Kamervragen over zoveelste aanval op koosjer restaurant Hacarmel

Naar aanleiding van de aanval op koosjer restaurant Hacarmel in Amsterdam afgelopen vrijdag, hebben Dilan Yesilgöz-Zegerius (VVD) en Stieneke van der Graaf (CU) Kamervragen ingediend bij minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus.

Vrijdag was Hacarmel opnieuw doelwit van een aanval. Een ruit was ingegooid en een Israëlische vlag was door het gat in het raam getrokken, waarmee een poging tot brandstichting is gedaan. De door de politie aangehouden verdachte is dezelfde persoon als de dader van de aanval in 2017. Toen sloeg de Syrische statushouder Saleh A. de ruiten van het koosjere restaurant ook al in. Maandag is bekend geworden dat de verdachte langer vast blijft zitten en verdacht wordt van vernieling en brandstichting.

Naar aanleiding van de zoveelste aanval op de Joodse eetgelegenheid, hebben Yesilgöz-Zegerius (VVD) en Van der Graaf (CU) Kamervragen ingediend. De Kamerleden willen van minister Grapperhaus weten of hij de mening deelt dat “hier duidelijk sprake is van een antisemitisch motief”. Toen Saleh A. werd veroordeeld voor de aanval in 2017, werd antisemitisme hem niet ten laste gelegd en werd hij alleen voor vernieling veroordeeld. 

Yesilgöz en Van der Graaf stellen dat het “ontzettend belangrijk is voor het veiligheidsgevoel van Amsterdammers, en daarbij de Joodse gemeenschap in het bijzonder, om het kwaad te benoemen voor wat het is en daarop vervolgens adequaat te handelen”. De Kamerleden willen dan ook van minister Grapperhaus weten hoe hij hiervoor gaat zorgen. De parlementariërs van VVD en CU wijzen de minister erop dat hij had beloofd dat er maatregelen genomen zouden worden om “op een juiste manier opvolging te geven aan aanwijzingen, meldingen en aangiftes met een antisemitisch karakter”. 

De Kamerleden sluiten hun vragen af met de stelling dat “antisemitisme nooit normaal mag worden gevonden”. Yesilgöz en Van der Graaf betogen dat de samenleving en de overheid de verantwoordelijkheid hebben om hard op te treden tegen antisemitisme, en vragen aan minister Grapperhaus op welke concrete manier hij dit gaat doen.

 

2020Z08572

(ingezonden 13 mei 2020)

Vragen van de leden Yesilgöz-Zegerius (VVD) en Van der Graaf (ChristenUnie) aan de minister van Justitie en Veiligheid over het bericht ‘Ruit ingeslagen bij restaurant HaCarmel: ‘Het begint bijna gewoon te worden’’.

1) Bent u bekend met het bericht ‘Restaurant HaCarmel vernield door zelfde verdachte als in 2017′? 1)

2) Hoe vaak heeft dit restaurant nu te maken gehad met belaging, vernieling, verdachte pakketjes, besmeuring of een andere manier van vandalisme en intimidatie met antisemitisch motief? Wanneer was er hier volgens de politie sprake van een antisemitisch motief? Kunt u een overzicht hiervan geven?

3) Klopt het dat de aangehouden persoon voor deze recente belaging dezelfde persoon is die de ruiten van HaCarmel eind 2017 ook insloeg? Hoe vaak is de betrokkene, Saleh A., inmiddels veroordeeld en waarvoor? 

4) Hoe wordt het recidivegevaar beoordeeld bij de betrokkene en op welke wijze wordt hierop gehandeld?

5) Klopt het dat Saleh A. een gebiedsverbod heeft van 100 meter rondom restaurant HaCarmel? Zo ja, hoe heeft de politie hierop gehandhaafd?

6)  Is u bekend dat een aantal weken geleden de woorden ‘find Jew’ met zwarte marker op de deurpost van restaurant HaCarmel zijn geschreven? Is hier opvolging aan gegeven door de politie of het openbaar ministerie (OM)? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet? 

7) Deelt u de mening dat hier duidelijk sprake is van een antisemitisch motief? Deelt u de mening dat het ontzettend belangrijk is voor het veiligheidsgevoel van Amsterdammers, en daarbij de Joodse gemeenschap in het bijzonder, om het kwaad te benoemen voor wat het is en daarop vervolgens adequaat te handelen? Zo ja, hoe gaat u hiervoor zorgen? Zo nee, waarom niet? 

8) Op welke manier heeft u uitvoering gegeven aan de belofte gedaan in de antwoorden op eerder gestelde schriftelijke vragen, waarbij er maatregelen zouden worden genomen om op een juiste manier opvolging te geven aan aanwijzingen, meldingen en aangiftes met een antisemitisch karakter? 2)

9) Herinnert u zich dat u in de beantwoording van deze eerder gestelde schriftelijke vragen heeft aangegeven dat de afhandeling van antisemitische incidenten op de agenda staat van uw overleggen met het OM en de politie? Op welke manier heeft u hier sinds de beantwoording van deze schriftelijke vragen aandacht aan besteed? Bent u van mening dat de huidige aanpak van antisemitische incidenten afdoende is? Zo nee, hoe gaat u deze aanpak intensiveren?

10) Heeft u kennisgenomen van het feit dat de constante antisemitische vernielingen en bedreiging bijna ‘gewoon’ beginnen te worden voor de familie van restaurant HaCarmel? Deelt u de mening dat antisemitisme nooit normaal mag worden gevonden en dat we als samenleving en overheid de verantwoordelijkheid hebben om hier hard tegen op te treden? Zo ja, op welke concrete manier gaat u dat doen?

1) Het Parool, 8 mei 2020, “Restaurant HaCarmel vernield door zelfde verdachte als in 2017”, https://www.parool.nl/amsterdam/restaurant-hacarmel-vernield-door-zelfde-verdachte-als-in-2017~b4424db7/
2) Vergaderjaar 2019-2020, Aanhangsel handelingen, nr. 2501