Zijlstra verdedigt Nederlands stembedrag bij de VN m.b.t. Israel

Minister Zijlstra, secretaris-generaal van de VN Guterres en minister Kaag. Bron: Ministerie van Buitenlandse Zaken / Flickr.

Volgens minister van Buitenlandse Zaken Halbe Zijlstra stemt Nederland niet voor resoluties die “overduidelijk disproportioneel kritisch zijn jegens landen”. Dat laat hij weten in antwoord op Kamervragen over het Nederlandse stemgedrag over VN-resoluties met betrekking tot Israel.

Naar aanleiding van een aantal VN-resoluties die Israel veroordelen en het Nederlandse stemgedrag daarbij, hadden een aantal Kamerleden schriftelijke vragen aan minister van Buitenlandse Zaken Halbe Zijlstra gesteld. De vragen komen van Joël Voordewind (CU), Han ten Broeke (VVD) en Martijn van Helvert (CDA). Kees van der Staaij (SGP) had op eigen initiatief ook vragen ingediend.

In de antwoorden laat minister Zijlstra weten dat het Kabinet elk voorgesteld besluit “op zijn merites” beoordeelt. Als één van de uitgangspunten hierbij wordt het EU-beleid genoemd. Volgens de VVD-bewindsman zet het Kabinet in onderhandelingen in op EU-eensgezindheid, “om de invloed van de EU zo groot mogelijk te maken”. “Een keuze om niet in EU-verband te opereren zou de beïnvloedingsmogelijkheden van Nederland op de inhoud van voorgestelde resoluties, de evenwichtige positie van Nederland richting beide partijen en het gezamenlijk optreden van de EU ondermijnen,” aldus Zijlstra.

Van der Staaij vroeg zich af waarom Nederland voor een VN-resolutie heeft gestemd die Israels soevereiniteit over Jeruzalem ontkent. Minister Zijlstra laat weten dat alle EU-lidstaten voor resolutie A/72/L.11 hebben gestemd. Volgens de VVD-bewindsman is de resolutie in lijn met resolutie 478 uit 1980. Als toelichting schrijft hij: “Die VNVR-resolutie werd destijds aangenomen, nadat het Israëlische parlement een zogenaamde ‘basic law’ had goedgekeurd die bepaalde dat Jeruzalem de ondeelbare hoofdstad van Israël is. Het standpunt van de EU, zoals vastgelegd in Raadsconclusies, is om geen wijzigingen van de grenzen van 1967, inclusief met betrekking tot Jeruzalem, te accepteren tenzij overeengekomen tussen de partijen.” Het niet steunen van resolutie A/72/L.11 is volgens zowel het Kabinet als de EU niet in overeenstemming met internationaal recht, aldus Zijlstra.

De Kamerleden wilden weten of het Nederlandse stemgedrag wel in lijn is met de aangenomen motie tegen anti-Israel obsessie bij de VN. Deze motie roept het Kabinet op stelling te nemen tegen lidstaten die een disproportionele anti-Israel agenda hanteren bij VN-organisaties. Tevens wordt de regering opgeroepen anti-Israel resoluties af te wijzen, zoals het in het verleden ook al deed.

Minister Zijlstra stelt dat de EU – op aandringen van Nederland – met betrekking tot resolutie A/72/L.11 had aangedrongen om in de tekst het belang van de heilige plaatsen voor de drie monotheïstische religies, dus ook het jodendom, te bevestigen. Hierbij is volgens de minister aangegeven dat bij toekomstige resoluties de formulering van invloed kan zijn op de gezamenlijke EU-steun. 

Daarnaast is de Nederlandse inzet volgens Zijlstra “erop gericht om disproportionele aandacht voor een land binnen de VN tegen te gaan”. Als voorbeeld noemt de VVD-bewindsman dat het Kabinet de Palestijnse Autoriteit aanspreekt “op disproportionele aandacht in VN-fora voor de situatie in de door Israël bezette gebieden”.

In die gevallen waarbij het kabinet van mening is dat “voorgestelde resoluties overduidelijk disproportioneel kritisch zijn jegens landen, zal de inzet op een tegenstem gericht zijn”, aldus de minister. Volgens Zijlstra “kan het voorkomen dat door deze inzet en gezamenlijk EU-optreden de teksten zodanig aangepast worden dat dit leidt tot aangepast stemgedrag”.

Van der Staaij had aan de bewindsman gevraagd om een overzicht van alle VN-resoluties in het jaar 2017 die betrekking hadden op Israel, en wat daarbij het Nederlandse stemgedrag was. Lees hieronder het antwoord van minister Zijlstra:

In de Mensenrechtenraad (MRR), UNESCO, de World Health Organisation (WHO), de AVVN en de Economische en Sociale Raad van de VN (ECOSOC) werden in 2017 resoluties aangenomen die betrekking hadden op de situatie in de door Israël sinds 1967 bezette gebieden. Overigens eindigt het tijdelijk lidmaatschap van Nederland van de MRR per 31 december 2017. Het tijdelijk lidmaatschap van Nederland van de Uitvoerende Raad van UNESCO is per 14 november 2017 geëindigd.

Bij de 34e sessie van de MRR in maart jl. betrof het de volgende resoluties en stemposities van Nederland:
– Israeli settlements in the Occupied Palestinian Territory, including East-Jerusalem, and in the occupied Syrian Golan: voorstem, inclusief gezamenlijke stemverklaring met Duitsland. In deze stemverklaring worden onder meer zorgen geuit over pogingen om nieuwe bepalingen over handel met nederzettingen op te nemen in de resolutie en wordt krachtig benadrukt dat niet alleen nederzettingen, maar ook geweld, terrorisme en haatzaaien grote bedreigingen vormen voor het bewerkstelligen van een twee-statenoplossing.
– Ensuring accountability and justice for all violations of international law in the Occupied Palestinian Territory, including East-Jerusalem: onthouding, inclusief gezamenlijke stemverklaring met Duitsland. In de stemverklaring wordt onder meer wederom ons standpunt benadrukt dat de mensenrechtensituatie in door Israël bezet gebied thuishoort onder agendapunt 4 van de MRR, waar ook andere landensituaties worden behandeld.
– Human rights situation in the Occupied Palestinian Territory, including East-Jerusalem: voorstem.
– Right of the Palestinian people to self-determination: voorstem.
– Human rights in the Occupied Syrian Golan: onthouding, inclusief EU-stemverklaring. In de stemverklaring wordt helder aangeven dat deze resolutie niet meer in verhouding staat tot de gewijzigde realiteit in de regio. De EU geeft voorts aan dat er niet is onderhandeld, omdat tekstvoorstellen van de EU in het verleden steeds zijn genegeerd. De EU roept de Organisation of Islamic Cooperation, die onderhandelingen over deze resolutie leidt, op om in de toekomst constructiever te onderhandelen.

Bij de Uitvoerende Raad van UNESCO, die tweemaal per jaar plaatsvindt, betrof het twee besluiten onder de respectievelijke agendapunten Occupied Palestine en Educational and cultural institutions in the occupied Arab territories. Bij de Uitvoerende Raad in het voorjaar stemde Nederland tegen het besluit onder het agendapunt Occupied Palestine. In de gezamenlijke stemverklaring met Duitsland, Litouwen en Griekenland werd onder meer opgeroepen om tot een technisch besluit te komen. Nederland stemde voor het besluit over Educational and cultural institutions in the occupied Arab territories. Bij de Uitvoerende Raad in het najaar werd bij consensus bepaald dat de beide besluiten zouden worden doorgeschoven naar de volgende Uitvoerende Raad in het voorjaar van 2018. Bij de jaarlijkse Algemene Vergadering van UNESCO in november jl. werden twee besluiten over Jerusalem en Educational and cultural institutions in the occupied Arab territories met consensus aangenomen. In het Werelderfgoedcomité van UNESCO werd in juli jl. een besluit over Jeruzalem aangenomen, alsmede een besluit om de oude stad van Hebron via een spoedprocedure op de Werelderfgoedlijst te plaatsen aangenomen. Nederland is momenteel geen lid van dit comité. Het kabinet verwijst tevens naar de beantwoording van Kamervragen van 27 juli 2017 over het besluit van Unesco over de Oude Stad van Hebron (kenmerk 2017D22033).

Bij de jaarlijkse World Health Assembly in mei 2017 werd een besluit aangenomen over Health conditions in the occupied Palestinian territory, including East-Jerusalem, and in the occupied Syrian Golan. Nederland stemde voor dit besluit, inclusief een gezamenlijke stemverklaring met Duitsland, Oostenrijk, Cyprus, Tsjechië, Denemarken, Estland, Finland, Griekenland, Italië, Litouwen, Noorwegen, Polen en Slowakije. In de stemverklaring werd benadrukt dat WHO-besluiten van technische aard zouden moeten zijn, en dat de tekst in dat opzicht is verbeterd ten opzicht van eerdere jaren. Voorts worden Israël en de Palestijnen opgeroepen om constructief met elkaar samen te werken teneinde in de toekomst consensus te bereiken.

In de AVVN in november 2017 betrof het de volgende resoluties en stemposities:
– Situation in the Middle-East: Jerusalem (plenair): voorstem, inclusief EU-stemverklaring (zie tevens het antwoord op vragen 3 en 5).
– Situation in the Middle-East: The Syrian Golan (plenair): onthouding.
– Committee on the Exercise of the Inalienable Rights of the Palestinian People (plenair): onthouding.
– Division for Palestinian Rights of the Secretariat (plenair): onthouding.
– pecial information programma of the Department of Public Information (plenair): voorstem.
– Peaceful settlement of the question of Palestine (plenair): voorstem.
– Assistance to Palestine refugees (via Vierde Commissie): voorstem.
– Persons displaced as a result of the June 1967 and subsequent hostilities (via Vierde Commissie): voorstem.
– Operations of the UNRWA for Palestine Refugees in Near East (via Vierde Commissie): voorstem.
– Palestine refugees’ properties and their revenues (via Vierde Commissie): voorstem.
– Work of the Special Committee to investigate Israeli Practices Affecting the Human Rights of the Palestinian People and Other Arabs of the Occupied Territories (via Vierde Commissie): onthouding.
– Applicability of the Geneva Convention relative to the Protection of Civilian Persons in Time of War, of 12 August 1949, to the Occupied Palestinian Territory, including East-Jerusalem (via Vierde Commissie): voorstem.
– Israeli settlements in the Occupied Palestinian Territory, including East Jerusalem, and the Occupied Syrian Golan (via Vierde Commissie): voorstem.
– Israeli practices affecting the human rights of the Palestinian people in the Occupied Palestinian Territory, including East-Jerusalem (via Vierde Commissie): voorstem.
– The occupied Syrian Golan (via Vierde Commissie): voorstem.
– Permanent Sovereignty of the Palestinian People in the Occupied Palestinian Territory, including East-Jerusalem, and of the Arab population in the Occupied Syrian Golan over their natural resources (via Tweede Commissie): voorstem.
– The right of the Palestinian people to self-determination (via Derde Commissie): voorstem.
– Assistance to the Palestine People (plenair): consensus.

In een EU-stemverklaring bij de bovengenoemde resoluties Peaceful settlement of the question of Palestine, Work of the Special Committee to investigate Israeli Practices Affecting the Human Rights of the Palestinian People and Other Arabs of the Occupied Territories en Permanent Sovereignty of the Palestinian People in the Occupied Palestinian Territory, including East-Jerusalem, and of the Arab population in the Occupied Syrian Golan over their natural resources heeft de EU met name duidelijk gemaakt dat zij zich niet uitspreekt over de juridische kwalificatie van enkele termen in de resolutie. Ook heeft de EU de noodzaak benadrukt om in de formulering het belang van de heilige plaatsen voor de drie monotheïstische religies te benadrukken, in lijn met de stemverklaring bij de resolutie Situation in the Middle-East: Jerusalem.

Naar aanleiding van de bekendmaking door de Amerikaanse president Trump dat de Verenigde Staten voortaan Jeruzalem erkent als hoofdstad van Israël, en zijn aankondiging dat de Amerikaanse ambassade zal worden verplaatst van Tel Aviv naar Jeruzalem, werd op 21 december jl. tijdens een speciale bijeenkomst van de AVVN een resolutie aangenomen over de status van Jeruzalem. Nederland stemde voor deze resolutie. Voor een toelichting verwijst het kabinet naar de Kamerbrief over het Amerikaanse besluit om Jeruzalem als hoofdstad van Israël te erkennen van 9 januari 2018.

In ECOSOC is in juli jl. een resolutie aangenomen, getiteld Economic and social repercussions of the Israeli occupation on the living conditions of the Palestinian people in the Occupied Palestinian Territory, including East Jerusalem, and the Arab population in the occupied Syrian Golan. Nederland is momenteel geen lid van ECOSOC. Wel heeft Nederland deelgenomen aan EU-coördinatieoverleg, op grond waarvan de EU-lidstaten die momenteel lid zijn van ECOSOC voor de resolutie hebben gestemd. In de Commission on the Status of Women, die onder ECOSOC valt, is in maart jl. een resolutie aangenomen met als titel Situation of and Assistance to Palestinian women. Nederland is momenteel geen lid van deze commissie. Op grond van EU-coördinatieoverleg hebben de EU-lidstaten die momenteel zitting hebben in deze commissie zich onthouden van stemming op deze resolutie. In de EU-stemverklaring is benadrukt dat de EU van mening is dat de onderwerpen in de resolutie in AVVN-kader behandeld zouden moeten worden en dat de EU constructief met de Palestijnen wil samenwerken om deze resolutie uit te faseren.