Arabisch-Israelische partij Balad eert daders massaslachting Hebron

De Arabisch-Israelische partij Balad heeft afgelopen week op haar officiële Facebookpagina een eerbetoon geplaatst aan de daders van de pogrom in Hebron van 1929. In het bericht worden de moordenaars herdacht als “de martelaren van de al-Buraq revolutie”, de Palestijnse naam voor de massaslachting waarbij 67 leden van de Joodse gemeenschap in Hebron werden vermoord. Volgens Balad was deze “revolutie”, een van de meest bloedige pogroms in het Britse mandaatgebied, onderdeel van de “dappere Palestijnse strijd om de moskeeën op de Tempelberg te redden uit handen van de Joden”.

Dat meldt het Israelische nieuwsblad Makor Risjon. Balad, onderdeel van de Verenigde Arabische Lijst, is met drie zetels vertegenwoordigd in het Israelische parlement. Ook een andere partij binnen de Verenigde Lijst, Hadasj, eerde de moordenaars en riep aanhangers op om de graven van de “heilige martelaren” te bezoeken.

Bloedbad

De Arabische bewoners van Hebron werden op 23 augustus 1929 opgezweept door valse geruchten uit Jeruzalem. Volgens de geruchten zouden Joden in Jeruzalem hebben geprobeerd om de Tempelberg in bezit te nemen en daarbij de profeet Mohammed hebben vervloekt. Nog diezelfde middag vlogen er stenen door de ruiten van Joodse huizen. Ook een Joodse school was een doelwit: een student die het gebouw probeerde te ontvluchten, werd doodgestoken door de Arabische menigte. De volgende dag volgde een massale pogrom, waarbij vrouwen en kinderen niet werden gespaard. Het bloedbad duurde de hele dag. Van de ruim 550 Joodse inwoners van Hebron werden er 67 omgebracht. Nog eens 60 anderen raakten gewond.

Na de gebeurtenissen van augustus 1929 werd het restant van de Joodse gemeenschap geëvacueerd, waarmee (totdat Israel terugkeerde in 1968) een einde kwam aan de aanwezigheid van de eeuwenoude Joodse gemeenschap in Hebron. De pogrom was een schok voor de volledige Joodse gemeenschap in het mandaatgebied Palestina, evenals voor het Britse bestuur. Voor de Joodse gemeenschap was het bloedbad een bewijs dat het verzet van Arabieren tegen het zionisme een uitlaatklep vond in antisemitisch geweld. Joden wier families altijd in relatieve rust hadden samengewoond met hun Arabische buren, werden van de ene op de andere dag door diezelfde buren op brute wijze vermoord.

‘Helden en martelaren’

Ook in andere steden en dorpen werden in deze periode Joden vermoord: in totaal vonden meer dan 100 Joden de dood tussen 23 en 26 augustus. Na deze moordpartijen werden 27 Arabieren door de Britse autoriteiten ter dood veroordeeld voor hun aandeel in de pogroms. Uiteindelijk werden veel van deze straffen echter omgezet in levenslang. Alleen de drie ergste moordenaars werden ook daadwerkelijk geëxecuteerd. Dit gebeurde op 17 juni 1930, op wat sindsdien door Palestijnse Arabieren ‘Rode Dinsdag’ wordt genoemd. Deze koelbloedige moordenaars – Muhammad Jamjoum, Ataa Al-Zir en Fuad Hijazi – werden afgelopen week geëerd door de Arabisch-Israelische politieke partij Balad.

De politieke partij, die als onderdeel van de Verenigde Arabische Lijst in de Knesset zit, draait de gebeurtenissen bovendien totaal om. De moordpartij zou volgens het Facebookbericht van Balad slechts deel zijn geweest van de “dappere Palestijnse strijd om de moskeeën op de Tempelberg te redden uit handen van de Joden”. Ook zouden er “honderden Palestijnen” zijn vermoord en “slechts zestig zionisten”. De partij besluit het bericht met de waarschuwing dat de herinnering aan deze “helden en martelaren” in de harten van Palestijnen gegrift zal blijven tijdens de “lange weg naar de Palestijnse bevrijding”.

Verheerlijken van terrorisme

Balad is een omstreden antizionistische seculier-Arabische fractie, die al verscheidene keren in het nieuws kwam vanwege het verheerlijken van terrorisme. Om deze reden werd Balad-kandidaat Hiba Yazbak in eerste instantie uitgesloten van deelname aan de verkiezingen van 2020. Het Hooggerechtshof maakte deze beslissing echter ongedaan. Basel Ghattas, (inmiddels voormalig) parlementslid voor Balad, werd in 2017 al veroordeeld voor het smokkelen van enveloppen met geld naar Palestijnse gevangenen in Israelische gevangenissen.

Balad was overigens niet de enige partij die aandacht schonk aan Rode Dinsdag. Eerder rouwde de communistische partij Hadasj, net als Balad onderdeel van de Arabische Lijst, ook al om de drie moordenaars –  zo meldt Makor Risjon. In 2016 bezochten aanhangers van de partij, onder leiding van een Knessetlid, hun graven. Jamjoum, Al-Zir en Hijazi werden toen door Hadasj “heilige martelaren” genoemd. Ook droegen partijactivisten t-shirts met hun foto’s.

In 2009 publiceerde CIDI een uitgebreid artikel over de pogrom in Hebron, inclusief een ooggetuigenverslag van de Nederlands-Canadese journalist Pierre van Paassen. Lees het hier →