Tweede man Al Qaida uitgeschakeld in Teheran

IN MIDDEN-OOSTEN / Door: LUUK SMIT / 16 nov 2020 AL QAIDA IRAN ISRAEL VS

Volgens berichten uit de New York Times hebben Israelische undercoveragenten in opdracht van de Verenigde Staten Abdullah Ahmed Abdullah, de tweede man van Al Qaida, in Teheran uitgeschakeld.

Aldus Amerikaanse inlichtingenfunctionarissen is Abdullah op 7 augustus in de straten van Teheran uitgeschakeld door twee agenten vanaf een motorfiets. Naast hem werd ook zijn dochter Miriam geraakt, zij was de weduwe van Hamza bin Laden. Hoewel de Amerikanen de opdracht gaven voor de aanval, waren het Israelische agenten die Abdullah, ook wel bekend als Abu Muhammad al-Masri, uitschakelden. Onduidelijk is wel welke rol de Verenigde Staten en Israel precies speelden, daar waren de functionarissen niet erg duidelijk over, zo schrijft de New York Times. Zowel Abdullah als Miriam zouden aanslagen op Israelische en Joodse doelen in de planning hebben gehad, zo stellen Israëlische media.

Abdullah, geboren in Egypte, trok in de jaren ’80 naar Afghanistan om te vechten tegen de Sovjet-Unie, en sloot zich later aan bij Al Qaida. Als een van de topmannen was hij betrokken bij acties in Soedan, Somalië en de aanslagen op Amerikaanse ambassades in Kenia en Tanzania. Ook aan het begin van de eenentwintigste eeuw was hij betrokken bij de organisatie van terreuraanslagen, waaronder in Kenia. In 2003 zou hij naar Iran gevlucht zijn, waar hij onderdak vond, en beschermd werd door de Revolutionaire Garde en de overheid.

Het is erg opvallend dat een voorman van het fundamentalistisch-soennitische Al Qaida te vinden was in het streng-sjiitische Iran. De twee stromingen van de islam staan elkaar al eeuwen naar het leven en Al Qaida onder meer was betrokken bij aanslagen op sjiieten in Irak.

De aanslag werd door de Iraanse overheid in de doofpot gestopt, zij spraken over de moord op Habib Daoud, een Libanese professor, en zijn dochter Maryam. Volgens Libanese tv-zenders en social media berichten van de Iraanse Revolutionaire Garde was hij een lid van Hezbollah. Hoewel dit bericht plausibel klinkt, er zijn immers eerder Israelische acties tegen leden van Hezbollah en Iraanse kernwetenschappers geweest, klopt het niet. Habib Daoud bestaat namelijk helemaal niet. Libanese bronnen zegden hem niet te kennen, net als een koepel van historici in Iran. Een voormalige leider van de Egyptische Islamitische Jihad stelde tegenover de Saoedische zender Al-Arabiya dat de naam Daoud een Iraanse schuilnaam voor Abdullah was.

Iraanse functionarissen reageerden ferm op het artikel van de New York Times. Een woordvoerder ontkende alle aantijgingen dat leden van Al Qaida te vinden waren in Iran. Ook waarschuwende hij Amerikaanse media dat zij niet in de ‘sprookjes van Hollywood, die bedacht worden door Amerikanen en zionisten’ moeten vallen.  

Iran heeft lang ontkend dat zij leden van Al Qaida in Iran ongemoeid liet, en dat zij zelfs met hem samenwerkte tegen gedeelde vijanden. Hoewel de leiders zich vaak sektarisch uiten, is men pragmatischer in het militaire veld. Samenwerken met soennitische terreurgroepen als Hamas en Islamitische Jihad is geen enkel probleem voor Iran.