wereld.
Tekenend
Tekenend voor de hypocrisie is de reactie van de Tilburg University op de eigen website. Het gaat dan om het feit dat de samenwerking zich richt op heel belangrijke onderwerpen: “Er zijn geen aanwijzingen dat onderzoeksprojecten naar vergrijzing en arbeid en non-invasieve methoden voor de screening op darmkanker een risico vormen voor mensenrechten.” We noemen dat een eufemisme. Alsof dit soort onderzoek ook maar iets te maken zou kunnen hebben met mensenrechten. Het is ongekend dat een commissie hier überhaupt onderzoek naar moet doen.
Israelische universiteiten verantwoordelijk
Wat op de achtergrond lijkt mee te spelen is een klassieke tactiek. Men kijkt eerst naar het doel, namelijk het verbreken van banden met Israel. Vervolgens zoekt men hierbij de argumentatie. Maar tegelijkertijd stelden de gezamenlijke universiteiten een grens in een opinieartikel in Trouw vorig jaar. Ze zeiden: we gaan de academische banden niet zomaar verbreken. Dat brengt de universiteiten in een lastig parket.
Nieuwe tactiek
Daarom hebben de universiteiten een nieuwe tactiek: richt commissies op, die de kastanjes uit het vuur kunnen halen en de moeilijke boodschap kunnen brengen. De universiteiten kunnen zich dan hierachter verschuilen. Die commissies braken nu allerlei rapporten uit, waarbij de kwaliteit en de onderbouwing van de beslissingen sterk verschilt.
Maar wie alle adviezen afpelt, komt tot dezelfde conclusie: Israelische universiteiten voldoen aan de hoogste standaarden voor academische vrijheid. Ze zijn overduidelijk niet (rechtstreeks) betrokken bij mensenrechtenschendingen. Als Nederlandse universiteiten werkelijk stellen dat academische vrijheid hoog in het vaandel staat en dat ze hun keuzes in vrijheid willen afwegen zou het hier moeten stoppen. Maar dat is niet zo.
Als Israelische universiteiten willen blijven meedoen moeten ze volgens hun Nederlandse collega’s actief afstand nemen van het beleid van Israel. Ze moeten bewijzen dat ze niet op een of andere manier profiteren van of verbonden zijn aan het Israelische overheidsbeleid. Dat zijn absurde eisen, die niets te maken hebben met de kerntaak van universiteiten. Het is een overduidelijke politisering van het onderwijs. Het is diep triest dat een gedeelte van de universiteiten zich hiervoor laat lenen. En het is de doodsteek voor academische vrijheid.