Kamer neemt motie aan voor heldere afspraken met Iran

De Tweede Kamer heeft een motie aangenomen die de regering verzoekt in Europees verband te streven naar heldere afspraken met Iran over het niet uitbreiden van diens ballistische raketprogramma, over het niet langer financieren van terroristische organisaties en over de nucleaire non-proliferatie.

Eén van de aanleidingen voor het indienen van motie 23432-468 is de Amerikaanse terugtrekking uit het JCPOA-akkoord met Iran. Sindsdien onderhandelen de andere ondertekenaars van de overeenkomst – Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Rusland, China en de EU – met de Islamitische Republiek om te voorkomen dat de deal in duigen valt. Voor de EU is het vooral van belang om haar economische investeringen te waarborgen.

Deze onderhandelingen zijn de perfecte gelegenheid om ook afspraken over andere zorgwekkende kwesties met Iran te maken, zullen de indieners van de motie hebben gedacht. De Islamitische Republiek is immers de grootste destabiliserende factor in het Midden-Oosten.

Zo financiert het Iraanse regime verschillende terreurbewegingen verspreid over de regio. Onder andere Hamas en Islamitische Jihad in de Gazastrook, Hezbollah in Libanon, de Houthi’s in Jemen, en verschillende milities in Syrië en Irak ontvangen geld en wapens uit Teheran.

Daarnaast ontwikkelt de Iraanse Revolutionaire Garde op grote schaal ballistische raketten. Deze raketten kunnen ook uitgerust worden met een non-conventionele kop, en kunnen zo als chemisch of nucleair wapen gebruikt worden. Iran gaat onverminderd door met het uitbreiden van haar raketarsenaal en beweert dat de wapens alleen voor defensieve doeleinden zijn bedoeld.

Daarom wordt in de motie verzocht om in Europees verband te streven naar heldere afspraken met Iran. Er zouden ook afspraken gemaakt moeten worden over de nucleaire non-proliferatie nadat het JCPOA-akkoord afloopt. Zo moet voorkomen worden dat Iran – ook nadat de nucleaire overeenkomst verstrijkt – een kernwapen in handen krijgt.

Nederland deelt eerdergenoemde zorgen. In een verslag over een ministeriële EU-raad die op 28 mei plaats vond, geeft minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok aan Nederland – samen met andere lidstaten – zorgen heeft uitgesproken over de destabiliserende rol van Iran, haar ballistische raketprogramma en de mensenrechtensituatie in het land. 

Motie 23432-468 kon op brede steun in de Kamer rekenen. Voor de stemming was de indiening ervan naast door SGP ook door VVD, CDA, D66 en 50PLUS ondertekend. Naast deze partijen stemden ook SP, PvdA, GroenLinks, PvdD en CU voor de motie. Alleen DENK, FvD en PVV stemden tegen.

EU blijft achter in sancties tegen Iraanse Revolutionaire Garde
Eerder had VVD-Kamerlid Han ten Broeke al Kamervragen gesteld aan de minister van Buitenlandse Zaken over het sanctioneren van leden van de Iraanse Revolutionaire Garde die meewerken aan het ballistische raketprogramma. Aanleiding voor de vragen was het besluit van de VS om tegen vijf Iraniërs sancties in te stellen nadat het Amerikaanse ministerie van Financiën had vastgesteld dat de individuen in kwestie betrokken waren bij het leveren van rakettechnologie aan rebellen in Jemen. 

In zijn beantwoording laat minister Stef Blok weten dat de vijf Iraniërs niet op een Europese sanctielijst staan, daar de EU een eigen afweging maakt. De bewindsman op Buitenlandse Zaken zegt toe zich in samenwerking met Europese partners in te zetten “om te bekijken wat de beste combinatie van drukmiddelen is tegen personen die betrokken zijn bij het ontwikkelen en verspreiden van ballistische rakettechnologie.”

Conferentie over massavernietigingswapenvrije zone afgewezen
Een andere motie haalde vandaag geen meerderheid. De motie ingediend door SP, GroenLinks en PvdA die oproept tot een internationale conferentie voor een massavernietigingswapenvrije zone in het Midden-Oosten, kreeg alleen steun van de indienende partijen en PvdD en DENK. De rest van de Kamer stemde tegen.