Kamervragen over goedkeuring hooggerechtshof voor uitzetting van Omar Shakir

Naar aanleiding van de goedkeuring van het Israëlische hooggerechtshof voor de uitzetting van Human Rights Watch-activist Omar Shakir uit Israël, hebben PvdA, SP, GroenLinks en D66 Kamervragen ingediend bij ministers Blok en Kaag.

Vorig jaar besloot de Israëlische minister van Binnenlandse Zaken Aryeh Deri het werkvisum van Shakir niet te verlengen. De directeur van Human Rights Watch (HRW) in Israel en de Palestijnse gebieden had beroep ingesteld tegen de beslissing uit 2018. Shakir ontkent sinds zijn aanstelling als HRW-directeur te hebben opgeroepen tot een boycot van Israel. Eerder werd dit argument al in meerdere bezwaarprocedures, evenals door lagere rechtbanken, van tafel geveegd. Het Hooggerechtshof kwam opnieuw tot de conclusie dat Omar Shakir mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch gebruikt als dekmantel voor zijn radicale boycotactivisme.

Het besluit van het Israëlische hooggerechtshof heeft tot ophef in de Tweede Kamer geleid. Naar aanleiding van de uitspraak, hebben Kirsten van den Hul (PvdA), Sadet Karabulut (SP), Bram van Ojik (GroenLinks), en Sjoerd Sjoerdsma (D66) Kamervragen ingediend bij minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok en minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sigrid Kaag.

De Kamerleden spreken de zorg uit dat maatschappelijke organisaties als gevolg van de rechterlijke uitspraak zich niet langer kritisch zouden durven uit te laten over mensenrechten in Israël. Ze vrezen daarnaast dat NGO’s terughoudender zullen worden “om bedrijven aan te spreken op de wijze waarop zij invulling geven aan internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen (IMVO)”.

Het is niet voor het eerst dat Kamerleden aan de bel trekken over zaak Omar Shakir. In maart werden ook al Kamervragen ingediend, waarin werd gewaarschuwd dat uit een uitzetting van de HRW-activist een “schadelijke precedentwerking uit zou gaan voor al het mensenrechtenwerk in Israël en Palestina”. De parlementariërs spraken hun zorgen uit dat de “bewegingsruimte, democratische vrijheden en veiligheid van mensenrechtenorganisaties en -verdedigers in Israël” steeds verder onder druk zouden komen te staan.

In hun beantwoording destijds lieten ministers Blok en Kaag weten deze zorgen te delen. In een verklaring had de EU – mede namens Nederland zich publiekelijk uitgesproken tegen het uitzettingsbevel van Shakir door de Israëlische minister van Binnenlandse Zaken. “Het kabinet steunt mensenrechtenverdedigers wereldwijd en zou de uitzetting van Omar Shakir betreuren”, aldus Blok en Kaag.

 

2019Z21318

Vragen van de leden Van den Hul (PvdA), Karabulut (SP), Van Ojik (GroenLinks) en Sjoerdsma (D66) aan de ministers voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en van Buitenlandse Zaken over het bericht ‘Israëlisch hooggerechtshof keurt uitzetting HRW-directeur goed’ (ingezonden 6 november 2019)

1
Heeft u kennis genomen van het bericht ‘Israëlisch hooggerechtshof keurt uitzetting HRW-directeur goed’ van 5 november 2019? 1)

2
Wat is uw reactie op dit bericht in vervolg op uw brief van 26 april 2019 (Kamerstuk 32 735 nr. 241)?

3
Welke hoorzittingen hebben medewerkers van de Nederlandse ambassade in Tel Aviv bijgewoond? Welke terugkoppeling heeft u ontvangen over het verloop van de hoorzittingen?

4
Komt dit besluit van het Israëlisch hooggerechtshof voor uw onverwacht? En zo nee, waarom niet? En zo ja, heeft u of gaat u naar aanleiding van deze uitspraak contact opnemen met uw Europese collega’s? En zo ja, met welke inzet? En zo nee, waarom niet?

5
Vormt deze uitspraak voor u aanleiding om de zorgen over de mogelijke uitzetting als gevolg van deze uitspraak, eventueel samen met partners, aan de Israëlische autoriteiten over te brengen? Zo ja, zal dit op hoogambtelijk niveau zijn of neemt u contact op met uw Israëlische ambtsgenoot?

6
Deelt u de zorgen dat als gevolg van deze uitspraak maatschappelijke organisaties, zoals  mensenrechtenverdedigers, ngo’s, Community Based Organisations (CBO’s), sociale bewegingen, vakbonden, religieuze organisaties, belangenverenigingen, diaspora organisaties, media en culturele instellingen welke onmisbaar zijn voor open en vrije samenlevingen, zich niet langer kritisch durven uit te laten over mensenrechten in Israël? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke actie gaat u hierop ondernemen?

7
Deelt u de zorgen dat maatschappelijke organisaties terughoudender worden om bedrijven aan te spreken op de wijze waarop zij invulling geven aan internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen (IMVO) als gevolg van deze uitspraak van het Hooggerechtshof? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke stappen gaat u ondernemen?

8
Wilt u deze vragen zo spoedig mogelijk beantwoorden aangezien Omar Shakir uiterlijk 25 november 2019 Israël zou moeten hebben verlaten?