Deze populaire generaal strijdt nu tegen Netanyahu: portret van Gabi Ashkenazi

IN ISRAEL / Door: PAUL VAN DER BAS / 13 sep 2019 #ISRAELKIESTOPNIEUW

De voormalige legerchef Gabi Ashkenazi is nu politicus voor oppositiepartij Kahol-Lavan. Zijn ambitie: een regering zonder Netanyahu.

Maar liefst vier voormalige opperbevelhebbers van het Israelische leger nemen het dinsdag in de Israelische verkiezingen op tegen premier Netanyahu. Drie van hen – Benny Gantz, Moshe Ya’alon en Gabi Ashkenazi – staan op de lijst van Kahol-Lavan (“Blauw-Wit”). Gantz als lijsttrekker, Ya’alon op nummer drie en Ashkenazi op plek vier. De tweede plek wordt ingevuld door de voormalige televisiepresentator Yaïr Lapid, voorman van de progressief-seculiere midddenpartij Yesh Atid.

Gabi Ashkenazi als legerchef

Populaire generaal 
Gantz en Ashkenazi zijn nieuw in de politiek en deden bij de afgelopen verkiezingen (in april) voor het eerst mee. Ze kennen elkaar goed: Ashkenazi was stafchef van het IDF van 2007 tot 2011, Gantz was zijn directe opvolger van 2011 tot 2015. Gabi Ashkenazi geniet veel respect in Israel: hij is een graag geziene gast bij bijeenkomsten in heel het land. Vorig jaar sprak hij op de jaarlijkse conferentie van de Jerusalem Post, te zien in deze Engelstalige video.

 

Verbindende factor
Zijn populariteit was ook de reden dat Ashkenazi begin 2019 werd getipt als troef voor de nieuwe partij van Gantz. Hij bleef hameren op een samenwerkingsverband met meerdere partijen om een serieus blok tegen Netanyahu te vormen. Ashkenazi was dus de drijvende kracht achter het ontstaan van de lijst Kahol-Lavan – een alliantie van Gantz’ nieuwe partij Chosen LeYisrael, het eveneens nieuwe Telem (van Moshe Ya’alon) en de progressieve middenpartij Yesh Atid, die al sinds 2012 bestaat. Hun voorman Yaïr Lapid staat op de tweede plek, onder nieuwkomer Gantz. Ook hij zag in dat Netanyahu alleen kan worden verslagen als diens Likoed niet de grootste partij wordt, en ging dus akkoord met de fusie. Het samenwerkingsverband is vernoemd naar de kleuren van de Israelische vlag: blauw, kahol, en wit, lavan.

Indrukwekkende militaire prestaties, maar geen fan van geweld
Gabi Ashkenazi werd in 1954 geboren in Israel als zoon van een Bulgaarse overlevende van de Holocaust en een Syrisch-Joodse moeder. In het leger ontving hij meerdere onderscheidingen en ook als opperbevelhebber heeft hij indrukwekkende wapenfeiten op zijn conto: zo werd in 2007, onder Ashkenazi’s bevel, de nucleaire reactor in Syrië verwoest door een Israelisch luchtbombardement. De reactor, gebouwd door Noord-Korea, was bedoeld voor het produceren van kernwapens. Ook vond er een oorlog met Hamas in Gaza plaats tijdens Ashkenazi’s commando: operatie Cast Lead. In 2012 werd de generaal aangeklaagd en bij verstek veroordeeld in Turkije vanwege zijn betrokkenheid van het tegenhouden van de Mavi Marmara. Het Turkse schip was onderdeel van een “hulpkonvooi” dat zonder toestemming van Israel naar Gaza wilde varen, waarop Israel het schip enterde. In 2016 werd de zaak geseponeerd. Het motto van de opperbevelhebber was in heel Israel bekend: “Het leger doet twee dingen: óf het voert een oorlog, óf het bereidt zich voor op een oorlog.”. Dat betekent niet dat Ashkenazi een liefhebber is van geweld. Sterker nog, hij benadrukte altijd het belang van het oorlogsrecht en de rules of engagement jegens zijn ondergeschikten. Militaire macht is iets om zeer zorgvuldig en voorzichtig mee om te gaan, volgens de generaal: “Ik maak me zorgen over het feit dat wij ons bij gevechten dingen permitteren die in andere omstandigheden niet kunnen”. Het Israelische leger houdt zich aan de hoogste standaarden, zei Ashkenazi in 2009: “We zullen nooit onze normen en waarden aanpassen aan die van onze vijanden en zullen altijd trouw blijven aan de waarden en het erfgoed van onze natie”

Gabi Ashkenazi tijdens een bezoek aan het Pentagon. (DoD photo by Mass Communication Specialist 1st Class Chad J. McNeeley/Released)

Een toegankelijk leger voor religieuzen

Gabi Ashkenazi werd als stafchef ook geprezen vanwege zijn inzet om orthodoxe mannen te integreren in het leger. De dienstplicht voor ultraorthodoxe jongemannen is al jaren een heikel thema in de Israelische politiek. Yeshiva-studenten, die dag in dag uit de Joodse geschriften leren in een leerhuis, zijn namelijk vrijgesteld van de dienstplicht. Tot ergernis van veel Israeli’s die wél verplicht twee jaar (voor vrouwen) of drie jaar (voor mannen) in het leger moeten dienen. Aan die politieke kwestie kon Ashkenazi als generaal weinig veranderen, maar hij kon er wel voor zorgen dat het leger een meer toegankelijke plek zou worden voor streng-religieuze Joden. Zij moesten in het leger kunnen dienen zonder concessies te doen aan hun strikte leefregels met betrekking tot, bijvoorbeeld, kosher eten.

Coëxistentie
Ashkenazi’s uitgangspunt als legerbaas was dat er ruimte en respect moest zijn voor zowel religieuzen als seculieren. Diezelfde opvatting vertaalt hij naar de maatschappij als geheel: in interviews is hij een duidelijke voorstander van coëxistentie tussen religieus en seculier. Voor beide groepen moet ruimte zijn, en volgens Ashkenazi moet openbaar vervoer op de shabbat dan ook worden toegestaan voor degenen die daar behoefte aan hebben. Zo’n voorstel is overigens wel een verandering in de status quo, en schiet bij religieuze partijen in het verkeerde keelgat. Ook met de Arabische inwoners van Israel wil Ashkenazi bruggen slaan. Zijn insteek is optimistisch, zo prijst hij de steeds grotere deelname van Arabische Israeli’s in het leger.

Iedereen moet bijdragen
Ashkenazi ziet het liefst dat iedereen de dienstplicht (militair óf maatschappelijk) vervult. Hij sprak er al over in 2012, toen hij net was afgezwaaid als opperbevelhebber: “Iedereen in Israel moet bijdragen aan de samenleving. Het is niet een vraag van vóórof tegen, al helemaal geen kwestie van anti-Arabisch of anti-religieus zijn. Ik vind dat iedereen die in het leger dient, respect verdient en ik vind ook dat iederéén dit moet doen. Het is niet alleen een veiligheidskwestie, maar ook een zaak van maatschappelijk belang. Ik wil leven in een samenleving waar iedereen zijn bijdrage aan de staat levert. Dat is een onderdeel van het contract tussen een burger en zijn land.”.

Netanyahu moet weg
Maar de primaire boodschap van Kahol-Lavan – en van Ashkenazi is dat Netanyahu moet vertrekken. De premier wordt aangeklaagd wegens corruptie en geldt voor steeds meer Israeli’s als een leider die de samenleving polariseert, in plaats van verbindt. Ashkenazi benoemde dat ook in zijn maiden speech in de Knesset eerder dit jaar: “Niemand is boven de wet, ook een premier niet” zei hij. Hij benadrukte dat Israel niet alleen gevaar loopt van buitenaf maar juist ook van binnenuit. “De echte dreiging voor onze staat is de interne. Het karakter, de vorm, de eenheid en sociale veerkracht van onze samenleving. Dit is de echte uitdaging waarvoor wij met zijn allen staan”.